nieuws

Urgenda voert rechtszaak ‘uit liefde’

bouwbreed Premium

Urgenda voert rechtszaak ‘uit liefde’

Een rechtszaak uit liefde, zo betitelt Urgenda-directeur Marjan Minnesma de zaak die de stichting heeft aangespannen tegen de Staat der Nederlanden. “Doe eindelijk eens wat tegen klimaatverandering”, is kort gezegd de eis waarover de rechter zich dinsdag zal buigen. Voor de bouw is dat belangrijk, omdat de gebouwde omgeving nog steeds ruim 30 procent van energie in Nederland verbruikt. Daar moet nog veel gebeuren.

Behalve enkele klimaatsceptici zijn velen ervan overtuigd dat de klimaatverandering het gevolg is van menselijk handelen. Dat leidt tot extra uitstoot van broeikasgassen en bijvoorbeeld een ongekend hoge concentratie van kooldioxide in de atmosfeer die als een warme deken de afkoeling tegenhoudt. Zonder die deken zou leven op aarde weliswaar onmogelijk zijn vanwege de kou, maar net zo min als een dik dekbed in de zomer goed is, is een te dikke CO2-deken bevorderlijk voor de gezondheid van de aarde.

Dat leidt tot smeltende ijskappen en uitzetting van zeewater met een zeespiegelstijging van een meter als gevolg. Het leidt tot extreem weer met harde neerslag en veel wind in gematigde streken en extra droogte in streken die nu al schaars bedeeld zijn met water. Het heeft effecten op flora en fauna, maar ook op voedselproductie, hetgeen weer kan leiden tot volksverhuizingen.

Urgenda, en met haar nog negenhonderd mede-eisers, hebben de Staat der Nederlanden voor de rechter gedaagd en eisen dat de overheid eindelijk eens actie onderneemt. Concreet vraagt de organisatie de rechter te verklaren dat de Nederlandse Staat onrechtmatig handelt door het uitblijven van een effectief klimaatbeleid. Tevens vraagt Urgenda om een verklaring dat opwarming van de aarde met meer dan 2 graden Celsius leidt tot een schending van mensenrechten wereldwijd. En de rechter mag de staat opdragen de Nederlandse uitstoot van CO2 al voor 2020 drastisch te verminderen tot het noodzakelijke niveau dat wetenschappers hebben vastgesteld, dat wil zeggen met 40 procent ten opzichte van het niveau van 1990.

Het lijkt vreemd dat een stichting met nog eens negenhonderd anderen de rechter opzoekt om de staat te dwingen tot actie. Maar recentelijk publiceerden internationale topjuristen in Oslo een document onder de naam Oslo Principles rond verplichtingen voor de wereldwijde klimaatverandering. Onder hen de voormalig advocaat-generaal bij de Hoge Raad, Toon Huydecoper. Volgens de juristen zijn staten nu al aansprakelijk voor emissies op hun grondgebied op basis van onder meer burgerlijk aansprakelijkheidsrecht en mensenrechten.

Naar aanleiding daarvan heeft de advocaat-generaal bij de Hoge Raad Jaap Spier in dagblad Trouw laten weten dat “rechters een land kunnen dwingen tot een doelmatig klimaatbeleid. Misschien zijn rechtszaken wel de enige manier om de politieke onverschilligheid rond klimaatverandering te doorbreken.”

Volgens de Oslo Principles kan dit niet alleen in Nederland, maar in heel veel landen. Initiatiefnemer Minnesma vangt nu de zaak in Nederland aan als eerste ter wereld. Maar er bestaat in andere landen heel veel belangstelling voor de zaak. In België is december vorig jaar ook een klimaatzaak aangespannen. De verwachting is dat in meer landen rechtszaken volgen.

Nu houden landen elkaar in een houdgreep met de eis dat anderen moeten meedoen met vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. Deze rechtszaak kan aan die impasse wellicht een einde maken.

Reageer op dit artikel