nieuws

Westflank voorbeeld van bestuurlijke faalkosten

bouwbreed Premium

Een excellent internationaal vestigingsklimaat moest er komen aan de Westflank van de Haarlemmermeer. Wel 10.000 woningen, waterberging en honderden hectaren groen moesten er komen. Op verzoek van het Rijk zijn provincie en gemeenten aan de slag gegaan totdat het Rijk besloot dat er een 380 kV-leiding moest komen. Een schoolvoorbeeld van bestuurlijke faalkosten derhalve.

De provincie Noord-Holland wil wel eens weten wat zij als trekker van de gebiedsontwikkeling Westflank Haarlemmermeer goed en fout heeft gedaan. Aanleiding is het stoppen van het project dat er niet meer kon komen vanwege de aanleg van de 380 kV-leiding. Die mocht per se niet aan de oostkant van de Haarlemmermeer, omdat Schiphol daar dan last van zou krijgen. Dat door die beslissing het excellente vestigingsklimaat met 10.000 woningen, 3 miljoen kuub waterberging, 900 hectare groen en de bijbehorende infrastructuur er niet kon komen, was van minder belang ondanks de protesten van provincie en gemeenten.

Het kan ook bekeken worden als een blessing in disguise . Als het project niet was gestopt, had Noord-Holland zich nooit de vraag gesteld wat er goed en fout was gegaan in de perdiode 2007-2011. Helemaal nutteloos is dat niet omdat de provincie op verzoek van het ministerie van I&M doorgaat met de ontwikkeling van het westelijk deel van de Haarlemmermeer, maar dan inclusief de 380 kV-leiding.

In mei 2012 hebben Gedeputeerde Staten van Noord-Holland besloten dat te doen “vanwege de onderzochte noodzaak aan kwalitatieve woonmilieus in de Metropoolregio Amsterdam en om definitief te kunnen beschikken over de zogenoemde ‘Nota Ruimte – Middelen van het Rijk voor gebiedsontwikkeling in de Haarlemmermeer’. Met andere woorden, de worst was groot genoeg voor de provincie.

Betrokkenheid

Curieus genoeg vraagt Noord-Holland zich af waarom zij nu nog deze gebiedsontwikkeling gaat trekken. Met het oude plan was de betrokkenheid van de provincie duidelijk. Het ging over een grote ontwikkeling over meerdere gemeenten. Het nieuwe plan gaat echter alleen maar over de gemeente Haarlemmermeer, dus was directe betrokkenheid provincie eigenlijk niet meer nodig.

Mede door de economische crisis en de crisis op de woningmarkt en –niet te vergeten – de 380 kV-leiding zijn de ambities van de gebiedsontwikkeling fors naar beneden bijgesteld. Geen grote uitbreidingen meer, maar vooral inbreiden, is nu het devies. Geen tot de laatste zandkorrel dichtgetimmerd plan, maar flexibiliteit moet er komen. Logisch ook, daar vraagt de markt nu eenmaal om.

Wat dat betreft is de gang van zaken in de periode 2007-2011 nuttig geweest. Daarin zijn fouten gemaakt die ter lering kunnen dienen van de gebiedsontwikkelingspraktijk in de toekomst. Zo constateert de provincie dat de publieke partijen beperkte prioriteit en urgentie voor het project hadden. Ook ontbrak het aan inzicht in en de onderlinge afhankelijkheid van belangen van de verschillende partijen. Dat gold niet alleen tussen publieke en private partijen maar net zo hard tussen publieke partijen onderling. “Mede hierdoor was er sprake van een moeizaam en lang planproces”, aldus de evaluatie. Een leerpunt is dan ook dat in een complexe gebiedsontwikkeling nadrukkelijk gestuurd moet worden op een gezamenlijk en gedeeld gevoel van urgentie en prioriteit tussen partijen. Het is overigens niet gezegd dat de 380 kV-leiding er dan niet gekomen zou zijn.

Kenmerkend voor de Westflank was verder de ambitie, omvang en diversiteit van de opgaven die concurreerden om de beschikbare ruimte. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat als leerpunt wordt gezien dat het cruciaal is kritisch na te gaan of een grootse gebiedsontwikkeling nog wel passend is of dat een meer gefaseerde ontwikkeling in deelprojecten de complexiteit kan reduceren. De vraag stellen is hem beantwoorden. Ja dus.

Reageer op dit artikel