nieuws

Promovendus: ‘Gebouwen worden opgeleverd als wegwerpproducten’

bouwbreed 1511

Promovendus: ‘Gebouwen worden opgeleverd als wegwerpproducten’
Foto: Toma Tudor

Nederland is in transitie naar een circulaire economie. De bouwsector worstelt met de circulaire werkwijze, constateert onderzoeker Marc van den Berg van de Universiteit Twente (UT). In zijn proefschrift ‘Managing Circular Building Projects’ biedt de promovendus ontwerpers, bouwers en slopers handvatten die zijn gericht op het verminderen, hergebruiken en recyclen van materialen.

De aanleiding voor het proefschrift van universitair docent Marc van den Berg is geen vrolijke, zo opent hij het gesprek in zijn werkkamer op de UT. “De bouwsector is de meest vervuilende industrie ter wereld – en dat op twee fronten. Het gebruikt niet alleen de meeste grondstoffen, het produceert ook nog eens het meeste afval. Daarmee heeft het een dubbel probleem. Veertig procent van al het afval dat de wereld produceert komt uit de bouw. En dat heeft veel impact op de maatschappij. Niet alleen op het gebied van milieu, want er zijn ook maatschappelijke en sociale effecten. Die combinatie was voor mij de trigger om dit proefschrift te schrijven. De bouwsector is verantwoordelijk voor steeds groter wordende sociaalecologische problemen. Als grondstoffen schaars worden leidt dat tot maatschappelijke problemen.”

Van den Berg studeerde Construction Management & Engineering aan de UT en promoveerde op 16 mei 2019. In oktober 2014 begon hij met het verzamelen van data over de bouwindustrie en met uitgebreid wetenschappelijk literatuuronderzoek. Hij interviewde ontwerpers, sloopaannemers en bouwers en bezocht bouw- en sloopprojecten. Van den Berg werkte ook mee aan een sloopproject om van zo dichtbij mogelijk de problemen ten aanzien van circulair bouwen te ervaren. “Bouwers, ontwerpers en slopers bevinden zich in gescheiden werelden en ik ben op zoek gegaan naar de verbindingen tussen die werelden”, licht de promovendus toe. “En die zijn er niet voldoende.”

‘Gebouwen worden over het algemeen opgeleverd als wegwerpproducten’

Dat circulair bouwen komt moeizaam van de grond omdat de bouwwereld nog steeds managet op basis van oude, vaste denkpatronen, constateert Van den Berg. Niet volgens de circulaire, maar volgens de lineaire economie. “We gaan bouwen, en dat doen we met nieuwe materialen”, vertolkt hij het automatisme. “Gebouwen worden over het algemeen opgeleverd als wegwerpproducten. Zodra die niet meer nodig zijn, worden ze gereduceerd tot sloopafval dat bovendien lastig recyclebaar is.”

Marc van den Berg

Marc van den Berg (29) onderzoekt en geeft onderwijs in nieuwe methoden om een circulaire gebouwde omgeving mogelijk te maken. Hij promoveerde 16 mei 2019 op zijn proefschrift ‘Managing Circular Building Projects’ aan de Universiteit Twente (UT). Als universitair docent aan de UT richt hij zich nu vooral op (digitaal) ontwerpmanagement voor circulair bouwen.

De nieuwe, circulaire werkwijze vereist een radicaal andere aanpak. Een aanpak waarmee ontwerpers, bouwers en slopers grote moeite hebben. “Al deze partijen moeten dingen doen die tegen hun natuur in gaan. Ontwerpers zijn vooral geïnteresseerd in de eisen van de klant. Maar in een circulaire economie moet de ontwerper de blik ook verder vooruit hebben door te anticiperen op toekomstige aanpassingen en sloop. Tegelijkertijd dient hij naar achteren te kijken, naar de sloper en zijn voorraad. Hij moet zich nog vóór de ontwerpfase afvragen waar er wordt gesloopt in de regio en welke materialen er vrijkomen. En zich vervolgens de vraag stellen: kunnen wij daar wat mee? Ook slopers hebben een andere rol. Zij moeten eveneens achteruit en vooruit kijken.

Informatie verzamelen en opslaan over hun vorige en volgende project. Slopers en ontwerpers hebben, kortom, verschillende soorten informatie nodig. Informatie die gebundeld moet worden.”
Bouwers moeten – net als ontwerpers – anders nadenken, stelt Van den Berg. “Hoe maak je verbindingen demontabel? Welke materialen gebruik je daarbij? Wat is de volgorde van het ontmantelen van een gebouw? Ik kwam tijdens mijn onderzoek een kostbare marmeren vensterbank tegen die nog in goede staat was, maar niet netjes gedemonteerd kon worden omdat deze vastgelijmd was door middel van een chemische verbinding. Voor de overstap van lineair naar circulair is echt een andere mindset nodig.”

Bouwers die denken goed op weg te zijn met duurzaamheid hebben vaak een eenzijdige focus

En die andere mindset is er nog niet, concludeert de onderzoeker. Bouwers die denken goed op weg te zijn met duurzaamheid hebben vaak een eenzijdige focus. “Ze zijn heel erg gericht op het reduceren van energie. Belangrijk uiteraard, maar materiaalgebruik zien ze volledig over het hoofd. Bij circulair bouwen ligt de nadruk juist op het sluiten van materiaalkringlopen. Bouwers beperken zich daarbij vaak tot recyclen – iets waar Nederland weliswaar wereldwijd mee voorop loopt, maar niet de beste strategie is in een circulaire economie. Recyclen wil zeggen dat een product wordt teruggebracht tot grondstoffen en dat daarmee weer iets anders wordt gemaakt. Daarmee verlies je energie en ben je een product aan het downgraden. Hergebruik wil zeggen dat, bijvoorbeeld, een kabelgoot weer wordt gebruikt als kabelgoot.”

Het probleem voor bouwers, slopers en ontwerpers is dat circulair bouwen een abstract en ongrijpbaar fenomeen is, stelt Van den Berg vast. “Er zijn weinig handvatten. Bouwers weten niet hoe en waar ze moeten beginnen. Ze hebben behoefte aan oplossingsrichtingen, maar die zijn er nauwelijks.” En daar ligt nu juist de uitdaging voor de promovendus. “Ik wil de wetenschappelijke kennis hierover grijpbaar en toepasbaar maken.”

‘De toepassing van circulaire economie in de bouw is in de basis een informatie- en communicatievraagstuk’

Bij het toepasbaar en toegankelijk maken van circulair bouwen speelt informatie-uitwisseling en -opslag een cruciale rol. “De toepassing van circulaire economie in de bouw is in de basis een informatie- en communicatievraagstuk. Informatie moet daarom beter beschikbaar zijn en ontsloten kunnen worden, op digitale wijze. Sloop- en ontwerpmanagers zijn namelijk van elkaars informatie afhankelijk voor het managen van circulaire bouwprojecten. Zij moeten informatie van voorgaande en opvolgende fases gebruiken.” Hij illustreert: “Een betonnen vloer uit het ene gebouw halen om het in een ander gebouw te gaan hergebruiken kan alleen als slopers en ontwerpers informatie met elkaar uitwisselen.”

Meer over circulair bouwen

Meer over circulair bouwen

Vanuit ontwerpmanagementperspectief gaat het bijvoorbeeld om het gebruiken van informatie over het gebouwontwerp en de montagevolgorde. Vanuit sloopmanagementperspectief is informatie nodig voor onder meer het oogsten van bouwmateriaal en de coördinatie van sloopactiviteiten. “Ik heb onderzocht of hiervoor gewerkt kan worden met BIM – bouwwerkinformatiemodellen, die zeer gangbaar zijn in de bouw. We kwamen tot de ontdekking dat BIM ook heel goed ingezet kan worden door sloopaannemers. Daarmee hebben we een nieuwe toepassing gevonden voor het BIM-model.”

‘De sloper moet ook gaan verkopen en beoordelen of sloopmateriaal geschikt is voor hergebruik’

De circulaire economie zal de rol van bouwers, ontwerpers en slopers behoorlijk gaan veranderen, voorspelt Van den Berg. “De sloper moet ook gaan verkopen en beoordelen of sloopmateriaal geschikt is voor hergebruik. Daarbij moeten ze rekening houden met een aantal voorwaarden, zo heb ik vastgesteld. Er moet vraag zijn naar het product, het product moet demonteerbaar zijn en het product moet ook in een volgende cyclus weer toepasbaar zijn.”

Ook bouwbedrijven zullen zich moeten aanpassen aan de nieuwe, circulaire economie. “De bouwer heeft al te maken met veel eisen van de klant. Maar daar komen andere, circulaire eisen bij. Productinzicht en inzicht in data worden belangrijker. Bepaalde functies zullen veranderen. Bijvoorbeeld die van inkoper. Maar als je je informatie en data tijdig op orde hebt, ben je klaar voor de toekomst.”


Circulair bouwen

Als je wilt, weet je er alles over.

Kijk maar

 

Reageer op dit artikel