Brandveiligheid bij zonnepanelen: wat zijn de verschillen?

Brandveiligheid bij zonnepanelen: wat zijn de verschillen?

In de bouw zijn steeds vaker voorbeelden te zien waarbij niet langer alleen wordt voldaan aan de minimale eisen zoals gesteld in het Bouwbesluit, maar zonne-energie ten volle wordt benut. Een aspect dat bij de toepassing van zonnepanelen wel nog vaak wordt onderbelicht, is de brandveiligheid van de panelen.

In het Bouwbesluit worden wel eisen gesteld aan de brandwerendheid van de totale dakopbouw, maar niet aan materialen die zich onder de buitenste daklaag bevinden en aan de zonnepanelen zelf. Dit is opmerkelijk gezien de hoge mate waarin zonnepanelen kunnen bijdragen aan de verspreiding van de brand.

Door de toename van het aantal woningbranden waarbij zonnepanelen zijn betrokken, is de brandveiligheid van deze panelen een belangrijk onderwerp geworden. Hoewel het niet vaak gebeurt, is het wel essentieel om ervoor te zorgen dat bij de toepassing van zonnepanelen, de kans op brand en de verspreiding ervan niet wordt verhoogd.

Brandklassen bij zonnepanelen

Een zonnepaneel kan volgens twee standaarden worden beoordeeld op de mate van brandwerendheid. Dit kan volgens de IEC 61730-2 (UL790) norm en de EN 13501-5. De IEC 61730-2 is specifiek bedoeld voor zonnepanelen en de klassen lopen van A (beste) tot C (slechtste). De EN 13501-5 is bedoeld voor brandclassificatie van dakbedekking, waaronder zonnepanelen, en kent twee klassen “Broof (t1)” (geslaagd) en “Froof (t1)” (niet geslaagd).

De normering volgens IEC 61730-2 is uitgebreider doordat deze uit twee testen bestaat, waarbij ook de factor wind wordt meegenomen en bij de tweede test wordt gekeken wat het effect is van een vlammenzee in combinatie met wind op het zonnepaneel.

Gecertificeerd

Om aan alle normen te voldoen en te laten zien hoe het is gesteld met de brandveiligheid van SOLARWATT glas-glas zonnepanelen, zijn deze onlangs volgens beide standaarden gecertificeerd. Volgens beide testen scoorde de zonnepanelen tot de hoogste categorie, ofwel brandklasse A volgens IEC 61730-2 en brandklasse Broof (t1) volgens de EN 13501-5. Daarmee voldoen de glas-glas zonnepanelen aan de hoogste eisen die kunnen worden gesteld aan brandveiligheid bij toepassing op daken.

Waardoor ontstaan branden bij zonnepaneelinstallaties?

Uit onderzoek van TNO is heel duidelijk naar voren gekomen dat in meer dan 90% van de branden de oorzaak ligt bij de installatiewerkzaamheden rondom de zonnepanelen. In de meeste gevallen ontstaat de brand bij de connectoren. Dit zijn de verbindingen tussen de kabels van de zonnepanelen. Als deze niet goed zijn aangesloten, kunnen er vonken ontstaan. Als deze vonken in contact komen met brandbaar materiaal, kan er gemakkelijk een brand ontstaan. Het is daarom van groot belang dat er bij de installatie ook goed wordt gekeken naar de brandbaarheid van zowel de dakbedekking als de zonnepanelen zelf.

Zijn glas-glas zonnepanelen brandveiliger dan glas-folie zonnepanelen?

In het eerder genoemde onderzoek van TNO naar brandincidenten, vertelt ook een onafhankelijk schade-expert dat bij controle van brandgedrag veel achterzijde folies van zonnepanelen ontbranden. Bij een dergelijke controle wordt de vlam van een aansteker tegen de folie aangehouden om te zien of deze ontbrandt. Bovendien stelt de schade-expert dat er een groot verschil is in de brandbaarheid tussen de diverse folies. Eén van de voordelen van een achterzijde van glas is dat deze helemaal niet kan ontbranden.

Uit een eerdere test van een SOLARWATT dealer met ondersteuning van de brandweer, kwam nog een ander aspect aan het licht. In geval van brand bij glas-folie zonnepanelen, komen zogenaamde busbars vrij te liggen, waardoor het gehele zonnepanelenveld onder stroom kan komen te staan. Iets wat bij glas-glas zonnepanelen niet gebeurt, doordat de busbars beschermd blijven door het glas aan beide zijden.

Dit artikel is gesponsord door SOLARWATT.