artikel

Blog: Gerommel in de straat

infra Premium

Over rond en vierkant in de openbare ruimte heeft Jan Knol van CROW een rake beschouwing geschreven. De projectmanager Aanbesteden en Contracteren van het kennisplatform stelt vast dat het vaak niet past: de fundering van allerhande straatmeubilair in het plaveisel. Oftewel, waar het in de praktijk op neerkomt: een ronde paal past nooit in een vierkante tegel.

Het gevolg: ronduit rommelige aanblikken op straat. Wie er oog voor heeft, zal het meteen opvallen: brede voegen, scheef liggende en afgekapte stenen en tegels in vaak ook nog verschillende maten en kleuren. Om de boel maar enigszins passend te krijgen. Op veel plekken heeft dat heel veel tijd gekost. Daar is met liefde aan de straat gewerkt, dat zie je meteen.

Maar het gepuzzel op de vierkante decimeter leidt meestal niet tot een echt mooie afwerking, ook omdat het onkruid al snel de paal omhelst. En aangezien dit nu eenmaal onvoldoende steun geeft, heeft de paal ook nog eens de neiging snel scheef te zakken.

 

Creatief mozaïek rond een ronde paal.

 

Ze bestaan wel degelijk, passtukken voor lantaarnpalen. Al was het daarna weel weer passen en meten met de klinkers.

 

Een anti-parkeerpaaltje netjes in een passteen, maar een paar meter verderop was er toch weer een probleem.

 

Een andere ronde vorm in het straatwerk, met een geheel eigen problematiek en vooral ook dynamiek.

Knol verbaast zich er in zijn blog terecht over. Hij constateert een ‘mismatch’ tussen twee sectoren die kennelijk niet of niet goed genoeg met elkaar communiceren: de bestratingsbranche en de producenten van straatmeubilair. Wat is het belangrijkste struikelblok, vraagt hij zich af.

De inrichting van de openbare ruimte zou op zijn minst misschien wel een gedeelde verantwoordelijkheid moeten zijn. De opdrachtgever blijft terecht binnen zijn budget, maar de markt heeft innovaties te bieden waarmee geld bespaard kan worden, zeker gerekend over een x-aantal jaren van beheer en onderhoud. Passtukken bijvoorbeeld, om ronde palen in een stoep met vierkante tegels te plaatsen, bestaan al. Net als tegels met een rond gat. Waarom zien we ze in de straat dan zo weinig terug?

Misschien is de ene gemeente strenger op de kwaliteit van het straatwerk dan de andere, maar op sommige plaatsen is het ronduit een zooitje. Daar waar een architect slapeloze nachten kan hebben van een niet geheel geslaagde designaansluiting van een dakgoot op de zinken hemelwaterafvoer, lijkt niemand zich echt om de aanblik van de straat te bekommeren.

Meer maatwerk in het straatwerk is natuurlijk helemaal geen gekke gedachte. Daar moeten toch afspraken over te maken zijn. Een kozijnenfabrikant kan toch ook niet zomaar zijn gang gaan en verwachten dat zijn ramen in de vorm van een onregelmatige achthoek maar overal passen?

Ik moet in dit verband denken aan een mooie innovatie die nu op de markt is: de Drainbrick. Een stalen putje voor de afvoer van overtollig regenwater op de hoek van de straat, precies in de vorm van een straatsteen. Dus: klinker eruit, putje erin. Klaar. Je moet er maar op komen. Uitvinder Jac van Ham heeft het begrepen. Zo moet het!

De infrasector is op hoog niveau voortvarend aan het innoveren. Maar maakt de sector wel voldoende duidelijk dat uiteindelijk met al dat moois veel geld is te besparen, terwijl de straat er ook nog eens zoveel mooier van kan worden? Wordt vervolgd!

Jan Sint Nicolaas, verslaggever en coördinator redactie techniek Cobouw

 

Lees meer over de inrichting van de openbare ruimte: vierkant of rond? 

Reageer op dit artikel