nieuws

Sociaal akkoord brengt duidelijkheid én verwarring

bouwbreed Premium

Schilders, stratenmakers en bouwers reageren met gemengde gevoelens op het sociaal akkoord. Het is goed dat er iets is, maar op tal van punten is er kritiek.

Het sociaal akkoord, dat donderdagavond door werkgevers, werknemers en de regering werd afgerond, kan op brede instemming rekenen. Vooral het feit dat de verschillende partijen tot overeenstemming zijn gekomen, ziet men als een belangrijke stap in het herstel van vertrouwen in de Nederlandse economie.

“Het is goed dat er rust komt. Er waren zoveel voorgenomen besluiten. Maar niemand wist precies wat daarvan zou doorgaan. Dat werkt altijd verlammend”, reageert Ruud Maas, voorzitter van OnderhoudNL. “Historisch wil hij het ‘Mondriaanakkoord’ echter niet noemen. “De komende twee jaar blijft alles bij het oude.”

Lang niet alle voorgestelde maatregelen worden positief ontvangen. Met name de verplichte transitievergoeding doen de wenkbrauwen fronsen. Om van-werk-naar-werk te stimuleren betaalt de werkgever bij dienstverbanden die in totaal twee jaar of langer duren een transitievergoeding van een derde maandsalaris per dienstjaar en een half maandsalaris vanaf het tiende dienstjaar, met een maximum van 75.000 euro of een jaarsalaris als dat hoger is.

Volgens Bouwend Nederland komt dat neer op een lastenverhoging voor werkgevers. De Aannemersfederatie stelt dat zo’n maatregel eigenlijk niet past in de bouwnijverheid, waar de meeste arbeidsovereenkomsten worden beëindigd zonder of met een kleine financiële vergoeding. De transitievergoedingen kunnen het animo van werkgevers om personeel binnen de cao aan te nemen nog verder ondergraven.

Ook Uneto-VNI en OnderhoudNL zijn tegen de nieuwe heffing. “Deze regeling kan voor ons weleens heel duur uitpakken. Wij hebben veel te maken met seizoensarbeid. Op basis van wederzijds goedvinden kunnen we nu zonder kosten tijdelijk afscheid nemen van onze mensen”, licht Maas van OnderhoudNL toe. Minder gunstig is volgens hem ook de maatregelen die gaan gelden voor tijdelijke contracten. Een tijdelijk contract kan nu tot drie jaar verlengd worden. Dat wordt twee jaar. Dat het kabinet schijnzelfstandigheid wil aanpakken, juichen eigenlijk alle partijen toe. De wijze waarop, stemt de Aannemersfederatie niet gerust. Bestuurder Gijs Buijs: “Het inzetten van meer controleurs klinkt goed, maar mag niet tot extra administratieve lasten leiden. Wil je het probleem oplossen dan zul je het probleem bovendien aan de voordeur moeten aanpakken. Ik had gehoopt dat er aan zzp’ers hogere eisen zouden worden gesteld. Dat ze zouden moeten deelnemen aan pensioenen en verzekeringen en dat ze moeten meebetalen aan opleidingsfondsen. Nu worden ze nog steeds ondernemer voor een appel en een ei. Dat leidt tot valse concurrentie.”

Het verplicht inschakelen van werklozen en arbeidsongeschikten (quotum van 5 procent) is met het akkoord van de baan. In plaats daarvan moeten werkgevers er in de komende veertiende jaar voor zorgen dat ze 100.000 werkplekken creëren voor deze bijzondere doelgroep. Organisaties in en rond de bouw zijn tevreden met dit voorstel. Ze dringen er op aan dat gemeenten dan wel moeten stoppen met het stellen van extra eisen.

Verwarring is er vooral over de investeringen voor de Infrastructuur. Aan de vooravond van het sociaal akkoord beloofde het kabinet 300 miljoen euro extra te investeren in wegen en spoor. In de brief van minister Asscher (sociale zaken) is over dat voornemen niets meer terug te lezen. De oppositiepartijen in de Tweede Kamer willen opheldering.

Railonderhandelaar Egon Groen diept nog een positief punt op uit de afspraken tussen werkgevers en werknemers. Daarin staat dat bij een aanbesteding de werknemers die het betreffende werk doen, het werk met dezelfde arbeidsvoorwaarden behouden. “Ik lees dat als het overnemen van Mens volgt Werk. Zo kan een spoorwerker wiens werkgever een aanbesteding verliest, weer aan de slag bij degene die het werk gegund kreeg. Op die manier wordt er niet geconcurreerd op arbeidsvoorwaarden bij de aanbiedene partijen.” In de bijlage bij de brief van de minister is dit besluit echter weer afgezwakt.

Reageer op dit artikel