nieuws

Hergebruik materiaal maakt herstel monumentale panden betaalbaar

bouwbreed Premium

Even buiten het centrum van Schiedam staat de Sodafabriek. Het complex bestaat uit twee stokoude panden, Coerlandt en Lijfland geheten. Ze worden geschikt gemaakt voor onder meer bedrijfshuisvesting en logies. Gebruikte bouwmaterialen en restpartijen vormen de basis voor de ingrijpende opknapbeurt.

Het scheelde niet veel of Coerlandt en Lijfland kregen de kogel. De sloopkogel wel te verstaan. Architect Peter van Velzen van Restauro Architecten loopt het steegje in achter de Schiedamse Makkersstraat en knikt met zijn hoofd in de richting van de twee verweerde gebouwen alsof hij een paar oude maten begroet. “Een projectontwikkelaar had die jongens gekocht en wilde ze slopen. De vergunning was al afgegeven. Ze zouden het veld ruimen voor een appartementengebouw”, zegt hij met onverholen weerzin. “Gelukkig pikte de buurt dat niet.”

Er werd actie gevoerd voor het behoud van de oeroude panden. Met als resultaat dat het bakstenen duo op de monumentenlijst werd geplaatst en de gemeente ze overnam van de projectontwikkelaar. Gered waren ze, maar wat te doen met de verpauperde kolossen?

Niemand die het wist totdat Ton van Adrichem, eigenaar van party centrum De Rooie Koffer en architect Peter van Velzen zich over de panden ontfermden. Voor het symbolische bedrag van een euro namen ze het complex over van de gemeente Schiedam. “Met slechts een dwingende eis”, glimlacht Van Velzen. “We verplichtten ons het asbest uit de gebouwen te verwijderen. Verder kr egen we de vrije hand.”

Ze grepen die kans met beide handen aan en presenteerden rap een ambitieus plan, dat onder de noemer de Sodafabriek in de markt wordt gezet. Grofweg komen de plannen er op neer dat de panden klaar worden gemaakt voor een frisse carrière. Daarbij wordt het casco in oude luister hersteld en blijven bijzondere elementen in het interieur, zoals houtenvloerbalken en spantconstructies behouden. Waar ooit soda werd gefabriceerd, is straks plaats voor bijvoorbeeld een yogastudio, een timmerwerkplaats en een bed and breakfast.

Van Velz en gaat Coerlandt binnen. Het is het kleinste van het duo en wordt daarom als eerste opgeknapt, vertelt hij. Over twee jaar moet het gebouw klaar zijn. Van binnen blijkt Coerlandt een immens labyrint met schemerig verlichte ruimten en muren die geschiedenis uitademen. Van Velzen weet er blindelings de weg. Coerlandt en zijn grote broer Lijfland dateren uit de achttiende eeuw, zegt hij. “Die spanten”, hij wijst bewonderend naar het plafond, “zijn meer dan tweehonderd jaar oud en er mankeert nog niets aan.”

Jeneverfabrieken

Coerlandt en Lijfland deden ruim een eeuw jaar dienst als opslagruimte voor graan dat uit de Baltische staten werd geïmporteerd. Hun namen verwijzen nog steeds naar toenmalige landen in dat gebied. “Het graan was bestemd voor de jeneverfabrieken in Schiedam. Hier een eindje verderop stond een mouterij waar het werd verwerkt.”

Eind negentiende eeuw maakte de graanopslag plaats voor sodafabricage. Van Velzen wijst op een rij reusachtige silo’s die in een duistere hal de wacht lijken te houden. “Ze werden gebruikt in het fabricageproces. In de toekomst komt hier een ontvangstruimte. Ik laat een paar van die silo’s staan als herinnering aan vroeger tijden”, zegt hij en vervolgt zijn verhaal over de geschiedenis van het gebouwencomplex. “De Sodafabriek hield stand tot in de jaren 70 van de vorige eeuw. Daarna was op de begane grond nog zo’n 25 jaar een werkplaats gevestigd. Nadat die in 2000 werd opgeheven, sloeg de verpaupering toe.” Die tijd is nu voorbij. Beide gebouwen zijn wind- en waterdicht gemaakt. Coerlandt wordt momenteel opgeknapt en moet medio 2015 klaar zijn voor een nieuwe carrière. Nog datzelfde jaar gaat Lijfland onder het mes.

Om een en ander financieel haalbaar te maken hebben Van Velzen en Van Adrichem een coöperatie opgericht. Deze heeft drie typen deelnemers, te weten grote en kleine investeerders en zzp’ers die hun vakkennis voor een laag tarief inzetten in perioden dat opdrachten schaars zijn. “Om bij die laatste categorie te beginnen: ze zijn mede-eigenaar van de SodaFabriek en verantwoordelijk voor de verbouwing van de panden. Als ze geen of weinig opdrachten hebben, werken ze aan de Sodafabriek. Zo investeren ze dus als het ware door hun vakmanschap in te zetten bij het opknappen van de gebouwen en als participanten in de coöperatie bouwen ze een financiële reserve op voor hun pensioen.”

De tweede groep deelnemers staat garant voor financiële ondersteuning. Zij hebben een deelnamecertificaat gekocht van bijvoorbeeld 25 of 50.000 euro en zijn medebeslissers over de verdere ontwikkeling van het project. Tenslotte wordt via crowdfunding geld bijeengesprokkeld. Hierbij gaat het om een soort obligatieleningen die in drie jaar worden terugbetaald tegen een rente van 4 procent per jaar. “Al voor een paar tientjes kun je meedoen. Op die manier hebben we inmiddels al ruim 20.000 euro bij elkaar gekregen.”

Om de verbouwing verder financieel binnen de perken te houden, wordt op grote schaal gebruikgemaakt van restpartijen en gebruikte bouwmaterialen. Van Velzen wijst op een enorme stapel houten balken die op de grond liggen: overgenomen van een bouwmaterialenhandel die er mee stopte. Een metalen trap een eindje verderop, werd gekocht op marktplaats evenals verlichtingsarmaturen. Golfplaten op het dak zijn eveneens afkomstig van een restpartij. “En van een voormalig asielzoekerscentrum namen we twintig brandwerende deuren over. Dat soort materialen zijn prima te gebruiken en het scheelt enorm in de kosten.”

Bovendien maakt het gebruik van die spullen van de SodaFabriek een bijzonder duurzaam project, benadrukt Van Velzen. “Ga maar na, door de gebouwen niet te slopen, wordt een enorme afvalberg voorkomen en door het hergebruik van oude materialen dragen we ook langs die weg ons steentje bij aan duurzaamheid. Het maakt het behoud van deze historische panden bovendien betaalbaar. Op de koop toe zorgen we ervoor dat een groep zzp’ers aan de slag is en kapitaal opbouwt voor hun pensioen. Zo zijn alle ingrediënten aanwezig om van ons project een groot succes te maken.”

Nieuwe bestemming

In de Sodafabriek worden onder meer deze materialen hergebruikt: trappen balkhout, vloerhout, golfplaten, lambriseringen, natuursteen tegels en brandwerende deuren. Ook gedeelten uit de inboedel van Coerlandt en Lijfland krijgen een nieuwe bestemming:

– Metalen opslagbunkers voor soda worden gebruikt als ludieke badkamer of als scheidingwand;

– Ketels uit de silohal worden omgebouwd tot meubilair of zullen ook als scheidingswand dienen;

– Oude kasten en lampenkappen uit het fabrieksinterieur krijgen een plek binnen de vernieuwde gebouwen.

Coöperatie

– Vaklieden zijn mede-eigenaar en investeren in het gebouwencomplex door kennis in te brengen en de gebouwen op te knappen;

– Grote investeerders die een deelnamecertificaat hebben gekocht voor minimaal 25.000 euro;

– Kleine investeerders die via crowdfunding in het bezit zijn gekomen van een obligatielening.

Reageer op dit artikel