nieuws

Minister en gemeenten akkoord over beladen bouwwet: ‘We gaan stemmen’

bouwbreed 1552

Minister en gemeenten akkoord over beladen bouwwet: ‘We gaan stemmen’
Plasterk en De Vries verlaten samen de zaal op 4 juli 2017.

Minister Ollongren en gemeenten hebben een akkoord bereikt over de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. In 2021 gaat het bouwtoezicht op de schop. Het laatste woord is echter aan de Eerste Kamer.

De minister wil het bouwtoezicht al langer aanpakken. Incidenten in de bouw laten volgens haar zien dat de huidige bouwpraktijk “dringend verbetering behoeft.”

Tot op de dag van vandaag wil het echter niet zo vlotten. Anderhalf jaar geleden werd de wet kwaliteitsborging voor het bouwen in de Eerste Kamer aangehouden.

Senatoren en wetgevingsjuristen vrezen vooral voor dubbel werk, hogere kosten en zijn bang dat de wet de bouwkwaliteit helemaal niet ten goede komt.

Bestuursakkoord

Minister Ollongren ging het afgelopen jaar op zoek naar oplossingen. Ze weigert de wet aan te passen, maar maakte wel afspraken met gemeenten. Donderdag (vandaag) zijn die bekrachtigd in een Bestuursakkoord.

Niets staat daarmee een gunstig stemverloop in de Eerste Kamer nog in de weg, denkt de minister.

Ollongren: “Met dit bestuursakkoord ligt er naar mijn mening een stevige en breed gedragen grondslag voor succesvolle invoering en implementatie van een effectief stelsel van kwaliteitsborging”, schrijft ze in een brief aan de Eerste en Tweede Kamer.

In het Bestuursakkoord staat op hoofdlijnen uitgelegd hoe de risicobeoordeling (moet bouwer bij vergunning inleveren) en het dossier bevoegd gezag (moet bouwer bij oplevering overleggen aan gemeenten) eruit komen te zien.

Meer proefprojecten

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen introduceert private kwaliteitsborgers, een toelatingsorganisatie, en verhoogt de aansprakelijk van bouwbedrijven. Het is de bedoeling dat de wet 1 januari 2021 ingaat.

Of dat gaat gebeuren, valt nog te bezien. Eerst moet aan de hand van pilots worden aangetoond dat de wet doet, waarvoor die is bedoeld. De minister schrijft in het Bestuursakkoord het aantal proefprojecten te willen intensiveren.

Voldoende personeel

“Partijen streven naar een hoeveelheid uit te voeren proefprojecten per gemeente van tien procent van alle vergunningen onder gevolgklasse 1 (minst risicovolle bouwprojecten, zoals grondgebonden woningen, red).”

Uiterlijk 1 juli 2020 moet duidelijk worden of de streefdatum haalbaar is. Zo moeten er voldoende kwaliteitsborgers zijn en instrumenten voor kwaliteitsborging.

Met de komst van het nieuwe stelsel behouden gemeenten de mogelijkheden om bouwprojecten stil te leggen. Na oplevering kunnen gemeenten bij twijfels of gebrek aan informatie in gebruik name tegenhouden.

De wet wordt drie jaar na invoering geëvalueerd. Op basis daarvan beslist de minister of de wet ook kan gaan gelden voor meer risicovolle bouwwerken.

Bouwend Nederland en de FNV zijn nog altijd tegen invoering van de wet. Wanneer de Eerste Kamer gaat stemmen is nog onduidelijk.

Greetje de Vries: ‘Ik ga het akkoord eerst lezen’

Of de wet in de Eerste Kamer wordt aangenomen lijkt vooral af te hangen van het CDA. CDA-senator Greetje de Vries wil vooralsnog inhoudelijk niet reageren op het Bestuursakkoord. “Ik wil het eerst rustig lezen en in mijn fractie bespreken.”

Het lijkt vrijwel uitgesloten dat Eerste Kamer debatteert over de wet. Dat is anderhalf jaar geleden al gebeurd. Mogelijk volgt er wel een schriftelijke vragenronde.

Reageer op dit artikel