nieuws

Gasten van Hotel Huis van Bewaring Almelo overnachten in de cel

bouwbreed

Zo comfortabel als de huidige vrijwillige gasten het nu hebben in het herbestemde en gerestaureerde Huis van Bewaring in Almelo, zullen de vroegere gedwongen gasten het nooit hebben gehad.

Voormalige gevangenis getransformeerd tot luxe hotel

Jorgen en Liesbeth van der Pot wisten als nieuwe eigenaren van het Huis van Bewaring met hun eigenhandige restauratie nog zoveel originele details te bewaren, dat het Nationaal Restauratiefonds het resultaat dit jaar beloonde met de Pieter van Vollenhoveprijs. Het Huis van Bewaring telt vijftien kamers die in de voormalige cellen zijn gemaakt. De directeurswoning is verbouwd tot zes kamers. In 2004, toen de Van der Pots hun project begonnen, verkeerde het complex in goede staat. “Het is eigenlijk een soort bunker”, zegt Liesbeth van der Pot. “De gevels waren massief, dus overal hebben we voorzetwanden geplaatst met isolatie ertussen.” Elke standaardkamer bestaat uit twee voormalige cellen. Voor de suites zijn uit drie cellen de tussenwanden weggebroken. De vroegere houten celdeuren bleven behouden maar mochten van de brandweer geen dienst meer doen als toegang.

Details

Veel details bleven behouden maar zijn niet altijd meer zichtbaar. Zo ligt op de begane grond nog de oorspronkelijke gele tegelvloer; vanwege het te verwachten looplawaai is het afgedekt met een dik tapijt. In de huidige eetzaal herinneren glas-in-loodramen aan de vroegere functie van kapel. “Daar hebben we ons een beetje op verkeken”, zegt Van der Pot. “Die ruimte was met 7,5 meter wel erg hoog. Die hebben we met een tussenvloer gehalveerd.” Verdwenen is de overkapping van de binnenplaats waar de ‘boevenbus’ zijn passagiers afleverde. Alleen enkele gaten in de gevel herinneren nog aan het bestaan ervan. De vroegere directeurskamer is eveneens verbouwd tot hotelkamer, de sleutelkast is ingericht als badkamer.

De slechte delen zijn zoveel mogelijk vervangen zonder het oorspronkelijke karakter aan te tasten, zegt Nico Haase van aannemer Roelofs & Haase uit Rijssen die het complex aanvankelijk in bezit had. Een lift zou dat karakter schaden en is om die reden niet geïnstalleerd. “Het is een afweging geweest om het zoveel mogelijk te laten zoals het was”, zegt Haase.

De Van der Pots kochten vanaf 2004 het rijksmonumentale justitiële complex uit 1928 van Roelofs & Haase die het complex in 1996 van de overheid overnam. Dat begon met het kopstuk dat op dat moment al negen jaar leegstond. Daar kwamen de eerste vijf kamers in. In de volgende jaren kwamen het cellencomplex, de cipierswoningen en de directiewoning erbij. De nieuwe eigenaren trokken er zelf ook in. Stapsgewijs voerden ze de restauratie uit: bijvoorbeeld smeedijzeren trapleuningen en balustrades schuren, gronderen en aflakken en de 280 ruiten vervangen die inmiddels waren ingegooid. Alleen de installaties zijn uitbesteed aan een gespecialiseerd bedrijf.

Roelofs & Haase deed eerder al een deel van het werk. Om meer licht in het complex te krijgen is onder elk venster een onderlicht uit de gevel gezaagd en opgevuld met traliewerk wat overeenkomt met dat van de oorspronkelijke vensters. Een binnenraam met dubbele beglazing dekt de hele raamopening af en helpt zo energie te sparen zonder de oorspronkelijke aanblik te schaden.

Prijs

De Pieter van Vollenhovenprijs is een jaarlijks terugkerende prijs voor particulieren of organisaties die een monument voor Nederland weten te behouden door het een nieuwe bestemming te geven. Een jury van erfgoedspecialisten kiest de winnaar die 10.000 euro in ontvangst mag nemen. Het bedrag moet in het behoud van het monument worden geïnvesteerd.De prijs is in 2013 aangeboden aan Pieter van Vollenhoven toen hij na 27 jaar afscheid nam als voorzitter van het Nationaal Restauratiefonds. Het fonds meent dat monumenten veelal verloren zijn als niemand ze koopt, restaureert en rendabel exploiteert. De prijs moet de herbestemming van monumenten extra aandacht geven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels