nieuws

Lastige kloof tussen UAV en UAV-gc

bouwbreed

Lastige kloof tussen UAV en UAV-gc

Naast de UAV is de UAV-gc geen uitzondering meer. Toch ervaren veel partijen de overstap naar een geïntegreerde contractvorm als een grote verandering. Er worden diverse pogingen gedaan om tussenvormen te verzinnen. Maar is dat wel zinvol?

De UAV wordt sinds jaar en dag gebruikt als basis voor de verhouding tussen opdrachtgever en aannemer, voor de uitvoeringsfase van een bouwproject. De UAV is geschreven in het begin van de 20ste eeuw, eerst alleen voor de relatie tussen de rijksoverheid en aannemers, maar later uitgegroeid tot een nationale standaard. De UAV-gc bestaat nu bijna vijftien jaar en is geschreven vanuit de noodzaak om geïntegreerde contracten een goede juridische basis te geven. Het betreft vooral de combinatie tussen ontwerp en uitvoering, bij één partij.

De twee stelsels verschillen op een aantal cruciale punten. Zoals aangegeven, beslaat de UAV-gc een groter deel van het bouwproces, zowel (een deel van) het ontwerp als de uitvoering, en, zo mogelijk, ook nog het onderhoud. De UAV werkt alleen in de uitvoeringsfase. Bij de UAV-gc liggen de risico’s voor een groter deel bij de opdrachtnemer dan bij de UAV. Bij de laatste is het ontwerprisico volledig voor de opdrachtgever. De UAV hanteert voor de handhaving een zeer betrokken systeem, via directievoering en toezicht. Bij de UAV-gc moet de opdrachtnemer zelf een kwaliteitssysteem hanteren en kijkt de opdrachtgever op een afstand toe.

Tenslotte zien de vraagspecificaties er verschillend uit. In de UAV wordt uitgegaan van een zeer gedetailleerde specificatie, het bestek, bij de UAV-gc worden functionele specificaties opgesteld.

Bij opdrachtgevers is de UAV-gc gewild vanwege een aantal van de bovengenoemde kenmerken. Vooral de beslissers op politiek-bestuurlijk niveau zijn gecharmeerd van de verschuiving in risico’s naar de opdrachtnemer en de meer afstandelijke aansturing van het project. Daarnaast is sprake van de (foutieve) perceptie dat een geïntegreerd contract geen meerwerk kent en zelfs per definitie goedkoper zal zijn dan een traditionele contractvorm. De afstandelijke aansturing blijkt in de praktijk toch erg lastig overeind te houden, omdat men (lees: vooral direct betrokkenen) toch wel graag blijft meekijken, meedenken en nieuwe inzichten inbrengen.

Als dit gebeurt, verschuiven verantwoordelijkheden en gaan risico’s terug naar de opdrachtgever. De UAV-gc is geen flexibel stelsel, dus wijzigingen hebben aanzienlijke gevolgen, die meestal bij de opdrachtgever terechtkomen.

Hybride

De afstandelijke positie en de verminderde betrokkenheid vormen in de praktijk dus een belemmering om de UAV-gc te hanteren. Dat wordt nog versterkt door de opgave om functionele specificaties op te stellen, en dat is geen sinecure. Dat vergt een ander soort kennis dan nu vaak aanwezig is bij opdrachtgevers.

Vanuit verschillende hoeken, zowel commerciële partijen als bijvoorbeeld het CROW, wordt getracht oplossingen te bieden. De verzamelnaam hiervoor is het ‘hybride’ contract. Een mogelijkheid is het inbrengen van RAW als basis voor de vraagspecificatie (zoals het CROW doet), waarbij onderdelen desgewenst zeer gedetailleerd kunnen worden beschreven. De betrokkenheid betreft in dit geval dus vooral de beschrijving van het gewenste product. De basis blijft daarbij echter toch de UAV-gc.

Een andere mogelijkheid is het inbrengen van bouwteamprincipes, waardoor de opdrachtgever in de ontwerpfase toch betrokken kan blijven. Ook in dat geval vormt de UAV-gc weer de basis. In de voorstellen wordt ook geprobeerd de handhaving anders vorm te geven, bijvoorbeeld door een deel van het kwaliteitssysteem van de opdrachtnemer vooraf te bepalen.

Wat alle hybride contracten gemeen hebben, is de intentie om de opdrachtgever wel meer invloed en betrokkenheid te geven, maar het risico bij de opdrachtnemer te laten. Dat is een bijzonder lastige opgave, omdat verantwoordelijkheid en betrokkenheid nu eenmaal bij elkaar horen. Als geen duidelijke rolverdeling ontstaat, ontstaat er een groot mistig gebied tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Dat werkt niet lekker, integendeel, het is voer voor veel discussie, met waarschijnlijk vervelende financiele gevolgen voor de opdrachtgever.

Zolang we nog geen andere spelregels dan UAV en UAV-gc hebben, dienen opdrachtgevers zich vooraf goed te bezinnen over de rol (lees: invloed) die ze willen uitoefenen in een project. De UAV-gc impliceert een afstandelijke rol en dat ‘loslaten’ is cruciaal voor het goed functioneren van het contract. Als betrokkenheid gewenst is (bijvoorbeeld doordat men invloed wil houden op details of architectonische vormgeving) is een UAV-verhouding veel beter werkbaar. En dan uiteraard met de bijgaande verantwoordelijkheid en risicoverdeling, maar een professionele opdrachtgever zou die niet uit de weg moeten gaan.

Drs.ing. Jaap de Koning, Witteveen+Bos

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels