nieuws

Kansen voor groei in buitengebied

bouwbreed

Een jarenlange focus op de ontwikkeling van stedelijke centra heeft minder opgeleverd dan verwacht. Herwaardering van de kansen in suburbane gebieden komt in zicht.

Brabantstad toonbeeld suburbaan perspectief

Dit is een opvallende wending in het ruimtelijkeordeningsperspectief. Munitie hiervoor komt van het Projectatelier Brabantstad, een samenwerkingsverband van de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam (IABR) en verschillende regionale besturen in Brabant.

Tijdens de IABR, die eind deze maand begint, worden de resultaten gepresenteerd van een studie naar het perspectief voor Brabantstad. Dat is de stedelijke regio Breda-Tilburg-Den Bosch-Eindhoven-Helmond. Daar blijken in het buitengebied interessante mogelijkheden te liggen voor nieuwe ontwikkelingen. Wellicht meer zelfs dan in binnensteden, is de conclusie.

“De grote gemeenten”, stelt Dirk Sijmons, “hebben al veel geld verloren op grondposities, onder meer in hun stationsgebieden. Ze zullen de realiteit onder ogen moeten zien dat ze nog verder moeten afschrijven.”

Sijmons is hoogleraar, landschapsarchitect en curator van de komende biënnale. “In het Brabantse buitengebied is ontzettend veel mooie leegstand te vinden. Voormalige kloosters, agrarische bedrijven, fabrieken, noem maar op. We moeten kijken hoe we dit bezit zo goed mogelijk kunnen gebruiken om de economische groei weer op gang te krijgen. Temeer is dat belangrijk omdat Brabantstad de laatste grote echte maakregio is van Nederland.”

Hij onderstreept dat het niet gaat om uit de gratie geraakte bedrijvenparkjes aan randen van steden en evenmin om nieuwe uitleglocaties. Nieuwe industriële bedrijvigheid en de bijbehorende bewoners kunnen makkelijk opgaan in de bestaande ruimtelijke structuur en zo het buitengebied revitaliseren.

Brabantstad verschilt enigszins van karakter met andere stedelijke regio’s, nuanceert hij een mogelijke conclusie over de algemene geldigheid van de bevindingen. Meer dan elders vormen de vijf Brabantse steden samen met de ertussen liggende dorpen één groot netwerk. Een netwerk overigens binnen een nog veel groter netwerk, voegt hij daaraan toe. “Brabantstad ligt in de driehoek Amsterdam-Brussel-Keulen, feitelijk één grote stedelijke regio.”

Ook in andere gebieden in Nederland worstelen gemeenten echter met binnenstedelijke opgaves. Uit onderzoek in Zuid-Holland bijvoorbeeld bleek vorig jaar dat stationsgebieden langs het zogeheten Stedenbaan-traject het qua kantoorontwikkeling moeilijk kunnen winnen van snelweglocaties.

Steden hoeven de gevolgen van een nieuwe suburbanisatie volgens Sijmons niet te vrezen. “We moeten er niet verkrampt over doen. In Antwerpen trekt al 150 jaar iedereen die het zich kan veroorloven de stad uit om zich te vestigen in dorpen in de omgeving. Heeft dat Antwerpen kapot gekregen? Integendeel. Het leidde tot lage huren waardoor de mode-industrie tot ontwikkeling kon komen. Leegstand, zoals nu ook in het Brabantse buitengebied, kan vervelend zijn maar schept ook kansen voor nieuwe activiteiten.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels