nieuws

Pleidooi open markt bouw vindt gehoor

bouwbreed

Een stap in de goede richting, zo noemt FIEC-voorzitter Luisa Todini de voorstellen van de Europese Commissie over de toegang van bedrijven uit landen van buiten de EU die hier hun diensten aanbieden.

Al geruime tijd maakt de federatie van Europese bouwers zich zorgen over het gemak waarmee bedrijven van buiten de EU opdrachten binnenhalen. Aanleiding vormde destijds het voorbeeld van de aanleg van een snelweg in Polen door een Chinees bedrijf dat met een abnormaal lage bieding was gekomen. Het betrof een staatsbedrijf dat tegen extreem lage rente kon lenen en bovendien ook veel lagere loonkosten had. Temeer omdat het ging om een door de EU gesubsidieerd project, vond de voorganger van Todini het belachelijk dat een gesubsidieerd Chinees bedrijf dankzij prijsduiken hier de markt op kon komen. Het bedrijf profiteerde van staatssteun, hetgeen voor EU-bedrijven ten strengste verboden is. Bovendien hoeft een Europees bedrijf niet te proberen de Chinese markt te veroveren; de kansen zijn dus ongelijk. De commissie stelt nu voor om landen te weren die hun eigen markt gesloten houden. Bovendien zal worden gelet op staatssteun en zullen buitenlandse bedrijven moeten voldoen aan minimum-arbeidsvoorwaarden.

Body

“Een eerste stap in de goede richting”, vindt Todini. Wat haar betreft mag het voorstel wel wat meer body krijgen en efficiënter worden. Er zijn nog te veel mogelijkheden om de regels te ontduiken, vindt ze. “De Europese bouwindustrie vindt het hoog tijd voor de Europese Unie om zichzelf de middelen te geven de opening van de markt effectiever te promoten dan hopen dat het goede voorbeeld van de unie onze handelspartners zal overtuigen”, aldus de FIEC-voorzitter. Het voorstel dat er nu ligt heeft volgens haar ook niets te maken met protectionisme, “maar het moet een hefboom zijn om de buitenlandse markt te openen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels