nieuws

Tech-bedrijf Katerra schiet de bouwsector in één keer een nieuw tijdperk in

bouwbreed 11541

Tech-bedrijf Katerra schiet de bouwsector in één keer een nieuw tijdperk in

De Amerikaanse start-up Katerra wil het bouwproces rigoureus naar de fabriek verplaatsen en ook zo’n beetje alle materialen zelf produceren. Alles in een optimaal afgestemd digitaal proces. Met bijna 2000 medewerkers en een werkkapitaal van ruim 1,5 miljard dollar beschikt de firma over een slagkracht om de tomeloze ambities waar te maken.

Disruption here we come. De bijeenkomst ter gelegenheid van de 30ste verjaardag van Europese bouwinnovatieclub Encord dinsdag opende met de gebruikelijke onheilstijdingen: de bouw innoveert te weinig, bedrijven investeren amper één procent van hun omzet in R&D en de arbeidsproductiviteit blijft hopeloos achter bij andere sectoren.

Maar daarna stapte al snel iemand het podium op die beweerde het compleet anders te doen. Trevor Schick werkt voor de grote disruptor die zich steeds nadrukkelijker roert in de Verenigde Staten: Katerra.  De firma uit Californië pretendeert de Tesla van de bouw te worden. Of de Apple, Google of Amazon. Oprichter en ceo Michael Marks van Katerra was in elk geval een tijdje interim ceo bij Tesla. Ook zijn mede-oprichters werkten eerder bij typische techbedrijven. En zo ziet Katerra zichzelf ook het liefst: niet als een innovatieve aannemer maar als een technologiebedrijf.

Schick, die was ingevlogen naar Amsterdam was jarenlang verantwoordelijk voor de supply chain bij Hewlett Packard. Met die ervaring zet hij voor Katerra een efficiente aanvoerketen op van de bouwmaterialen. Een keten die hij het liefst zo volledig mogelijk beheerst. Nu al produceert Katerra zo’n 80% van de materialen en componenten die het bewerkt zelf, maar dat wordt als het aan Schick ligt nog veel meer.  “Net als in de elektrotechnische industrie.  Daar zijn het maar een paar bedrijven als Foxconn en Qualcomm die de apparaten bouwen. Daarna zetten bedrijven als Apple of HP er hun log op. En zo gaan wij het ook doen met de bouw.

Vooral de schaalgrootte, integraliteit en slagkracht maken indruk

In Amsterdam kreeg Schick de zaal moeiteloos stil. Niet eens zozeer omdat alles wat hij zei nu zo hagelnieuw was. Er wordt immers al vijftig jaar gesproken over industrialisering van de bouw en verlekkerd gekeken naar de autoindustrie. Het zijn vooral de schaalgrootte, de integraliteit en de slagkracht die Katerra aan de dag legt , die indruk maken.

 

Het amper vier jaar oude aannemings-, pardon technologiebedrijf,  heeft inmiddels een kleine tweeduizend werknemers in dienst, waaronder 150 architecten. Vorig jaar nog haalde het bij een investeringsronde zomaar 1,5 miljard euro binnen aan werkkapitaal om de uitbreidingsplannen te verwezenlijken. Verspreid over de hele VS zijn al fabrieken geopend voor productie van componenten, eindmontage en kantoren voor engineering en voorbereiding. De R&D managers van de grote Europese aannemers en toeleveranciers hingen aan Schicks lippen.

De ‘Roadster’ rijdt al wel, maar nog niet erg hard

Om nog één keer de analogie met Tesla te maken: het eerste model  rijdt wel maar blaast nog niemand omver. De Roadster van Katerra luistert naar de naam K2 en er zijn zo’n 16 projecten mee gerealiseerd. Projecten van elk zo’n 150 woningen op verschillende plekken in de states. Indrukwekkend, maar wat Schick betreft nog vingeroefeningen voor wat het bedrijf echt voor ogen staat. Hij liet dan ook geen foto’s zien, want hij wilde de aandacht vooral vestigen op de volgende modellen: de K3 en K4. Zeg maar de modellen S en X van Tesla. De productie van de K3 gaat deze zomer van start. Het gaat om drielaagse appartementengebouwen met elk zo’n 24 eenheden. De K4 volgt iets later.

Buiten de VS, in India en Saoedi Arabie is het technologiebedrijf ook al actief, hoewel daar meer met prefabbeton wordt gewerkt. En als president Trump de relaties niet te sterk onder spanning zet zou Katerra het werkterrein ook snel kunnen worden uitgebreid naar China,. Er zijn al wel bescheiden kantoren geopend, maar op dit moment nog geen fabrieken in aanbouw.

 

Voor Katerra worden projecten volgens Schick interessant als ze tien blokken van de K3 kunnen neerzetten. Oftewel zo’n 240 woningen.  Liever meer. Voor het binnenhalen van dergelijke projecten schakelt Katerra projectontwikkelaars in. Want dat is zo’n beetje de enige rol in het bouwproces die ze niet claimen. Voor de specifieke kennis van locatie en omgeving, denkt Schick voorlopig niet zonder projectontwikkelaars te kunnen. “Maar wie weet, wanneer het netwerk van fabrieken verder wordt uitgebreid en er een VS dekkend netwerk ligt. Zolang er niet veel verder dan 500 kilometer vanaf een fabriek hoeft te worden kunnen we goed concurreren. En niet alleen in woningbouw en complexen . Maar ook voor kantoren en andere utiliteitsgebouwen.”

Tachtig procent van de gebouwen is identiek

Want ook daarvan liggen de concepten klaar. Verregaand gestandaardiseerd om schaal en productievoordelen te kunnen benutten. Maar tegelijkertijd met voldoende mogelijkheden voor variatie om monotone wijken en architectonische eenheidsworst te voorkomen. Daarvoor staan de 150 architecten garant die Katerra inmiddels zelf in dienst heeft. Volgens Schick biedt het systeem voldoende mogelijkheden voor variatie.  Gevelafwerking, dakvorm maar ook posities van balkons kunnen varieren.  Hoewel niet alles kan. “Tachtig procent van de gebouwen uit een serie is identiek. Maar met die overige 20 procent kun je echt onderscheidende dingen doen. Daar hebben we ook al verschillende stijlen in ontwikkeld, varierend van garden style tot stedelijk modern. Cruciaal is dat we niet voor elk project dingen nieuw opnieuw gaan ontwerpen. Dat hebben we al gedaan in een geavanceerd reverse engineeringproces.  Veel integraler van opzet dan gebruikelijk in de bouw, waarbij de architect vaak niet meer dan een concept levert en de details vervolgens worden uitgewerkt door onderaannemers en toeleveranciers die maar beperkt samenwerken. Daar sluipt veel te veel ruis in en stapeling van onzekerheden. Daarom doen wij het allemaal zelf.  Dat gaat veel efficienter.”

Omdat onderaannemers niet meewerken eist Katerra een grotere plek op in de bouwketen

Toen Katerra vier jaar terug werd opgericht was de strategie volgens Schick overigens bescheidener. De firma zou vooral materialen en componenten produceren en leveren.  Tegen een scherpe prijs vanwege de schaalgrootte en het geïntegreerde optimale ontwerp. “Maar omdat de onderaannemers niet de gebruikelijk marge konden maken op de inkoop van onze uitgeknepen product, kregen we niet echt voet aan de grond. Toen hebben we de strategie aangepast en besloten we het bouwproces nog veel rigoureuzer naar de fabriek te verplaatsen en de onderaannemers te omzeilen.”

De badkamer-module van Katerra wordt ingehesen op een bouwplaats. Twee man installeert in een halve dag een complete badkamer.

Inmiddels zijn een complete installatie-eenheid, ontwikkeld, plug en play,  voor verwarming en koeling. De meterkast is feitelijk een groter server die in verschillende uitvoeringen in een wandelement past. Kova heet de zelfontwikkelde productlijn van scharnieren, handgrepen, douchekoppen en andere accesoires in heel uiteenlopende stijlen. Schick geeft ook hoog op van de badkamer-unit van Katerra. Die komt als een bouwpakket op de bouwplaats. Zo verpakt dat alle onderdelen  van het pakket ook een plekje vinden in de badkamer. Op de verpakkingsfolie na komt er dus niks terug van de bouwplaats. Twee man kunnen in vier uur tijd een complete badkamer installeren. Tegen de helft van de prijs van de gebruikelijke Amerikaanse badkamers, zonder concessies te doen aan kwaliteit of uitrusting.

Over circulariteit is nog niet veel nagedacht

Over duurzaamheid en circulariteit is nog niet veel nagedacht. Het onderwerp kon niet onbesproken blijven gezien de locatie waar de jaarbijeenkomst van Encord plaatsvond: het Circl paviljoen van ABN Amro aan de Zuidas.  Schick moest in zijn Europese toehoorders zijn meerdere erkennen op dit gebied.  Hoewel die op hun beurt de bal terugkaatsten met de constatering dat door het kruislaags verlijmd hout waarmee Katerra vooral werkt, de koolstof footprint vermoedelijk best bescheiden is. En veel afval wordt er ook niet geproduceerd. Rationele, vergaand geïndustrialiseerde bouw is vaak  al inherent duurzame bouw.

Trevor Schick, president van Katerra Materials, foto: Nick Steinbuch

Maar over een volgend leven voor onze gebouwen en componenten heeft Katerra inderdaad nog niet nagedacht, moest Schick toegeven. Laat staan dat er zoiets wordt geleverd als een materialenpaspoort bij de gebouwen.  “Maar gezien de data die we verzamelen van onze bouwwerken vanaf de productie tot en met het gebruik en beheer, is het bepaald niet ondenkbaar dat we tot lang na oplevering betrokken blijven bij de projecten. En tegen de tijd dat die tegen het einde van de levensduur zitten hebben we daar vast ook iets voor bedacht.”

De eigen software levert in een minuut betrouwbare prijs

Het centrale dataplatform ervoor ontwikkelt Katerra uiteraard zelf. Zoals Katerra bijna alles zelf doet. Apollo is calculatie-, plannings, visualisatiesoftware ineen en nog veel meer. Het communiceert vloeiend met BIM-model. “Als je een locatie invoert en de belangrijkste parameters van het gebouw toeveogt dat je er wilt neerzetten levert apollo in een paar minuten een prijs. Niet een richtbedrag, maar een realistische prijs. Daar mogen opdrachtgevers ons aan houden.”

Encord

Encord is een netwerkorganisatie voor bouw en industrie die innovatie en onderzoek in de sector aanjaagt. De grootste Europese aannemers en toeleveranciers zijn lid. Vanuit Nederland zit Digital manager Menno de Jonge van BAM in het bestuur. President Norbert Pralle is R&D manager bij Züblin.  De bescheiden rol die Encord speelt is volgens Pralle tekend voor de positie die innovatie speelt binnen de bouwsector. “Er is echt veel te weinig aandacht voor innovatie en R&D en bedrijven trekken er veel te weinig geld voor uit. Dat beseffen bouwpartners, maar ook overheden niet.  Waar we maar kunnen hameren we erop om innovatie en onderzoek sterker op de agenda te krijgen.”

 

BID logoWilt u meer weten over industrialisering en digitalisering in de bouw?
Bezoek dan BID (Building Industrialization & Digital transformation) op 3 en 4 december in de Jaarbeurs in Utrecht.
Meer informatie>>

Reageer op dit artikel