nieuws

Betere certificering hard nodig bij zonnepanelen: ‘Installaties in de woningmarkt groot drama’

bouwbreed 15544

Betere certificering hard nodig bij zonnepanelen: ‘Installaties in de woningmarkt groot drama’

Voor het installeren van zonnepanelen is betere regelgeving en certificering nodig. Dat zeggen deskundigen tegen Cobouw. In de snel groeiende markt zien zij steeds meer beunhazen opereren. Met soms verwoestende gevolgen.

“Bij particulieren is het een groot drama”, zegt Karlo Rosing van Keuring Service Nederland. In opdracht van verzekeraars verricht hij keuringen aan installaties voor zonnepanelen. Rosing wil niet negatief doen, maar vindt dat de waarheid moet worden verteld. En die is hard: “In 80 procent van de gevallen zijn zonnepanelen niet deugdelijk geïnstalleerd”, zegt hij.

Stekkers verkeerd geknoopt

Stekkers die verkeerd aan elkaar zijn geknoopt. Bekabeling die her en der verspreid ligt en ‘gewoon’ door een gat is gepropt. Te weinig ventilatie bij indak-systemen. Brandbaar materiaal in de buurt van de omvormers. Rosing komt het allemaal tegen in de praktijk.

De situatie is volgens hem zo erg dat zijn bedrijf gestopt is met keuringen in de woningmarkt. In de bedrijvenmarkt is het een ander verhaal, vertelt Rosing. Daar zijn de PV-panelen vaak wel redelijk aangelegd. “Dit komt omdat deze worden gedaan door grote installateurs die verstand van zaken hebben, die een plan en berekeningen opstellen. In de woningmarkt zijn steeds meer bedrijven actief die niet weten wat ze doen.”

‘Weinig opleiding en ervaring’

Adviezen TNO

Volgens de onlangs uitgebrachte inventarisatie van TNO moet er nog heel wat
gebeuren om brandgevaar bij zonnepanelen in te dammen. De onderzoekers doen een aantal aanbevelingen:

• Voorlichting van installateurs over (de noodzaak van) deugdelijke connectorverbindingen moet volgens de onderzoekers per direct plaatsvinden.
• RVO stelt een multidisciplinaire commissie samen, of breidt een bestaande commissie uit, die op korte termijn adviseert over constructie en materiaalbrandbaarheidseisen van in-dak PV-systemen evenals over regulering middels normering en/of richtlijnen ter voorkoming van cross-mating van connectoren.
• Het verrichten van multidisciplinair stresstest-onderzoek met waarheidsgetrouwe PV-installaties op testdaken en realisatie van faciliteiten hiervoor.
• Evaluatie en mogelijke aanscherping van certificatie van installateurs.
• Reservering van publieke middelen om aan de bovenstaande aanbevelingen
invulling te kunnen geven.

TNO stelt in haar rapport bovendien dat de normen nog ‘zeer summier’ zijn, dat ze vooral adviserend zijn en niet dwingend, als het gaat om de stekkerkeuze. Er is nog een andere norm voor zonne-energie, NEN7250, maar die regelt niets ten aanzien van de brandbaarheid van materialen onder de buitenste daklaag.

Dat is dan meteen ook het probleem. De afgelopen jaren is de markt zó hard gegroeid, dat er veel nieuwe partijen bij zijn gekomen. Niet alleen installateurs plaatsen nog zonnepanelen, ook bouwers en loodgieters. “Het is de vraag of al die bedrijven wel zo goed zijn opgeleid”, zegt Zeger Vroon, lector Sustainable Energy in the Built Environment op Zuyd Hogeschool. “Daarnaast ontbreekt de ervaring nog. Eigenlijk zijn PV-panelen heel degelijk, als ze goed zijn geïnstalleerd zijn ze helemaal niet gevaarlijk. En dat is nou juist het probleem van de laatste tijd, dat gebeurt vaak niet.”

Zo’n verkeerd aangelegde installatie kan levensgevaarlijke gevolgen hebben. Panelen kunnen in brand vliegen en nog erger, zelfs ontploffen. En dat is niet alleen maar theorie. Volgens een onlangs uitgebracht rapport van TNO zijn er in 2018 23 branden ontstaan in woonhuizen als gevolg van verkeerd aangesloten zonnepanelen. Vroon: “Op de 170.000 panelen die zijn geplaatst, is dat misschien nog niet zo heel veel. Maar één brand is er natuurlijk al één te veel.”

‘Als we niet oppassen worden het er meer’

Joost de Koning, van Schneider Electric en lid van de NEN-commissie die in een werkgroep zit voor aanscherping van de normen, schrikt van de cijfers. “Dat zijn er echt veel te veel. Als we niet oppassen, worden het er meer.”

Volgens hem is het van groot belang dat cowboys in de markt aangepakt worden. “Er is een norm voor het veilig aanleggen van zonnepanelen, NEN1010. Maar die moet je wél gebruiken. Deze is niet openbaar, als je die niet koopt, kun je ook geen kennis nemen van de inhoud. Elke zelf respecterende installateur heeft die norm in huis. Maar er zijn ook beunhazen actief, die de regels negeren.”

Iedereen kan zonnepanelenbedrijf beginnen

Iedereen kan tegenwoordig gewoon een zonnepanelenbedrijfje opstarten, omdat er in Nederland sprake is van ‘vrije beroepen’. Je hoeft niet aan te tonen dat je kennis van zaken hebt, en dat is een probleem, vindt De Koning. “Het is van belang dat er bijvoorbeeld een erkenningsregeling komt. Als je kunt aantonen dat je voldoende opgeleid personeel in huis hebt, kun je dan een erkenning krijgen. Dan kun je veel van die beunhazen uitsluiten.”

Ook andere deskundigen denken dat een beter certificeringssysteem hard nodig is. “Als je ervoor zorgt dat bedrijven allemaal moeten aantonen dat zowel de organisatie als het personeel de juiste papieren heeft, zullen bedrijven die nergens lid van zijn en geen certificering hebben, steeds verder uit de markt verdwijnen”, legt Rosing uit. “Je moet dit soort zaken aan de voorkant al helemaal dichttimmeren.”

Bij installaties gaat nog veel mis.

‘Verzekeraar, pak je rol’

Verzekeraars kunnen hier een grote rol in spelen, denkt De Koning. “Als verzekeraars tegen huizeneigenaren zeggen: oké, zonnepanelen zijn prima, maar je bent wel verplicht te werken met een gecertificeerde installateur, kan dat zeker een methode zijn de cowboys uit de markt te werken.”

Het Verbond van Verzekeraars ziet op dat punt echter blokkades. Verzekeraars kunnen namelijk geen gezamenlijke minimale eisen vaststellen voor het plaatsen van zonnepanelen, stelt woordvoerder Oscar van Elferen. “Dat mag mededingingsrechtelijk niet. Er zijn wel verzekeraars die specifieke voorwaarden stellen om de installaties en het gebouw waarop die geplaatst worden te kunnen verzekeren. Maar dat is dus individueel. We werken wel gezamenlijk aan preventietips.”

Alle ins en outs over gasloos bouwen en verbouwen

Alle ins en outs over gasloos bouwen en verbouwen

‘Zorg voor een Europese norm’

Volgens het Verbond van Verzekeraars ligt de verantwoordelijkheid voor het voorkomen van brand primair bij de zonnepanelenbranche zelf. Betere regelgeving juicht zij toe. “Voor zonnepaneelinstallaties is op dit moment geen Europese norm. Als die er wel is, kunnen verzekeraars daar ook naar wijzen.”

Rosing is het daarmee eens. “Voor grote installaties is die Europese norm er wel, maar voor kleine niet. De Nederlandse NEN1010 is niet volledig genoeg, daarin staat alleen een aanvulling beschreven. Als je geen basiskennis van elektrotechniek hebt – en veel nieuwe bedrijven hebben dat niet – kun je de aanvulling óók niet uitvoeren.”

Bouwbesluit

De installatiesector zelf is van mening dat de huidige normering en certificering voldoende is. “De norm is opgenomen in het Bouwbesluit en dus een wettelijke veiligheidseis”, benadrukt voorzitter Doekle Terpstra van branchevereniging Techniek Nederland. “Wij hebben onze leden ook meermaals gewezen op de uitvoering van de werkzaamheden binnen deze norm.”

Bovendien bestaat er gewoon een certificeringsregeling waar veel installateurs al aan voldoen, benadrukt de branchevereniging. “Er is al jaren een breed gedragen erkennings- en een certificeringsregeling is voor vakbekwame zonne-energie installateurs. Alleen bedrijven die een speciale opleiding voor het plaatsen en inspecteren van zonne-energie-installaties hebben gevolgd, komen in aanmerking voor de erkenning of de certificering Zonnekeur. Deze installateurs kennen de normen en eisen die aan zonne-energie-installaties worden gesteld, óók (en vooral) op het gebied van veiligheid.”

Ook de NEN-commissie is ervan overtuigd dat de norm deugt, al is het volgens De Koning wel belangrijk dat de norm duidelijker gemaakt wordt. “Ik denk dat de norm voor 80 procent de belangrijkste punten dekt. Maar op sommige onderdelen moeten we meer duidelijkheid verschaffen. Daarvoor hebben we ook een werkgroep opricht. We zijn er druk mee bezig.”

‘Verkeerde installaties door bouwkundige aannemers’

Andere gevaren

Naast brandgevaar, kleven er nog andere risico’s aan zonnepanelen. Deze zijn niet zo impactvol als brand en dus worden ze door de sector als minder belangrijk gezien. Andere
gevaren die kenners schetsen:
• Risico op lekkage (vooral bij
indak-systemen)
• Bij harde storm kunnen zonnepanelen storm- en windschade veroorzaken
• Als zonnepanelen niet geaard zijn, kunnen ze onder elektrische hoogspanning staan. Je kunt dan elektrische schokken krijgen.

Techniek Nederland neemt de bevindingen over brandgevaar overigens wél “zeer serieus”, maar de brancheorganisatie wil ook aangeven dat installateurs niet overal voor op kunnen draaien. Daarbij wijst ze onder meer op incidenten die zich relatief vaak voordoen met zogenoemde ‘in-daksystemen’, daken waarin de zonnepanelen geïntegreerd zijn. “De installatie daarvan is veelal het werk van bouwkundige aannemers. Het is niet wenselijk dat bedrijven die niet beschikken over aantoonbare kennis van elektrotechniek deze installaties plaatsen”, aldus Terpstra.

Volgens hem is het daarom van belang dat het handhavingsbeleid van gemeenten meer prioriteit krijgt. “De algemene eisen die de overheid opstelt ten aanzien van de veiligheid van bouwwerken en installaties, worden in de praktijk niet meer gecontroleerd.” Ook zouden verzekeraars volgens de Techniek Nederland-voorzitter naast het stellen van kwaliteitseisen aan de installatie en het uitvoeren van een vakbekwaam installateur, een periodieke inspectie moeten zetten in hun polisvoorwaarden.

Vroon verwacht dat de zonnepanelensector uiteindelijk veiliger zal worden. Over een paar jaar zullen de meeste risico’s uit de markt zijn. “Als er een goede certificering komt in combinatie met meer opgeleid personeel, verwacht ik dat de incidenten flink zullen afnemen.”

Reageer op dit artikel