nieuws

De belofte die Stef Blok nooit kon waarmaken: reconstructie van een broze Bouwwet

bouwbreed 4842

De belofte die Stef Blok nooit kon waarmaken: reconstructie van een broze Bouwwet

Na een meeslepende, twintig jaar lange strijd, tussen links en rechts, tussen gemeenten en marktpartijen, tussen toezichthouders en toeleveranciers, bouwers en ingenieurs, strandde de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen op 11 juli in de Eerste Kamer. Helemaal niemand zag het aankomen, op een aantal CDA’ers na. Hoe kon dit gebeuren? Een reconstructie van een wetsvoorstel dat zich volgens wetgevingsdeskundigen met een worst laat vergelijken: je wilt niet weten wat er in zit.

Hij buigt iets voorover en plant zijn tien vingers tegen elkaar, alsof hij met zijn handen wil laten zien hoe een hellend dak eruitziet. Zijn vrolijke, rode stropdas zet je op het verkeerde been. “Kwaliteitsborging izzz een publieke taak.” Dat doet hij wel vaker. De s als z uitspreken. Alsof hij daarmee de waarheid verankert. Daar izzz niets tegenin te brengen.

Dit fragment komt uit een interview van Cobouw met de toenmalige minister voor Wonen, Stef Blok. We schrijven april 2016. De liberale Blok vertelt uitgebreid over hysterische lobbyisten en over de twijfels die hij had.

Het gesprek gaat over de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen die een historisch nieuw tijdperk inluidt. Een tijdperk waarin de gemeentelijke toezichthouder van afstand moet toezien hoe een marktpartij tegen betaling, zijn maatschappelijke taak als bouwpolitie, grotendeels overneemt. Alleen als het misgaat, komt de gemeente om de hoek kijken. Of zoals Blok zegt: “Kwaliteitsborging izzz een publieke taak.”

Stef Blok

Bloemetjes brengen

Als je het over hete aardappels hebt, is dit er één. Sinds 2008 schoven al zijn voorgangers hem door. Blok is dat niet van plan. De ogenschijnlijk koude, maar intussen oh zo betrokken woningmarkthervormer, die ambtenaren het liefst persoonlijk bloemetjes brengt als er weer eens iets te vieren valt, wil een serieuze poging wagen om ook deze wet door de Eerste en Tweede Kamer te loodsen. Zijn ambtenaren overtuigden hem toch met deze wet door te gaan, al staat het niet in het regeerakkoord, zegt Blok tegen Cobouw. Hij complimenteert ze.

“Kwaliteitsborging izzz een publieke taak.” Achteraf beschouwd, vatte Blok, met dit ene zinnetje, toen al, het ontluisterende verhaal over een volgens sommigen krakkemikkige wet, die pas op het allerlaatste strandde, samen. Met dat ene zinnetje zei hij namelijk helemaal niets. Zonder toelichting is dit zinnetje, een holle frase, een losse flodder, een lege huls.

De deal tussen Blok en de PvdA

Je kunt dit als liberaal natuurlijk makkelijk zeggen. Want hoe voorkom je dubbel werk? Hoe houd je grip op potentiële bouwongelukken als je niet weet welke risico’s er zijn? Hoe handhaaf je als gemeente, als je op afstand wordt gezet met de komst van private kwaliteitsborgers? Hoe grijp je in als je qua informatie bent overgeleverd aan de ‘wolven’?

Precies deze zorgen heeft PvdA’er Albert de Vries in 2014 als hij de eerste schetsen van het ‘toch wel erg private’ wetsvoorstel ziet. Maar, hoewel Blok en De Vries flink aan elkaar moeten wennen, publiekelijk een brandje in de Tweede Kamer blussen, weet de minister het goedgemaakt. Achter de schermen maakt hij een deal met de volhardende Zeeuw.

“Albert, maak je niet ongerust. Het komt goed. Aan het einde van de rit mag jij je punten pakken, je weet hoe dat gaat in politiek Den Haag.”

Een beetje privaat, een beetje publiek. “En we hebben het vanaf nu niet meer over de privatisering van het bouwtoezicht”, voegt Blok eraan toe.

De goedgelovige De Vries vertrouwt op deze zalvende woorden van de minister, al zijn er strubbelingen. Al voelt De Vries zich vaker in een hoek gedrukt, bijvoorbeeld als zijn aangenomen moties over gesprekken met verzekeraars, en het toelaten van een systeem met door de overheid erkende bouwoplossingen, naar zijn smaak, niet goed worden uitgevoerd door Blok, een man van zijn woord.

Kwartiermaker creëerde zijn eigen baan

De drie kwartiermakers: Gertjan van Leeuwen, Hajé van Egmond en Harry Nieman.

De drie kwartiermakers: Gertjan van Leeuwen, Hajé van Egmond en Harry Nieman.

Niet Blok krijgt ervan langs, nee, de kritiek van de PvdA’er richt zich vooral op de drie private kwartiermakers die Blok heeft aangesteld; Harry Nieman, Gert-Jan van Leeuwen en Hajé van Egmond, van de Stichting Instituut Bouwkwaliteit (SIBK), die moeten zorgen voor draagvlak in het veld.

“Draagvlak? Hoe dan?” De Vries trekt vrijwel direct hun onafhankelijkheid in twijfel.

Harry Nieman was tot voor kort namelijk directeureigenaar van een adviesbureau in de bouw dat zijn naam draagt. Hij noemde dat bedrijf onlangs ook nog eens tijdens een congres in Bussum over deze toekomstige Bouwwet. “Hoe bedoel je verdacht?”

Bovendien creëerde Nieman in feite zijn eigen ‘baan’. Als voorzitter van een eerdere denktank, een overblijfsel van het Bouwteam van minister Spies, adviseerde Nieman de minister in 2013 namelijk, dat deze historische stelselwijziging alleen kans van slagen heeft, als het proces wordt begeleid door een kwartiermaker met verstand van de markt. En zo geschiedde.

‘Goed geregeld BV’

Ook kwartiermaker Hajé van Egmond klust er volgens de PvdA’er ‘geregeld’ bij via zijn adviesbureau Geregeld BV. “Hoezo onafhankelijk”, menen ook andere kritische omstaanders onder wie Nico Scholten, van het Expertise Centrum Regelgeving Bouw die vaker in de clinch ligt met het ministerie: zelden maakt BZK verstandige keuzes.

Blok, volgens minister Plasterk de strateeg van dit kabinet, sust de boel en verzekert De Vries in reactie op zijn Kamervragen dat de drie al hun belangen met partijen in de bouw hebben afgestoten.

Tot op de dag van vandaag kun je daar over twisten. Van Egmond heeft namelijk nog steeds een adviesbureau en Harry Nieman beschikt ook nog altijd over 11 procent van de aandelen van het ingenieursbureau dat hij ooit zelf oprichtte.

Nieman en Van Egmond zijn zich echter van geen kwaad bewust. “Ik moet er toch iets naast doen”, zegt de één. “Kwartiermaker is maar een parttime baan.”

Nieman verklaart dat hij bij de verkoop van zijn bedrijf niet onder eisen van de bank uitkwam. “Zij eisten een risicodragende inleg. Die elf procent moet je dus zien als lening. Het gaat om een bedrag van 100.000 euro dat eind dit jaar vrijkomt als ik mijn pensioengerechtigde leeftijd bereik. Ik profiteer dus niet van eventuele winst door deze wet.”

Hoe dan ook. Blok verzekert Albert de Vries in 2014 dat de kwartiermakers “onder voorbehoud van politieke besluitvorming werken.” Met andere woorden: de zorgen die PvdA’er heeft over een te duur en ingewikkeld systeem, en kwaliteitsborgers die de prijs van bouwtoezicht zullen opdrijven, zijn volgens Blok ongefundeerd: “Jij en ik gaan daarover Albert, niet zij.”

Toch trekt de mist rondom de drie nooit helemaal op. Ook anderen beginnen zich aan de drie te ergeren. Kritische juristen, lobbyisten, ambtenaren en afgevaardigden van consumentenorganisaties ervaren dat de kwartiermakers, al ver voor de wet überhaupt door de Tweede Kamer is behandeld, verdienen aan de wet, met seminars, lezingen en cursussen. En hoe doe je dat als je niet eens weet hoe de wet er precies gaat uitzien? “Dubbele petten? Geen twijfel over mogelijk”, zeggen ze tegen Cobouw.

PvdA’er Albert de Vries wordt ongeduldig

Albert de Vries, PvdA

PvdA’er Albert de Vries

2014, wordt 2015, wordt 2016. Maanden van experimenten, rondetafelgesprekken en stuurgroepvergaderingen, verstrijken. Zorgwekkende rapporten over proeven met private kwaliteitsborging lekken uit, en vergroten de onrust bij tegenstanders van deze wet, zoals Vereniging Eigen Huis en de Vereniging Bouw en Woning Toezicht Nederland (VWBTN).

Wethouders en toezichthouders voelen zich niet gehoord en Margreet Schotman verlaat namens de VWBTN boos de stuurgroep stelselwijziging (die minister Blok optuigde) als de minister steeds vaker begint te roepen dat een stelselwijziging noodzakelijk is, omdat het systeem van gemeentelijk bouwtoezicht nou eenmaal faalt. Blok nodigt de gepikeerde Schotman uit voor een kop koffie, maar krijgt de schade niet gerepareerd, omdat hij weigert zijn excuses aan te bieden.

Keer op keer wordt het allesbepalende debat in de Tweede Kamer uitgesteld. Dat zit Albert de Vries, voormalig wethouder van Middelburg, die weet wat het is als er bouwfouten worden gemaakt (de Blunderput), toch niet helemaal lekker. Bij ambtenaren en kwartiermakers loopt hij steeds tegen muren aan, ervaart hij.

De kwartiermakers stellen daar tegenover dat ze “nooit een verzoek van De Vries hebben gehad om te praten over wetswijzigingen”. “En de zaken die hij geregeld wilde, zoals werkbezoeken, hebben we voor hem geregeld.”

De PvdA’er verliest niettemin zijn geduld en denkt steeds vaker terug aan de mondelinge deal die hij maakte met minister Blok. Toch blijft hij vertrouwen op een goede afloop, maar of dat zo slim is?

PvdA’er dreigt met intrekken steun

Januari 2017. Dicht tegen de verkiezingen aan, die onheil voorspellen voor de partij van De Vries, is het eindelijk zo ver. De Tweede Kamer behandelt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. “Tijd om te oogsten”, denkt De Vries,'”tijd om de deal met Blok af te tikken.”

Achter de schermen dreigt hij de steun voor het nog altijd “te private, te dure en te ingewikkelde” wetsvoorstel in te trekken. Voor de schermen geeft hij Blok de kans om de wet op cruciale onderdelen aan te passen. De Vries wil gemeenten meer houvast geven voor het uitvoeren van hun handhavende taak die in het gemengde systeem blijft bestaan.

Blok ziet de ‘linkse’ van ver aankomen, maar de ‘bokser uit Middelburg’ gaat er zo vol in dat ‘boksbal’ Blok een pauze inlast.

“Laten we de tweede termijn van het debat volgende week of over twee weken doen. Dan hebben de PvdA en ik de tijd om tot elkaar te komen. En dat gaat vast lukken.”

Omstaanders weten niet wat ze horen. Ze zijn niet op de hoogte van de deal tussen Stef Blok en Albert de Vries en wachten in spanning af wat er komen gaat.

Achter gesloten deuren treffen de minister, VVD-kamerlid Roald van der Linde, Albert de Vries en ambtenaren elkaar. Ondanks de deal van weleer, “Albert het komt goed”, volgen er stevige onderhandelingen. Ambtenaren krijgen er hoofdpijn van. De wensen van De Vries staan namelijk haaks op de uitgangspunten van het wetsvoorstel dat er al zo lang ligt, vinden zij.

‘Sorry, voor de deal, ik moet naar Justitie’

Dan gebeurt er iets wat helemaal niemand ziet aankomen: gedoe bij Justitie. Minister Ard van der Steur struikelt over een bonnetjesaffaire. Zijn opvolger? Stef Blok. Uitgerekend op het moment dat hij zijn deel van de deal met De Vries moet waarmaken, verlaat Blok de onderhandelingstafel. “Kwaliteitsborging izzz een publieke taak”.. en zoek het voor de rest zelf maar uit, zou je kunnen denken.

PvdA’er Albert de Vries omringd door Kamerleden en Plasterk

“Onzin”, blikt Albert de Vries daar achteraf op terug. “Puur toeval. Ik ken de minister als een zeer eerlijke man.”

Meerdere Haagse bronnen voegen daaraan toe dat de keuze voor Blok logisch was, omdat hij eerder al tien dagen waarnemend minister van Justitie was. Dat was overigens ook na gedoe op dat ministerie. Toen ruimden Ivo Opstelten en Fred Teeven het veld.

Het onderhandelen gaat door, moet doorgaan en nieuwe versies van wetswijzigingen gaan over en weer, alsof je vlak voor het huwelijk besluit toch te trouwen met een ander. De nieuwe onderhandelaar heet Ronald Plasterk. Hij heeft nauwelijks kaas gegeten van dit ingewikkelde bouwdossier. De kwartiermakers die Albert de Vries nog steeds niet vertrouwt, zijn niet blij met de amendementen van de PvdA’er en doen er alles aan om de “schade aan het wetsvoorstel te beperken”.

Schade beperken? Hoe zit dat? “We ondersteunden Binnenlandse Zaken bij het wijzigen van de amendementen zodat ze uiteindelijk voor alle partijen acceptabel waren”, nuanceert één van de kwartiermakers. “Het eerste voorstel van De Vries was bijvoorbeeld, na oplevering acht weken tijd voor de gemeente om een vergunning te verlenen voor het in gebruik mocht worden genomen.” Om niet te hoeven zeggen: krankzinnig.

De partijen komen er toch uit. Wetgevingsdeskundigen zullen achteraf verklaren dat ze het onbegrijpelijk vinden dat deze wetteksten op goedkeuring konden rekenen van Justitie als beschermheer van zorgvuldige wetgeving, maar op 21 februari 2017 stemt een ruime Kamermeerderheid, ook druk met campagne voeren, ermee in. De kou is daarmee echter niet uit de lucht.

Iedereen legt de wetswijzigingen van De Vries namelijk anders uit. Zelfs minister Plasterk heeft geen volledig verhaal. Hij komt niet veel verder dan “gemeenten gaan het werk van kwaliteitsborgers natuurlijk niet overdoen en niemand zit op dubbel werk te wachten.”

“Logisch”, menen critici, onder wie De Vries: “Plasterk weet amper waarover hij praat en laat zijn oren hangen naar ambtenaren en kwartiermakers, die nu en straks verdienen aan deze wet”, klinkt de teneur.

“Nonsens”, pareren de kwartiermakers: “Twee van de drie gaan straks met pensioen. En wij geven ambtenaren slechts advies.”

Een gemengd stelsel? Hoe dan?

Verkiezingen. De PvdA loopt fikse kleerscheuren op en De Vries weet dat hij op zoek moet naar een andere baan. Weer trammelant. Op de website van de drie kwartiermakers verschijnt een notitie waarin staat hoe de wetswijzigingen van De Vries moeten worden uitgelegd.

Woede bij De Vries, ‘weer’ zit het drietal hem dwars, vindt hij. Op de valreep van zijn bestaan als Kamerlid stelt de Vries Kamervragen aan Plasterk.

De PvdA-minister komt op voor de drie, nuanceert de aantijgingen van zijn partijgenoot en schrijft dat het om een ambtelijk stuk gaat, waar de drie kwartiermakers niets mee te maken hebben.

De Vries moet het daar mee doen, maar is niet gerust op een goede afloop, vindt dat het democratisch proces wordt gesaboteerd, en vreest dat de bedoelingen van zijn wetswijzigingen straks helemaal niet meer in de wet terug te vinden zijn.

Zijn enige houvast is de door hem geschreven toelichting bij de aangenomen wetswijzigingen. Die toelichting komt echter niet terecht in het wetsvoorstel dat de Eerste Kamer op 4 juli zal behandelen.

Het CDA, een torenbrand en wetgevingsdeskundigen vloeren wetsvoorstel

Rommelige wetgeving die op twee gedachten hinkt. Wetgevingsdeskundigen, juristen en wethouders waarschuwen in de week voor 4 juli, het moment van de waarheid, voor grote problemen. De een geeft Albert de Vries de schuld, de ander de kwartiermakers. Wat de deal tussen Blok en Albert de Vries ook inhield: er is vooral verwarring over. 

Toch gooit de torenbrand in Londen pas echt olie op het vuur van dit ‘wonderlijke’ wetgevingsproces waar lange tijd geen krant of politieke partij (op het CDA, de VVD en de PvdA na) naar omkeek. Senatoren die al langer twijfelen aan deze rammelende wet, ontvangen tal van waarschuwende brieven: “Stem niet in met de wet, als de wet niet wordt aangepast.”

Ondanks een waarschuwing van het CDA in Cobouw op 4 juli zien ambtenaren van het ministerie niet aankomen dat de wet een week later gewoon weer op het bordje van het kabinet komt te liggen. Zelfverzekerd zegt één van hen vooraf zeker te weten dat het allemaal goed gaat komen. Hij komt bedrogen uit.

Kat in de zak

Privaat wat kan, publiek wat moet, maar hoe is nog steeds de vraag. PvdA’er Albert de Vries heeft het nakijken. Zijn afgetikte, sterk uit onderhandelde, wetswijzigingen blijken nog maar weinig waard op het moment dat ze bij de Eerste Kamer liggen.

“Met de amendementen dacht de PvdA de rol van de gemeente toch nog wat te versterken. Quod non”, duidt een wetgevingspecialist. Een andere wetgevingsdeskundige bevestigt dat. “Waardeloos? Dat heb ik meerdere mensen horen zeggen.”

Trapte Albert de Vries in een listige val van de VVD? “Nee”, beweren insiders volmondig vanuit alle hoeken van deze slangenkuil, die zich volgens Blok laat kenmerken door hysterische lobbyisten. “Het waren de kwartiermakers.”

‘Nieman deed het beter dan Donald Trump’

Ger van der Wal kijkt er anders tegen aan. De voorzitter van de stuurgroep stelselwijziging (riep Blok in het leven om ook gemeenten, marktpartijen en consumentenorganisaties een stem te geven tijdens het wetgevingsproces) weerspreekt dat kwartiermakers en ambtenaren de wetswijzigingen van de PvdA bewust om zeep hielpen.

“Dat Harry Nieman zijn eigen bedrijf noemde tijdens een congres over de wet was niet zo slim van hem, maar heeft hij het netter gedaan dan Donald Trump”, aldus Van der Wal. “En”, voegt hij eraan toe. “De deur van de PvdA werd platgelopen.”

“Dat kan wel zo zijn”, denkt een Haagse bron die stuurgroepvergaderingen bijwoonde als belangenbehartiger. “Maar waarom werd er dan helemaal niets met kritiek gedaan? Wat je ook inbracht, het wetsvoorstel bleef vrijwel ongewijzigd. De praktische nadelen van de huidige praktijk werden uitvergroot en de praktische nadelen weggeredeneerd. En theoretische voordelen werden als waarheid aangenomen. En ver voor de behandeling van de wet in de Tweede Kamer gingen het ministerie en kwartiermakers al aan de slag met het implementatieplan. Intussen werden in den lande al allemaal cursussen, seminars en trainingen verzorgd. Daar zit een deel van de dubbelrol in van Harry.”

Onzin, verdedigt Nieman: “Ik gaf alleen presentaties als kwartiermakers en kreeg daar hooguit een fles wijn voor.”

Of legde PvdA bom onder het wetsvoorstel?

Andere juristen stellen daar weer tegenover dat Albert de Vries de boel zelf saboteerde door op het allerlaatste moment op ramkoers te gaan. Ingefluisterd door onder meer Nico Scholten van het Expertise Centrum Regelgeving bouw, die ook een belang heeft en zijn plan er vanaf dag één via de PvdA probeert door te drukken: een systeem met door de overheid erkende bouwproducten en bouwdelen.

“Powerplay van De Vries? Onzin”, meent weer een ander die nauw betrokken was bij het wetgevingsproces. “Anders dan gesuggereerd wordt is het amendement van Albert de Vries niet last-minute uit de hoed getoverd. Het was het een terechte reparatie van iets dat al in 2013 door de minister is toegezegd, maar door het ambtelijk apparaat was verdonkeremaand. Hetzelfde geldt voor de andere amendementen zoals de risico-analyse.”

Harry Nieman, in het veld ook wel bekend als ‘de bulldozer’, begrijpt helemaal niets van de aantijgingen. “Of er niet eerder een compromis gesloten had moeten worden met de PvdA? De Vries is wethouder geweest. Maar ik kom uit de bouwwereld en weet hoe de overheid werkt. Het huidige stelsel werkt niet en er moet iets beter voor in de plaats komen. Dan moet je niet vanuit je geloof naar de wereld blijven kijken, maar anticiperen op de praktijk zoals ondernemers doen. Anders ga je naar de Filistijnen.”

Wat nu?

Hoe dit verhaal afloopt is op het moment van schrijven onduidelijk. Haagse bronnen gaan ervan uit dat het huidige demissionaire kabinet het wetsvoorstel laat liggen tot een volgend kabinet. Een kabinet, zonder de PvdA, hoogstwaarschijnlijk met Stef Blok.

Cobouw baseerde zich voor deze reconstructie op gesprekken met veertien direct betrokkenen, vertrouwelijke e-mails en Kamerstukken. De ministers Blok en Plasterk wilden niet meewerken. De meeste betrokkenen wilden hun verhaal alleen vertellen op achtergrondbasis. Cobouw heeft hoor- en wederhoor gepleegd en getracht het verhaal zoveel mogelijk van twee kanten te vertellen.

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels