nieuws

Wetgevingsdeskundigen waarschuwen: nieuwe Bouwwet gaat voor problemen zorgen

bouwbreed 6004

Wetgevingsdeskundigen waarschuwen: nieuwe Bouwwet gaat voor problemen zorgen

Na jaren van voorbereiding buigt de Eerste Kamer zich over de omstreden Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Ondanks een ruime meerderheid in de Tweede Kamer wordt het vanmiddag billenknijpen voor minister Plasterk. “Grote kans dat de wet het niet haalt”, zeggen Haagse bronnen. Wetgevingsdeskundigen stellen intussen grote vraagtekens bij de majeure operatie.

“Wie heeft de sleutel in handen? “Het CDA”, sms’t een insider. Met een simpele rekensom bevestig een ander het. “In de Tweede Kamer behaalde het wetsvoorstel een riante meerderheid en had het de steun van de Christendemocraten niet eens nodig. Maar in de Eerste Kamer liggen de verhoudingen volstrekt anders. Als de steun van het CDA daar wegvalt, kan het wetsvoorstel zomaar in de prullenbak belanden(zie kader).”

Het CDA heeft vanmiddag de touwtjes in handen

Inderdaad. Uitgerekend het CDA heeft vanmiddag de touwtjes in handen als de Eerste Kamer de zeer beladen Wet kwaliteitsborging voor het bouwen behandelt. Uitgerekend de partij van Elco Brinkman – oud-voorzitter van Bouwend Nederland – en Maxime Verhagen, de huidige voorzitter van Bouwend Nederland. Bouwend Nederland is nog altijd kritisch op het wetsvoorstel. Het CDA ook: te veel aansprakelijkheid komt op het bordje van aannemers te liggen, klinken de verwijten. Men vreest ook voor een te complex nieuw stelsel.

De kritiek komt uit verdachte hoek, zou je kunnen zeggen, maar in de aanloop naar het debat van vanmiddag in de Eerste Kamer groeit het verzet. Vereniging Eigen Huis was al tegen, ook gemeenten beginnen zich steeds meer af te vragen of de doelen van deze historische wet op deze ‘omslachtige’ manier worden waargemaakt. “Poppenkast, poppenkast, poppenkast, denkt de gemiddelde aannemer van de hoek”, zucht Wico Ankersmit, directeur van de Vereniging Bouw en Woningtoezicht Nederland.

Elco Brinkman vindt dat minister Blok te weinig minister van bouwen en wonen is.

Londense flatramp

De VNG (koepelorganisatie van gemeenten) is daar ook bang voor en vreest Londense flatramptaferelen. De rol van gemeenten is door de PvdA in de Tweede Kamer ineens weer een stuk groter geworden. Hoezo privaat? Wie, waarop, wanneer kan worden aangesproken op bouwfouten vinden zij volstrekt onduidelijk: “Ingrijpen? Hoe dan?” In het CDA-kamp leeft het besef dat de druk op de ketel toeneemt en dat zij voor eventjes de ‘volledige’ macht heeft.Maxime Verhagen.

Wat gaat het CDA doen? Dat is de grote vraag. Gebruikt de partij de wet als onderhandelingsvoer voor bijvoorbeeld investeringen in de bouw, of overweegt het serieus de stekker eruit te trekken?

In dubio

Greetje de Vries, die vanmiddag het woord voert namens het CDA, laat zich niet in de kaart kijken. “Dat is niet zoals het hoort.” Wel bevestigt ze dat haar partij in dubio zit. Ja, er is lang gewerkt aan de wet, en ja de uitgangspunten waren goed. Het is de uitwerking die voor discussie zorgt. “De steun brokkelt langzaam af”, typeert senator De Vries.

Zorgen zijn er vooral over de op het allerlaatste moment afgedwongen amendementen (wijziging op wetsontwerp) van PvdA’er Albert de Vries (zie kader). Bouwers en gemeenten krijgen er daardoor extra taken en verantwoordelijkheden bij. Het CDA vreest net zoals gemeenten voor “verwarrende situaties”.

Wetgevingsdeskundigen waarschuwen senatoren

Ook wetgevingsdeskundigen plaatsen grote kanttekeningen bij de wet die een groot deel van de aansprakelijkheid bij de markt poogt neer te leggen en opdrachtgevers beter wil beschermen tegen bouwfouten. Of dat gaat gebeuren is volgens hen echter uiterst twijfelachtig. “Als deze wet een gebouw was, dan is er een potentieel instortingsgevaar”, duidt Richard Neerhof, hoogleraar bestuursrecht aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Hij deelt de zorgen van de Christen-Democraten. Op initiatief van het CDA komt er een parlementaire enquête naar de woningcorporaties.

“De kern van het probleem is dat dit wetsvoorstel op twee gedachten hinkt; de wetgever beoogde een privaat stelsel, onder overheidstoezicht via een toelatingsorganisatie die instrumenten beoordeelt. Nu krijgen gemeenten er ineens ook weer een rol bij. Voor en achter moeten ze meekijken. Het aansprakelijkheidsvraagstuk wordt daarmee hoe je het ook wendt of keert erg diffuus. In de praktijk gaat dat problemen opleveren.”

“Lagere kosten? Ik vraag het me af”

Hoogleraar Neerhof heeft meer bedenkingen en heeft ook oplossingen. Wat deze wet anders dan chaos gaat opleveren is voor hem een raadsel. “Een betere bouwkwaliteit? Lagere kosten? Ik vraag het me af. De uitgevoerde maatschappelijke kostenbatenanalyse is boterzacht.”

Remco Smith, bouwadvocaat (Fundament Advocatuur), volgt het wetgevingsproces al jaren op de voet. “Natuurlijk! Deze wet heeft grote gevolgen voor de bouw. Hoe die gaat uitwerken is toch wel spannend.”

De kunst van het loslaten

Ook de bouwadvocaat heeft zijn twijfels over de toekomstige rol van gemeenten. Voor je het weet kijkt de publieke opinie bij een bouwramp toch weer naar de gemeente, terwijl dat juist met de nieuwe wet voorkomen moet worden. Smith: “Het is alsof je tegen een kind zegt: natuurlijk mag je op kamers. Maar ik kom wel elke week kijken of je huis schoon is en of je de was hebt gedaan. Kies voor private borging, of niet. Waarom moet de gemeente er nou nog tussen zitten? Voor mijn gevoel is het van tweeën één.”

Smith noemt het wetsvoorstel op onderdelen slordig. De aangescherpte waarschuwingsplicht voor bouwers (dit ga ik niet bouwen meneer de opdrachtgever, of u dat nu wilt of niet) gaat volgens hem niet werken. Vooral de regels met betrekking tot bewijslast zijn hem een doorn in het oog:

“Die ligt straks altijd bij bouwers. Aannemers zullen dus uiterst alert moeten zijn als ze iets opleveren. In het gekste geval krijgt een bouwbedrijf acht weken na oplevering een telefoontje met de boodschap: hé, er zitten butsen in de muur. Hoewel de aannemer zeker weet dat die er niet waren bij het procesverbaal van oplevering, moet hij straks toch bewijzen dat hij de schade niet veroorzaakte, maar dat het de verhuizer is geweest.”

Niet minder geschillen

Gaat de wet doen waarvoor het is bedoeld? Ook bij het Instituut voor Bouwrecht (IBR) trekken ze dat in twijfel. Opdrachtgevers gaan er vermoedelijk zeker op vooruit, maar minder geschillen? “Nee”, reageert Evelien Bruggeman van het IBR. “Want er komen veel nieuwe rechtsverhoudingen bij. Lagere bouwkosten? Dat kan ik echt niet beantwoorden. Hogere bouwkwaliteit? Misschien wel als iedereen inzichtelijker maakt hoe er wordt gebouwd.” 

Ze verwijst naar de torenbrand in Londen om van te leren. “Als het verplichte as-built-dossier digitaal wordt, zou je als opdrachtgever kunnen eisen dat de gebruikte materialen in één oogopslag uit een database rollen. Dan hoef je niet meer zoals nu van 3000 flats de gevelbeplating te halen om te kijken welk soort het is en hoe het is gemonteerd.”

Pieter van Vollenhoven gooide olie op het vuur

Over Londen gesproken. De torenbrand komt de voorstanders van het wetsvoorstel niet goed uit. Het tot voor kort nauwelijks nieuwswaardige debat is daardoor ineens een stuk publieker en politieker geworden. Zeker toen Pieter van Vollenhoven, oud-voorzitter van de Raad voor Veiligheid, nog eens extra olie op het vuur gooide.

In Nieuwsuur stelde Van Vollenhoven dat de overheid te veel uit handen geeft. Dat nu zelfs op bouwtoezicht wordt bezuinigd, noemde hij een slechte ontwikkeling. “Terwijl de eigen verantwoordelijkheid van de sector helemaal niet wordt waargemaakt. ”Direct rinkelden alarmbellen. Bij de Aannemersfederatie, fervent voorstander van het nieuwe bouwstelsel, vielen de uitspraken van Van Vollenhoven in zeer slechte aarde. Zij vrezen dat het felbevochten wetsvoorstel alsnog sneuvelt in de Eerste Kamer.

‘Zelfs’ in het kamp van Bouwend Nederland schoot het interview in het verkeerde keelgat. “Van Vollenhoven is wel erg ongenuanceerd over de bouw. Storend. Vooral voor iemand die zo’n positie heeft en had”, klinkt in de Zoetermeerse wandelgangen. Nee, was deze “halfzwangere wet” (Wico Ankersmit, directeur Nederlandse Vereniging Bouw en Woningtoezicht) al een zware bevalling, de strijd is nog altijd niet gestreden. Voor of tegen? Welke kant gaat het op?

Waarom doen we dit? Goede vraag.

Bouwadvocaat Smith durft het niet te voorspellen. Ook hij hinkt op twee gedachten. “Aan de ene kant is het goed dat de preventieve bouwplantoets vervalt en dat de consument beter wordt beschermd tegen bouwfouten. De verborgengebreken-regeling van nu is ook een draak. Aan de andere kant vraag ik me af of dit wetsvoorstel doel zal treffen. Minder bouwgeschillen? Ik vraag het me af. Een hogere bouwkwaliteit?..”

Diepe zucht. “Ik generaliseer nu ontzettend, maar het aantal aannemers dat ’s ochtends zijn bed uitstapt en denkt, vandaag ga ik prutswerk maken, is niet zo verschrikkelijk groot. Waarom we dit doen? Goede vraag.”

Hoogleraar Neerhof dan? “Tegen.”

Bruggeman raakt met haar antwoord de kern van dit dossier: “Dat is geen simpele vraag. Wij deden in het voortraject regelmatig suggesties voor verbeteringen. Nu is het aan de Eerste Kamer.”

Inderdaad. De bal ligt bij de senaat. Vanmiddag is het debat, volgende week de stemming. “Spannend wordt het zeker”, weet een insider. “De kans is groot dat het wetsontwerp het niet haalt, maar het blijft kantje boord.”

Cobouwverslaggever Thomas van Belzen volgt het debat vanmiddag in de Eerste Kamer. Via twitter doet hij live verslag. Zijn tweets zijn te volgen via @thomasvanbelzen.

Reageer op dit artikel