nieuws

Horsman & Co-directeur John Moors: ‘Wat mogen wij aan een project verdienen?’

bouwbreed Premium 2398

Horsman & Co-directeur John Moors: ‘Wat mogen wij aan een project verdienen?’

De sterke opleving van de bouwsector biedt volop kansen voor lokale en regionale bouwers. Maar er zijn ook uitdagingen. De sterke juridisering van relaties, de vraag naar stabiele bouwpartners en het tekort aan goede vakmensen zorgden ervoor dat twee lokale bouwers, Bouwgroep Horsman & co uit Lisse en Draijer Bouw uit Heemstede, elkaar opzochten. Volgens directeur John Moors een goed moment om uit te dragen waar het in de bouw om moet gaan: transparantie en betrouwbaarheid.

Gesprekken tussen de bouwers met hun roots in de Bollenstreek en Kennemerland,  resulteerden uiteindelijk in een overname van Draijer Bouw, met een omzet van circa 5 miljoen en 24 man personeel door het grotere Horsman, met een omzet van circa 25 miljoen en 60 man. Volgens commercieel directeur John Moors van Horsman was de overname een logische conclusie van gesprekken tussen beide bedrijven.

“Het begon eigenlijk heel informeel. Draijer had een vraag over een projectontwikkeling, en dat is net een onderdeel waar wij goed in zijn. En zoals dat gaat praat je dan over de markt, de veranderingen en de uitdagingen waar familiebedrijven tegenaan lopen. We hadden het over mondige opdrachtgevers, duurzaamheidsvraagstukken, de problemen die ontstaan bij ziekte van werknemers, de tijd die we tegenwoordig kwijt zijn aan niet-bouwkundige zaken. Voor Draijer waren dat knelpunten terwijl wij voor dat soort uitdagingen beter zijn uitgerust. Dus het gesprek kwam al snel op de vraag: wat kunnen we voor elkaar betekenen?”

Na driekwart jaar besloten de bedrijven met elkaar door te gaan. “Dat lijkt voor de buitenwereld misschien snel, maar we hadden over en weer al snel het juiste gevoel. En we blijven familiebedrijven: als we een beslissing hebben genomen, dan gaan we ervoor.”

‘We zien nu veel meer grote, landelijke spelers voor de opdrachten op de regionale markt’

Samen sta je sterker, is het devies van de beide bedrijven. “Draijer is vooral actief in de particuliere bouw, terwijl wij meer allround zijn, en complexere bouwopgaven realiseren. Maar voor beide bedrijven gelden dezelfde uitdagingen. Vroeger kon je als lokale bouwer voor je opdrachten rekenen op je lokale netwerk, maar dat is steeds meer aan het verdwijnen. Dat komt door nieuwe aanbestedingsregels, maar ook door een veranderende markt. We zien nu ook veel meer grote, landelijke spelers voor de opdrachten op de regionale markt. Vroeger kwam je ze zelden tegen maar de grote bouwers hebben zich in de crisistijd dieper in de lokale markt gemanifesteerd.”

Bovendien leiden nieuwere contractvormen en verzwaarde eisen tot een grotere juridisering. “Die strengere omgeving  maakt het lastiger voor de kleinere bouwers om nog grote klussen aan te nemen. Je hebt simpelweg niet de capaciteit of de mogelijkheden om zoveel tijd te besteden aan niet-bouwkundige zaken.”

Maar er was nog een reden voor de bouwbedrijven om elkaar op te zoeken. “Wij zitten van oorsprong in de Bollenstreek, en zijn later uitgebreid naar de Haarlemmermeer. Draijer zit iets noordelijker, in Kennemerland. Juist daar zijn weinig regionale bouwers die er hun wortels hebben en grotere projecten aan kunnen. Draijer blijft onder de eigen naam werkzaam, maar heeft nu de steun van Horsman in die regio. Dat is belangrijk, want er komen grote projecten aan in zijn regio. Voor ons liggen daar kansen.”

‘Ik hoop dat we als bouwsector vooral transparanter worden’

Horsman & co heeft wel wat last gehad van de crisis, maar wist zich volgens Moors goed te handhaven. Nu de economische opleving in de bouw volop merkbaar is, ziet hij ook wel wat minpunten. “We hebben als sector nog een inhaalslag te maken. Maar ik denk niet dat het goed is om nu gebruik te maken van de krapte en ons zo snel mogelijk weer moeten volvreten. Ik hoop dat we als bouwsector vooral transparanter worden. Want waar verdien je als bouwer op? Op de toegevoegde waarde! Om je marges te halen uit bijvoorbeeld meerwerk of goedkoop inkopen van materialen en aan de klant de hoofdprijs berekenen is volgens mij niet de manier. Want die klant kan tegenwoordig ook gewoon op internet opzoeken wat een kozijn kost.”

De opdrachtgever wil dat ook niet meer, stelt Moors. “Ze zijn absoluut mondiger geworden, maar willen ook een betrouwbare partner, die duidelijk is over de marges die verdiend worden, en continuïteit en kwaliteit kan bieden. Dat betekent dat je als bouwer bereid moet zijn de vlag anders in top te hangen. Het heeft er in dit bedrijf toe geleid dat we op een andere manier aan tafel zitten bij de eerste gesprekken met een opdrachtgever. Ik vraag weleens gewoon: ‘Wat mogen wij aan dit project verdienen?’

Die vraag leidt soms tot vreemde blikken, terwijl het eigenlijk een heel logische is. Want de houding van sommige opdrachtgevers is toch dat ze het liefst een zo mooi mogelijk project realiseren, en bij voorkeur nog geld overhouden. Terwijl je het eigenlijk andersom moet doen en de vraag moet stellen: wat kan ik allemaal krijgen voor het bedrag dat ik beschikbaar heb? Dan krijg je veel meer kwaliteit in het bouwwerk. Nu zie je vaak nog dat er een aanbesteding komt op prijs waarbij de opdrachtgever afwachtend toekijkt. Maar dan blijkt dat het project uiteindelijk toch kostenoverschrijdingen kent, te laat wordt opgeleverd en van lagere kwaliteit is dan gedacht. Dat is niet nodig.”

‘Dat zorgt voor een hogere kwaliteit, meer waar voor het geld, en absoluut een prettigere samenwerking tussen de partijen’

Volgens Moors vraagt zo’n opstelling om lef bij de opdrachtgever. “Ik leg bij een aanbesteding het liefst de boeken open, en vraag dan wat de optimale besteding is van het geld dat de opdrachtgever voor het project heeft gereserveerd. Dat is een lastige vraag voor een opdrachtgever, omdat hij daarin transparant moet zijn over het geld dat hij te besteden heeft, maar ik denk dat een dergelijke manier van aanbesteden zorgt voor een hogere kwaliteit, meer waar voor het geld, en absoluut een prettigere samenwerking tussen de partijen.”

Volgens Moors is die samenwerking tussen partijen al aan het veranderen. “Het is niet voor niets dat veel van onze opdrachten in bouwteam worden gedaan. Maar het draait uiteindelijk allemaal om vertrouwen. Zo moeten opdrachtgevers erop kunnen rekenen dat wij zorgen voor een productiezekerheid en kwaliteit, en moeten bouwers er zeker van zijn dat ze een eerlijke prijs krijgen voor goed geleverd werk.”

Reageer op dit artikel