nieuws

Grof en fijn vinden elkaar bijfabrikanten bouwkeramiek

bouwbreed

Grof en fijn vinden elkaar bijfabrikanten bouwkeramiek

– De kleiverwerkende industrie stroopt de mouwen op om hun keramische bouwproducten nieuwe kansen te geven. Uit welbegrepen eigenbelang zetten de fabrikanten krachtig in op energiebesparing en productvernieuwing. Ook natuurontwikkeling staat hoog op de agenda.

“We leven in een turbulente tijd”, zegt Ewald van Hal, directeur van de vereniging Koninklijke Nederlandse Bouwkeramiek. Alleen dat laatste woord al: bouwkeramiek. Het begrip is in geen enkel woordenboek te vinden. Dat zal volgens de producenten van gebakken aardewerk snel veranderen.

“Zekerheden bestaan niet meer. De gereedschapskist van gisteren is onvoldoende voor de uitdagingen van morgen. Met alleen de producten van gisteren kun je niet aan de toekomstige vraag voldoen. De ontwikkelingen gaan snel. De huidige veelheid aan kleiproducten, kon niemand zich vier jaar geleden voorstellen. Waterpasseerbare bestrating komt op, nieuwe toepassingen van gresbuizen. We zitten in een transitie door een gewijzigde marktvraag.”

Koninklijke Nederlandse Bouwkeramiek (KNB) is de nieuwe brancheorganisatie van de industriële ondernemers die procesmatig uit klei producten voor de bouw maken. De sector houdt drieduizend mensen aan het werk en is jaarlijks goed voor een omzet van dik een half miljard euro. Tot de leden behoren grote stenenbakkers als Wienerberger en CRH maar ook de vervaardiger van Delfts aardewerk De Porceleyne Fles en Mosa uit Maastricht.

Rijke historie

“Grof- en fijnkeramiek zijn sneller naar elkaar toegegroeid dan we enkele jaren geleden voor mogelijk hielden”, zegt Dick Tommel. De oud-staatssecretaris (en chemicus) bracht als voorzitter van de stichting Verenigde Keramische Organisaties eind 2007 drie brancheorganisaties met ieder een rijke historie bij elkaar. Het Koninklijk Verbond van Nederlandse Baksteenfabrikanten bestond al sinds 1884. De geschiedenis van AVA (aardewerk) en Nedaco (dakpannen) gaat terug tot respectievelijk 1920 en 1939.

Tommel: “In 2007 ontstond het overkoepelende dak. Als je zei: ooit willen we als één vereniging verder, dan keek iedereen heel bedenkelijk. Iedere organisatie had zijn eigen cultuur, zijn eigen contributie. In de loop der jaren zijn alle bezwaren over tafel geweest. De verschillen bleken reusachtig mee te vallen. Er is meer dat bindt dan scheidt. Op vlakken als duurzaamheid, arbo en opleidingen bijvoorbeeld. De sectoren hebben elkaar nodig.”

Voorzitter Tommel en directeur Van Hal van KNB voelen zich nadrukkelijk vertegenwoordigers van de maakindustrie met haar vele familiebedrijven. “De bouw maakt het. Maar wel met onze producten”, knipoogt jurist Van Hal. “Het huidige overheidsbeleid zet in op hightech en topsectoren. Maar ook de maakindustrie is belangrijk. Daar zit kapitaal en wilskracht. We moeten oppassen geen land te worden van slechts denkers en handelaren. Als je de maakindustrie kwijt bent, krijg je die niet gemakkelijk terug.”

De KNB heeft een routekaart uitgestippeld naar het jaar 2030. De organisatie wil stapsgewijs op pad naar zowel het huis als de fabriek van de toekomst. Nieuwe producten zijn nodig. En hier en daar ook aanpassing van de regelgeving.

In toekomstige woningen verwacht de keramische branche verwarming via zowel de vloeren als de wanden. Daken gaan elektriciteit leveren en de energiezuinige gevels hebben verticale dakpannen en smallere stenen. In de nieuwe generatie ovens bestaat extra aandacht voor vochtgeleiding en worden stoffen toegevoegd om de sintertemperaturen te verlagen. Warmtewisselaars en stoomdrogers zijn straks dagelijkse praktijk.

Van Hal: “De KNB heeft een rol ten aanzien van de wet- en regelgeving. Je kunt niet alles aan VNO NCW overlaten. Prima organisatie trouwens. Maar ze kan niet de – soms tegenstrijdige – belangen van alle bedrijfstakken behartigen. Je kunt je niet permitteren niet te reageren op processen die gaande zijn, bijvoorbeeld bij normalisatie. Normen kunnen verstrekkende gevolgen hebben.”

Energiebelasting

De directeur van de KNB ergert zich aan nodeloos hoge energierekeningen van het keramisch bedrijfsleven. “In het buitenland bestaat een vrijstelling op energiebelasting voor het mineralogische omzettingsproces. Bij ons nog steeds niet. Dat is frustrerend. Europees commissaris Kroes zou het staatssteun vinden. Maar het niet hebben van een vrijstelling, dat is juist staatsbenadeling.”

Een ander thema waar de KNB de voet tussen de deur wil, betreft de Europese definitie van wat duurzaam is. En specifieker: een duurzaam gebouw. “In veel rekensommen op gebouwniveau wordt uitgegaan van een periode van vijftig of zeventig jaar. Een Nederlands huis gaat toch echt langer mee”, zegt Van Hal. ”De forfaitaire aannames tikken behoorlijk door in de milieurekenmodellen. Je moet alert zijn dat onze producten een eerlijke kans krijgen.”

Tommel constateert dat een Europees huisvestingsbeleid ontbreekt. Hij zou graag een uitwerking zien naar duurzaamheid en comfort.

“De Europarlementariërs kennen onze bedrijfstak niet. Dus nodigen we ze uit en dat loont. Vroeger deed je een stropdas voor als je naar Brussel ging. Nu is Europa voor ons dagelijkse kost. Of de bouw In Brussel een goede lobby heeft? Integendeel. Terwijl je toch gehoord en gezien wilt worden.”

Van Hal: “Bij een organisatie als Bouwend Nederland wordt volstrekt onvoldoende gedacht aan de toeleverende industrie. Bij een organisatie als NVTB wordt goed nagedacht over de rol van de bouwtoeleverende industrie. Daar vindt de grote vernieuwing plaats. De rol van de industrie wordt tekort gedaan.”

Fixatie

Tommel constateert dat de bouwmarkt bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken in een vreemde uithoek van het beleid zit. “Gekeken wordt alleen vanuit de woonkant. Dat is voor onze bedrijfstak een handicap. Een afweging vindt plaats tegen andere prioriteiten en dat begrijp ik ook wel. Bij de hypotheken wordt gestreefd naar meer zekerheid en minder risico. Dat pakt voor ons catastrofaal uit. De fixatie uitsluitend op de koopmarkt is ongelukkig. Aan de andere kant worden de corporaties uitgekleed. Ze hebben flink zitten strepen en dat werkt voor ons verbazingwekkend slecht.”

De voorzitter van de KNB zegt zijn hoop te vestigen op de nieuwe minister Spies. “We vragen niet om subsidies. Gaan niet met spandoeken naar Den Haag. Onze bedrijven moeten het hebben van continuïteit.” ■

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels