nieuws

Rustig op de bouwplaats, druk op het kantoor

bouwbreed

Rustig op de bouwplaats, druk op het kantoor

Grote bedrijven verliezen steeds meer terrein in de woning- en utiliteitsbouw. Middelgrote bedrijven verliezen juist de slag op de inframarkt.

Buiten is het rustig, binnen is het druk. Dat is hoe een tussenjaar in de bouw er in de praktijk uit ziet. Het is rustig op de bouwplaats, maar binnen op kantoor wordt druk gewerkt aan pas binnengehaalde orders. Want de orderboeken groeiden de afgelopen maanden weer. Tot opluchting van de bouwbedrijven.

Een jaar met twee gezichten, noemde Heijmans’ bestuursvoorzitter Bert van der Els 2014 vorige week.

De hoopvolle berichten over de woningmarkt en de aantrekkende economische bedrijvigheid lijken voor de sector het startsein voor herstel. Een groot probleem: eerst moet de overcapaciteit verdwijnen.

Hoe groot is die overcapaciteit en hoe lang gaat het duren voordat die verdwenen is? Niemand kan het zeggen. Afgaande op de conjunctuurmetingen van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) en het CBS lijkt zo’n 20 tot 40 procent van de bouwbedrijven bij de achterblijvers met problemen te behoren.

De feiten: een op de vijf bedrijven verwacht dat de inkomsten dit kwartaal lager zullen liggen dat in het tweede kwartaal van 2014. Bijna hetzelfde aandeel bouwers ziet de winstgevendheid verslechteren en verwacht dat de personeelsomvang zal dalen. Zo’n 40 procent van de woningbouwers en utilteitsbouwers kampt met te weinig opdrachten.

Als er lucht uit de sector moet, dan zal deze groep daar het meeste van merken. Een deel van deze achterblijvers zal snel of geleidelijk afglijden naar een faillissement of bedrijfsbeëindiging. Maar (sterk) afgeslankt verdergaan is ook een optie.

Zo’n 60 procent van de bouwers verwacht de komende tijd stabiliteit. Verder is er ook een stilaan groeiende kopgroep die de wind weer wat in de rug lijkt te krijgen. Hoe hard de wind waait? Een kwart van de bedrijven verwacht dat na bouwvak de omzet gaat stijgen. Een op de zes bedrijven heeft al meer productie gedraaid en hetzelfde aandeel ondernemingen ziet de winstgevendheid verbeteren.

Klappen

Opvallend is dat de grotere (meer dan honderd medewerkers) en middelgrote bedrijven (tien tot honderd medewerkers) de laatste jaren slechter in staat lijken overeind te blijven. De omzetten van vooral middelgrote bouwers daalden. De grote jongens kregen ook klappen, maar een aantal van hen heeft nog buitenlandse omzet achter de hand.

Het middenbedrijf lijkt steeds meer terrein te verliezen op de inframarkt. De omzetcijfers zakken gestaag weg en lagen in het tweede kwartaal 6 procent lager dan in 2010. Opmerkelijk is dat het kleinbedrijf (tot tien mensen) in de infra in het laatste kwartaal 16 procent meer inkomsten kon genereren in vergelijking met vier jaar terug. Het grootbedrijf haalt 7 procent meer opbrengsten binnen. Wel is een dalende trend waarneembaar. Oorzaak hiervan zijn de grote spoedopdrachten die achter de rug zijn. Het middenbedrijf profiteerde daar nauwelijks van. Die zijn te groot voor het servet (de stoepranden) en te klein voor het tafellaken (dbfmo en pps-projecten), wordt soms ook wel gezegd.

Lagere btw

Kleine bedrijven zagen hun inkomsten de laatste jaren juist stijgen. Behalve in de infra ook in de woningbouw. De lagere btw op verbouwingen gaf velen een boost. Juist in de burgerlijke en utiliteitsbouw hapt het grootbedrijf naar adem, blijkt uit cijfers van het CBS. De omzetten zijn gemiddeld een kwart gekrompen sinds 2010. Het middenbedrijf raakte tot nu toe 14 procent omzet kwijt. Kleine bedrijven gingen juist 2,5 procent omhoog. Dat grotere bedrijven meer kraakten door de beperkte activiteit op de woningmarkt, is geen verrassing. De grote woningbouwprojecten kwamen stil te liggen, en nieuwe woningen komen tegenwoordig in kleine partjes op de markt. Grote bedrijven missen zo hun schaalvoordelen, waardoor kleine, wendbare bedrijven concurrerender kunnen zijn. Dat is goed voor de consument en uiteindelijk ook voor de bouwsector.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels