artikel

Zelfs de sterkste dijk kan breken

infra

De term ‘doorbraakvrij’ suggereert dat een dijk nooit kapot is te krijgen. Volgens Hugo Priemus is dat een hoogmoedige, irrealistische gedachte.

In het Tweede Deltaprogramma wordt een breed perspectief geschetst van maatregelen die moeten worden uitgevoerd om onze voeten droog te houden. Een van deze maatregelen is de aanleg van deltadijken of doorbraakvrije dijken. Deze optie werd door het ministerie van Verkeer en Waterstaat in 2009 al aangedragen in het Nationaal Waterplan 2009-2015. Ook het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gebruikt in de publicatie ‘Een delta in beweging’ de term doorbraakvrije dijken: “Bij toepassing van zulke dijken neemt het overstromingsgevaar sterk af, en daarmee de schade en slachtofferrisico’s”. En: “Bij een doorbraakvrije dijk is de kans op een doorbraak vrijwel afwezig en stroomt het water in het ergste geval over de dijk.” Deze formuleringen van het PBL maken al duidelijk dat ‘doorbraakvrije dijk’ een hoogst ongelukkige term is. Het begrip ‘doorbraakvrij’ suggereert niet alleen dat er tot nu toe geen doorbraken hebben plaatsgevonden, maar ook dat dit in de toekomst niet zal gebeuren. Het PBL stelt vast dat door toepassing van doorbraakvrije dijken het overstromingsgevaar niet tot nul wordt gereduceerd maar ‘slechts’ sterk afneemt. De term ‘doorbraakvrije dijk’ roept ongemakkelijker vragen op over de eigenschappen van andere dijken: kennelijk moeten we hier wèl met een doorbraak rekening houden.

Springvloed

Dat sommige dijken extra worden versterkt en dat daarvoor de term ‘deltadijk’ wordt gereserveerd, is een goede gedachte. Maar zelfs de sterkste dijk kan wel degelijk breken, bijvoorbeeld ter plaatse van de overgang van bestaande ondergrond (veen? klei?) en het dijklichaam. Soms zijn er beesten, zoals muskusratten en mollen die een dijk kunnen verzwakken. Soms wordt het onderhoud van een dijk verwaarloosd en breekt de dijk door tijdens springvloed, een extreem krachtige storm en/of een aardbeving. En dan zwijgen we nog over hangjongeren en terroristen die explosieven in een dijk monteren en op die manier een doorbraak forceren. In oorlogsomstandigheden kunnen bommenwerpers precisiebombardementen uitvoeren op strategisch gelegen deltadijken.

De term ‘doorbraakvrij’ suggereert dat de dijk nooit kapot is te krijgen. Dat is een hoogmoedige, irrealistische gedachte. We moeten de goden niet verzoeken en de term ‘doorbraakvrije dijken’ uit ons woordenboek schrappen, c.q. niet in ons woordenboek toelaten.

Emeritus hoogleraar

Technische Universiteit Delft

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels