nieuws

CEO Arcadis: “Nederlandse directheid moet je niet verwarren met lompheid”

bouwbreed Premium 2413

CEO Arcadis: “Nederlandse directheid moet je niet verwarren met lompheid”

Nog geen jaar na zijn aantreden als opvolger van de weggestuurde Neil McArthur presenteerde Peter Oosterveer nette jaarcijfers voor Arcadis. De scherpe kantjes zijn er na bijna dertig jaar werken voor het Amerikaanse Fluor volgens de CEO inmiddels wel van af.

Tevreden over de resultaten in de eerste driekwart jaar van uw bestuursvoorzitterschap?
“Zeker. Vooral de resultaten in de tweede helft van het jaar zijn hoopgevend en reden voor optimisme. En de verwachtingen voor dit jaar zijn ook nog eens goed. We hebben vorig jaar de structuur versimpeld en een strategische heroriëntatie geformuleerd. Daarmee ligt er een solide basis.”

U heeft natuurlijk gewoon het economisch tij mee…
“Dat helpt zeker. Het is fijn dat onze markten zich gunstig ontwikkelen. Hoewel er ook regio’s zijn waar het tegenzat.  in Latijns Amerika en ook in Midden Oosten  hadden we het zwaar.”

 Waarom wil u per se af van architectendochter CallisonRTKL?
“Architecten zijn toch een ander soort mensen dan ingenieurs. Ze voeren ook andersoortige werkzaamheden uit. Natuurlijk zit er soms een ruimtelijke of vormgevingscomponent aan de projecten die wij doen. Maar dan huren we in de toekomst wel een bureau in, in plaats van dat we een 1700 man sterk architectenbureau in huis houden.”

Is er een groot verschil tussen Arcadis en Fluor, het Amerikaanse ingenieursbureau  waarvoor u bijna dertig jaar werkte?
“Eigenlijk niet. Fluor zit vooral in de proces-industrie, de olie en gas en mijnbouw, Arcadis meer in water, infrastructuur, gebouwde omgeving.  Maar het type mensen is vergelijkbaar. En ze werken allemaal op projectbasis. Als een project klaar is ga je weer aan de slag met een nieuw project, op een andere plek, in een ander team. Dat vraagt een flexibele instelling en dat gecombineerd met de ingenieursbenadering zijn bepalender dan het land van oorsprong van het bureau waar je uiteindelijk voor werkt. Arcadis heeft meer projecten over meer verschillende branches dan Fluor, maar verder zijn de verschillen klein.”

Welk Arcadis-project doet uw hart sneller kloppen?
“Ik ben afgelopen jaar in alle regio’s geweest waar Arcadis actief is. Op alle continenten ben ik fantastische projecten tegengekomen. Het is onmogelijk om er daarvan één naar voren te schuiven als mijn favoriet. Juist die enorme verscheidenheid van de 30.000 projecten die Arcadis jaarlijks aanpakt vind ik mooi.”

Digitalisering is één van de pijlers van de nieuwe strategie die in november is ingezet. Is dat geen open deur?
“Het gaat verder dan het stroomlijnen en automatiseren van de eigen werkprocessen en de verdere implementatie van BIM. Het gaat ook om het aanbieden en ontwikkelen van andere businessmodellen, waarin data-analyse een belangrijke rol speelt. Dat doen we in Nederland bijvoorbeeld op het spoor. Met sensoren monitoren we alles rondom deze essentiële infrastructuur en zorgen dat we op tijd zien aankomen als een wissel in storing dreigt te gaan. Daar sturen we dan  pro-actief een aannemer op af. We krijgen dus niet uurtje-factuurtje betaald, en werken niet vooraf overeengekomen onderhoudsprogramma’s af, maar garanderen beschikbaarheid. Dat is een ingrijpende verandering van de werkwijze die op tal van vakgebieden zijn intrede doet.”

Hoe belangrijk is Nederland nog voor Arcadis?
“We zijn als bedrijf wereldwijd actief, maar onze wortels liggen onmiskenbaar in Nederland. In de jaarcijfers gaan ze mee in de cijfers voor continentaal Europa en worden ze niet gespecificeerd. Maar we zijn in Nederland natuurlijk met heel veel vestigingen en mensen actief op heel veel terreinen. Internationaal verklaart het onze expertise op het gebied van duurzaamheid en vooral natuurlijk waterveiligheid. Dat draagt sterk bij aan onze identiteit.”

Nederlanders staan in het internationale verkeer bekend als direct, op het lompe af. Hoe zit dat met Peter Oosterveer?
“Ik ben in mijn internationale carrière nog nooit een botte Nederlander tegengekomen. Maar het is waar dat we vaak heel duidelijk zijn en zeggen waar het op staat. Mijn ervaring is dat die houding toch wel een zeker respect afdwingt. Toen ik net van de HTS als elektrotechnisch ingenieur was ik vast ook wat directer, hoewel ik volgens mij nooit met gestrekt been inkwam. Na 28 jaar werken bij een Amerikaanse bedrijf waarvan ik ook nog eens 14 jaar in de VS heb gewoond, zijn de scherpe kantjes er denk ik wel vanaf. Volgens mij overheerst het positieve: Nederlanders draaien niet om de hete brei heen. Dat vinden mensen uiteindelijk toch wel prettig. Over de hele wereld.”

Reageer op dit artikel