nieuws

NEN: “Aangepaste aardbevingsnorm maakt Groningse herstelopgave waarschijnlijk sneller en goedkoper”

bouwbreed 2900

NEN: “Aangepaste aardbevingsnorm maakt Groningse herstelopgave waarschijnlijk sneller en goedkoper”

Een nieuwe KNMI-kaart, nieuwe inspectiemethoden en speciale aandacht voor risicovolle gebouw-onderdelen. De aanpassing van de veel besproken norm voor aardbevingsbestendige bouwen en herstellen is een feit. “Het was een zware bevalling”, licht Mark Lurvink van NEN toe.

Het liefst wil hij zijn ogen even sluiten. Niet omdat de aangepaste aardbevingsnorm pijn aan zijn ogen doet, maar omdat hij doodop is. Mark Lurvink, secretaris van de normcommissie die verantwoordelijk is voor de norm aardbevingsbestendig bouwen (NPR 9998) leverde gisteren met zijn commissie de norm op.

“Normaal gesproken loop je bij het maken van normen gechargeerd gezegd tien jaar achter op de techniek en vijf jaar op de praktijk. Bij deze norm, relatief onbekend terrein in Nederland, houdt je met een schuin oog steeds nieuw informatie en inzichten in de gaten. Dat heeft impact op het proces dat toch al onder de nodige tijdsdruk stond.”

KNMI-kaart pakt gunstig uit voor Loppersum

De aardbevingsnorm is volgens hem op drie belangrijke onderdelen aanpast. Zo verwijst de norm naar een nieuwe KNMI-kaart waarop de piekgrondversnellingen staan (de mate waarin de grond beweegt bij een aardbeving). Deze kaart staat echter niet meer in de norm zelf, maar online. “Per locatie kun je met een speciale webtool bekijken hoe hoog het spectrum is (de belasting die een gebouw kan hebben).”

In de nieuwe pga-kaart zijn de effecten van de ondiepe onderlaag (tot dertig meter diep) beter in beeld gebracht, zegt Lurvink. “Dat zorgt voor een ander plaatje. Op sommige plekken, zoals in Loppersum is de piekgrondversnelling (pga) naar beneden bijgesteld. In theorie zou daarmee de versterkingsopgave ook goedkoper uitvallen. Maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Dat hangt namelijk af van de mate waarin de ondergrond beweegt en van opslingerende en dempende effecten. Het kan best zijn dat jouw gebouw geluk of juist veel pech heeft gehad met deze nieuwe kaart.”

Versterkingskosten lijken door oogharen omlaag te gaan

Toch leeft het gevoel bij de NEN dat deze nieuwe NPR de versterkingskosten lager maakt. “Wij denken dat de totale rekening omlaag gaat, als we door onze oogharen ernaar kijken. Maar helemaal zeker weten we dat niet.”

Ook de rekenmethodieken om inspecties uit te voeren, zijn volgens de deskundige verbeterd. “We hebben een vrij uitgebreide bijlage gemaakt met die methode die volgens ons voor iedereen toegankelijk is. In feite duw je net zo lang tegen een gebouw aan, tot die omver gaat. Dat vergelijk je dan met de krachten die vanuit een aardbeving kunnen optreden. Aan de hand hiervan kun je sneller oordelen of iets veilig is of niet. En dus krijg je daarmee de versterkingsopgave eerder in beeld.”

Extra aandacht in de aangepaste norm gaat verder uit naar het gevaar van vallende objecten. “Problemen aan schoorstenen, buitenspouwbladen of andere vallende objecten kunnen daarmee makkelijker worden waargenomen en opgelost.”

Herstel zelf verandert nauwelijks

Lurvink verwacht niet dat het herstel sterk verandert met de nieuwe rekenregels. “Dat zal wel meevallen. Hooguit qua dimensionering zou het iets kunnen uitmaken. Bijvoorbeeld als je een stalen raamwerk hebt aangebracht in je constructie. Dan kan het nu zijn dat die net iets dunner kan. Maar de praktijk zal dit moeten uitwijzen.”

Van de aardbevingsnorm is geen impactanalyse gemaakt. Of de norm nu snel in het Bouwbesluit komt, durft Lurvink niet te zeggen. “Overigens is dit een ontwerp. Tot 1 september kunnen deskundigen erop reageren.”

De aardbevingsnorm is ook geschikt voor nieuwbouw. Of de extra kosten voor het aardbevingsbestendig maken van nieuwe gebouwen omlaag gaan met deze norm is onduidelijk. Tot voor kort ging men uit van circa 10 tot 15 procent hogere kosten. Lurvink: “Ik heb geen andere getallen gehoord. Maar als je vanaf het begin af aan rekening houdt met de norm, dan pakken de meerkosten redelijk voordelig uit.”

In het Bouwbesluit

Over de KNMI-kaart was bij de lancering van de eerste versie van de aardbevingsnorm veel discussie. Corporaties, bouwers en wethouders vinden al langer dat de norm in het Bouwbesluit moet worden opgenomen. Minister Kamp wil dat ook. Door discussies over geld, en de vraag wie moet opdraaien voor de meerkosten, is dat streven nog niet waargemaakt.Minister Kamp.

Reageer op dit artikel