nieuws

Misschien is onze kust wel beter af zonder helmgras

bouwbreed Premium 710

Misschien is onze kust wel beter af zonder helmgras

Stuivende duinen zouden wel eens gemakkelijker kunnen meegroeien met de zeespiegelrijzing, dan duinen die zijn gefixeerd met helmgras. Dat blijkt uit intrigerend onderzoek van de Universiteit Utrecht. Het vochtgehalte van de bodem speelt een sleutelrol.

De Utrechtse fysische geograaf Yvonne Smit richt zich bij haar promotie onderzoek vooral op het verband tussen bodemvocht en het tempo van zandverstuiving. Het vochtgehalte bepaalt voor een belangrijk deel in hoeverre zandkorrels door de wind kunnen worden losgemaakt van het strand en via de lucht getransporteerd. Bij vochtgehaltes beneden 7% komen korrels aan het oppervlak beschikbaar voor transport. Waarbij het uiteraard nog van windkracht, windrichting en korrelgrootte afhangt wat er precies gebeurt en waar de korrels neerslaan.

Met een laserscanner blijkt je ook bodemvocht te kunnen meten

Om het vochtgehalte te bepalen gebruikt Smit laserscanners. Dat de apparaten waarmee normaal gesproken gebouwen of bruggen in worden gescand daar ook voor kunnen worden gebruikt is toevallig ontdekt. De reflectie van laserstralen in het infrarode spectrum blijkt een goede indicator voor het vochtgehalte in de bodem. Hoe meer straling er wordt gereflecteerd, hoe droger de bodem en omgekeerd. Dat vochtgehalte relateert Smit vervolgens aan getijcyclus, grondwaterpeil, maar ook aan temperatuur, windrichting en andere meteorologische factoren.  Zo hoopt ze tot een verfijnd model te komen voor duinvorming en aangroei in onze regionen.

“Misschien moeten we die hardnekkige gewoonte van kustbeheerders nog eens heroverwegen.”

Volgens Smit is er heel veel kennis over het gedrag van duinen in droge gebieden, zoals de wandelende duinen in de Sahara en andere woestijnen. Maar zodra vocht in het spel is, verloopt duinvorming plots heel anders. Ook over erosie van zandige kusten is heel veel kennis beschikbaar. Rijkswaterstaat en Deltares beschikken over hele complexe en verfijnde modellen. Smit en een handvol collega-onderzoekers willen daar de kennis van duingroei aan toevoegen. Want zij hebben het sterke vermoeden dat de aanplant van helmgras misschien wel een averechts-effect heeft. Duinen die ruimte krijgen om te verstuiven blijken volgens de modellen beter zand in te vangen en mee te groeien met zeespiegelrijzing dan duinen die gefixeerd zijn met helmgras.  Smit:  “Misschien moeten we die hardnekkige gewoonte van Nederlandse kustbeheerders misschien nog een keer goed onder de loep nemen. Helmgras komt van nature namelijk helemaal niet voor in Nederland. Biologen treffen in duingebieden die niet gedomineerd worden door helmgras ook een veel grotere biodiversiteit aan.”

Stuifsleuven in Kennemerduinen ondersteunen de modellen

De resultaten van een praktijkproef in de Kennemerduinen lijken de onderzoekers gelijk te geven. Bij Bloemendaal zijn in de duinenrij vijf speciale stuifsleuven gegraven. De korrels worden bijna individueel gevolgd met allerhande meetapparatuur, waaronder saldex meters, maandelijkse drone-opnamen en vanuit een speciale Argus-meetmast. Terwijl de sleuven zelf nauwelijks eroderen, laten ze wel zand dat van het strand wordt losgemaakt, door. Een informatiebord voor de bezoekers van het natuurgebied was volgens de onderzoekster een jaar na het graven  van de sleuven al onder anderhalve meter zand verdwenen. Volgens Smit wijst alles erop dat duinen die de ruimte krijgen om mee te bewegen, de reizing van de zeespiegel kunnen volgen. Daarvoor moet er wel ruimte zijn en moet de duinenrij breed genoeg zijn, zoals bij Bloemendaal het geval is. Bij gebieden langs de Nederlandse kust waar de bebouwing al na de eerste of tweede duinenrij begint, is dat een te riskante strategie.” Volgend jaar hoopt Smit haar onderzoek af te ronden met een promotie.”

Reageer op dit artikel