nieuws

Bij Breman is het personeel (ook) de baas

bouwbreed

Bij Breman is het personeel (ook) de baas

Reorganisatieplannen, zin in een overname of nieuwe directeur op het oog? Eerst even aan het personeel voorleggen. Bij de Breman Installatiegroep hebben de werknemers net zoveel in de melk te brokkelen als de aandeelhouders. Aan algemeen manager Risco Balkenende om alle belanghebbenden op één lijn te krijgen.

Een dienend leider, noemt Risco Balkenende zich. Hij behartigt als algemeen manager van de installatiegroep – “nee, geen directeur” – de belangen van zowel het personeel als de aandeelhouders van het bedrijf. “Ik pendel altijd tussen twee belangen, die van de aandeelhouders en die van het personeel.” Aan Balkenende om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen.

De zeggenschap van de werknemers is vastgelegd in het Breman-systeem. Deze managementstructuur werd begin jaren zeventig bedacht door Reind Breman. Hij was de middelste van de vijf broers, die het door vader Tijmen opgerichte bedrijf runde. “Reind was de denker van het stel. Hij had in zijn omgeving gezien hoe het kan aflopen met familiebedrijven als de vererving en opvolging niet goed geregeld zijn. Dat wilde hij niet.”

De bedrijfsfilosofie van het installatiebedrijf is gebaseerd op christelijk-sociale principes, legt Balkenende uit. “De achterliggende gedachte is dat je als christen eigenlijk in een tent woont. En in dit tijdelijke leven moet je de pinnen niet te vast zetten. Dat betekent, positief ingesteld, los zijn van focus op bezit en bereid zijn om te delen. Hoe meer aards goed je hebt, hoe groter de neiging is om de pinnen diep in de grond te slaan.”

Het Breman-systeem werd in 1972 ingevoerd. De kern: medewerkers hebben evenveel zeggenschap als de aandeelhouders. “Het personeel heeft recht op 50 procent van de winst van het bedrijf, na aftrek van de vennootschapsbelasting.” De aandeelhouders laten hun winst in de organisatie, waardoor de financiële positie van het bedrijf sterk is. “Zij krijgen over het vermogen van de onderneming een vaste marktconforme rentevergoeding.”

 

Het installatieconcern bouwde zo in de loop der jaren een flinke spaarpot op. Die komt juist in deze tijd goed van pas. Dat betekent bijvoorbeeld dat er niet meteen ingegrepen wordt als een bepaald onderdeel even iets minder draait. “Het komt voor dat een directeur van een bedrijf om bedrijfseconomische redenen zijn verantwoordelijkheid wil nemen, en bijvoorbeeld het personeelsbestand wil inkrimpen, maar dat dat vervolgens niet gebeurt.”

Niet erg, benadrukt Balkenende. “Wij hebben een wat langere horizon dan andere bedrijven. De afgelopen zeven jaar waren mager. We gaan ervan uit dat er op den duur weer vette jaren komen. Doel van de aandeelhouders is het in dienst houden van werknemers. Dat is waar wij voor staan.”

Jullie hebben makkelijk praten met die enorme spaarpot, hoort Balkenende wel eens. “Dat klopt. Die spaarpot is niet voor niets aangelegd. Dit bedrijf is veertig jaar geleden begonnen met sparen, juist voor tijden als deze.”

Balkenende onderhoudt als algemeen manager nauw contact met de aandeelhouders, de Raad van Commissarissen, de directeur en de werknemers. Ja, daardoor duurt het soms langer voordat een besluit genomen is. Dat is niet per se een nadeel, vindt Balkenende. “De kwaliteit van de besluitvorming neemt wel toe als je de tijd neemt. Bovendien kunnen we veranderingen vervolgens snel doorvoeren, omdat besluiten breed gedragen zijn.”

De structuur zorgt er ook voor dat het personeel van de installatiegroep gemiddeld relatief oud is. “Door de crisis is het personeelsbestand wat verouderd.” Het bedrijf probeert daar wel iets aan te doen. “We nemen de laatste tijd veel jongeren aan. Zo hebben we de laatste jaren veel trainees.”

De familie Breman is nog altijd bij het bedrijf betrokken. Het aantal aandeelhouders is in de loop der jaren wel flink gegroeid: vier Breman-broers kregen samen veertien kinderen, die ook weer kinderen kregen. De leden van de Breman-familie ontvangen uit de vier aandeelhouders bv’s die het bedrijf beheren een “aardige aanvulling op hun inkomsten”, zegt Balkenende. Rentenieren is er echter niet bij. “Iedereen moet nog gewoon aan het werk, in sommige gevallen binnen de installatiegroep.” Al is het bedrijf wel streng voor de aandeelhouders. “We nemen alleen een Breman aan als hij of zij écht het meest geschikt is voor de functie. Of dat zo is bepalen de bedrijven zelf.”

Breman in cijfers

De Breman Installatiegroep bestaat uit veertig bedrijven en telt zo’n 1500 werknemers. De Breman-bedrijven zijn actief in de woningbouw, utiliteitsbouw, industrie, renovatie, service, groot onderhoud en duurzame energie. De onderneming was in boekjaar 2013 goed voor een omzet van bijna 200 miljoen euro.

Reageer op dit artikel