nieuws

Nagele als reddingsboei

bouwbreed

– Een investering van 4 miljoen euro. Daarmee kan Nagele in de Noord-oostpolder zeker weer vijftig jaar vooruit. Het icoon van modernistische architectuur kan volgens architect Pi de Bruijn als voorbeeld gelden voor de aanpak van andere krimpgebieden.

Het gaat hem niet alleen om Nagele. Tijdens een symposium vorige week liet architect Pi de Bruijn zijn licht ook even schijnen op de hele Noord-oostpolder. De polder ligt dit jaar 70 jaar droog en is opgebouwd uit een ring van tien dorpen rondom Emmeloord. De hoofdstad vergaat het goed en ook de agrarische bedrijven in de polder floreren. Maar de dorpen rondom leiden een kwijnend bestaan. Winkels en andere voorzieningen sluiten, jongeren trekken weg. Grosso modo wonen er nog altijd dezelfde mensen die er vijftig jaar geleden na een strenge selectie naartoe trokken. Zij sterven bijna uit. Dorpen als Creil, Kraggenburg, Ens en Luttelgeest staan er zonder uitzondering beroerd voor.

En dus ook Nagele, waar De Bruijn zich de afgelopen jaren intensief mee bezig hield als mentor van het Onderzoekslab van de rijksbouwmeester. Maar door zijn bijzondere verhaal is Nagele van de tien dorpen het gemakkelijkst te redden. Het kleine vlekje op de kaart ten zuiden van Emmeloord is immers het meest modernistische dorp van Nederland.

Groene ruimten

De hele avant-garde van naoorlogse architecten heeft zich er destijds uitgeleefd. Van Gerrit Rietveld tot Van den Broek en Bakema, van Aldo van Eyck tot Lotte Stam. Met een centrale rol voor de beplantingsplannen en overvloedige groene ruimten van landschapsarchitecte Mien Ruys. Aan al die ontwerpen is sinds de bouw in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw vrijwel niets meer veranderd.

En daar schuilt volgens De Bruijn ook een deel van het probleem. Zijn Onderzoekslab leidde tot een handvol studies en aanbevelingen hoe de trend te keren. Zodat er nieuwe bewoners aan worden getrokken die nieuwe activiteiten gaan ontplooien. De Bruijn dacht eigenlijk dat de 4 miljoen euro voor de noodzakelijke impuls al binnen was, toen hij een half jaar terug een enthousiaste staatssecretaris Halbe Zijlstra door het dorp rondleidde. Maar tijdens het symposium van vorige week hielden diens ambtenaren plotseling de kaken stijf op elkaar. Ze murmelden iets over de noodzaak van een nieuwe studie en onderbouwing. Maar dat doet de architect af als pertinente onzin. “Dan zijn we zo weer een jaar verder en is het momentum eruit. Nagele verdient dat er nu actie wordt ondernomen. De noodzaak en de voorbeeldwerking zijn inmiddels met voldoende rapporten onderbouwd.”

Niet alleen met rapporten trouwens. Na afloop van het symposium ging ook een documentaire in première van Louis van Gasteren. Vijftig jaar nadat de cineast de bouw van het bijzondere dorpje vastlegde keerde hij er terug om te kijken hoe het er nu voor staat. In de film en tijdens het debat stak de 89-jarige cineast zijn ergernis niet onder stoelen of banken over de lakse houding van de gemeente. Van Gasteren vond dat de gemeente in 2006 zalencentrum het Schokkererf had moeten aankopen, dat zo’n centrale rol vervulde in het dorpsleven. Maar de toenmalige burgemeester predikte de lof van de vrije markt en een Afghaanse ondernemer nam het complex over dat bijna een halve eeuw had gefungeerd als dorpshuis. Het Schokkererf heette plotseling Dellaram en was te duur geworden voor de jaarvergadering van de ijsvereniging of de biljartclub. Eind vorig jaar hield de Afghaanse uitbater het voor gezien en kocht de gemeente het alsnog. Beter laat dan nooit, vindt Pi de Bruijn, ook al was er inmiddels onder zijn supervisie een nieuw multifunctioneel centrum gebouwd. Met gymzaal, vergaderzaaltjes en een bar. Na een onderbreking van een paar jaar heeft Nagele inmiddels weer een pleisterplaats waar de 2000 bewoners elkaar kunnen ontmoeten en een glas drinken.

Hofjes

Ondanks het feit dat er nogal wat panden in het dorp leegstaan of nauwelijks worden gebruikt – vier kerken en drie scholen zijn wat veel voor het dorp – juicht De Bruijn de aankoop door de gemeente toe. Vooral om stedenbouwkundige reden. “Want het Schokkererf markeert de entree van het dorp. En als daar niet in geïnvesteerd wordt, laten andere partijen als vereniging Hendrick de Keyser het ook afweten bij de renovatie van bijvoorbeeld de woningen aan de hofjes. Zonder een fatsoenlijke entree wordt het met de rest van Nagele ook niets.”

Huizen met schuine kappen zullen er niet komen, als het aan De Bruijn ligt. Dat zou wel heel erg in strijd zijn met de ideeën van de grondleggers. Maar verder staat hij zeker geen slaafse conservering voor. Een aantal van de hofjes zal zelfs gesloopt moeten worden. De gebouwtjes, hoe bejubeld ook destijds door architectuurcritici zijn te eenzijdig, te klein en moeilijk aan te passen aan de huidige eisen. “We stellen met het Onderzoekslab daarom voor nieuwe iconen neer te zetten volgens de huidige architectonische en bouwkundige maatstaven. Duurzame woningen, uitgerust met zonnecellen, warmte-koudeopslag en misschien wel een windmolen. Ook de groenstructuur van Mien Ruys moet in ere worden hersteld. Met elk van die ingrepen, herstel van de entree, het groen en renovatie van particuliere en corporatiewoningen is globaal een miljoen euro gemoeid. Samen 4 miljoen. Maar dan kan Nagele ook weer vijftig jaar mee.”

Pi de Bruijn zou geen architect zijn als hij niet graag zijn persoonlijk stempel zou drukken op het dorpje. Zijn naam definitief vestigen tussen die van illustere voorgangers als Gerrit Rietveld, Aldo van Eyck en die andere grote namen. Hij zou graag een hofje onder handen nemen, maar liever nog buigt hij zich over de herontwikkeling van Schokker- erf. Vreemd genoeg is dat het enige gebouw met een zadeldak in het hele dorp. Daar zou hij graag een soort markthal van maken, zoals je in mediterrane dorpen wel ziet. Daar aan vast zou hij nieuwbouw maken voor de supermarkt die op zijn huidige plek niet kan uitbreiden maar die hij koste wat het kost voor het dorp wil behouden. Dat zou een mooie entree voor Nagele opleveren, die mensen het dorp inlokt. Want, zoals ook blijkt in de film van Van Gasteren: vijftig jaar na de bouw komen nog geregeld busladingen vol toeristen naar Nagele. Vanuit Italië, Spanje, zelfs vanuit China komen architecten en stedenbouwkundigen naar Nagele. De Bruijn: “Ze komen niet naar Bant, niet naar Luttelgeest, zelfs niet naar Emmeloord, maar alleen naar Nagele. Want Nagele heeft dat verhaal, ook al is dat voor de argeloze bezoeker inmiddels niet meer zo goed te zien. Door dat weer zichtbaar te maken, kan Nagele als reddingsboei fungeren voor al die andere dorpen in de Noordoostpolder.” ■

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels