nieuws

De Arbiter: onvoorziene omstandigheden of huiswerk niet goed gedaan?

bouwbreed Premium 962

De Arbiter: onvoorziene omstandigheden of huiswerk niet goed gedaan?
raad van arbitrage De Arbiter

Het ontwerprisico dragen en dan alsnog aankloppen bij de opdrachtgever vanwege onvoorziene omstandigheden? Dat gaat niet zomaar.

In deze rubriek staat dit keer een werk van enige omvang centraal. Het gaat om vier onderdoorgangen onder een spoorlijn, waarvan twee voor de fiets en twee voor autoverkeer. De opdracht, voor een bedrag van ruim 60 miljoen euro, wordt gegund aan een combinatie van drie bedrijven. De combinatie is niet alleen volledig verantwoordelijk voor de bouw maar ook voor het ontwerp (UAV-GC 2005). Dat ontwerp wordt na de gunning aangepast en vervolgens op basis van de resultaten van bodemonderzoek nog eens volledig herzien, met gevolgen voor de uitvoering. Toch is alles op tijd klaar. Champagne, zou je zeggen? Nou, niet helemaal.

Bodemgesteldheid

De bouwcombinatie wil nog wél graag ruim 4,7 miljoen euro aan meerkosten in rekening brengen. Ze heeft ná de gunning het ontwerp van de kunstwerken aangepast van een op staal gefundeerde tunnelbak naar een oplossing met palen. Toen later bleek dat de bodemgesteldheid geen palen toeliet, keerde ze terug naar de op staal gefundeerde bak. Met aanpassingen in de uitvoering en in de bijbehorende polderconstructies tot gevolg. Verder moesten onvoorzien ontlastbronnen worden toegepast. De combinatie wijt het allemaal aan pas laat geconstateerde extreme lokale afwijkingen in de bodem, die ze niet kon of hoefde te voorzien, onder andere omdat ze er voor het beslissende onderzoek niet bijtijds bij kon.

Paragraaf 44-1, sub c

De opdrachtgever vindt echter dat het ontwerprisico bij de bouwcombinatie ligt en wil geen meerkosten betalen. Uiteindelijk belandt het geschil bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw. De discussie richt zich daar juridisch gezien vooral op het beroep van de combinatie op een dusdanige onvoorziene omstandigheid dat niet verwacht kan worden dat de overeenkomst ongewijzigd in stand blijft. (Voor de liefhebber: UAV-GC 2005, paragraaf 44-1, sub c.)

Uitzonderlijke omstandigheden

De centrale vraag in het geschil is dus of de omstandigheden zo uitzonderlijk waren dat de bouwcombinatie de gevolgen niet zelf hoeft te dragen. Bij de stapsgewijze behandeling van de onderbouwing van de claim sneuvelt echter het ene argument na het andere. Ja, relevant onderzoek kon in de tenderfase nog niet worden verricht. Maar dat was bekend en toch heeft de combinatie zonder voorbehoud ingeschreven. Ja, er was een nieuw ontwerp nodig. Maar de eerste wijziging naar een palen-oplossing gebeurde op eigen initiatief, in het volle bewustzijn dat nader onderzoek die oplossing op losse schroeven kon zetten. Nee, het geotechnisch bodemonderzoek is niet tijdig verricht, dat wil zeggen aan het begin van het ontwerptraject. En nee, dat lag niet buiten de macht van de aannemerscombinatie die immers pas vier maanden nadat ze er wel degelijk bij kon onderzoek liet doen. En zo nog het een en ander. Concluderend: nee, het risico was niet onvoorzien of had dat niet mogen zijn. De bouwcombinatie kon of behoorde te weten dat sprake was van een sterk variabele bodemopbouw. Niet voor niets had ze een reservering opgenomen voor nader bodemonderzoek.

Huiswerk niet gedaan

Het oordeel van de arbiters zou je heel kort kunnen samenvatten als: wat de bodemgesteldheid betreft, heeft de bouwcombinatie haar huiswerk niet bijtijds en niet goed gedaan. Daarom zijn de gevolgen voor eigen rekening. Net als de proceskosten en die van rechtsbijstand van de opdrachtgever.


(Meer over dit vonnis is te vinden op raadvanarbitrage.info, onder nummer 35.630)

Reageer op dit artikel