nieuws

Investeringsruimte infrastructuur nog onduidelijk

bouwbreed Premium

Zelfs met een loep is in het regeerakkoord niet duidelijk te zien wat er aan investeringsruimte voor infrastructuur is. Ook het ministerie heeft nog geen antwoord.

Minister Schultz (infrastructuur) moet tussen nu en 2028 grofweg 5 miljard euro afstaan. En toch leverde VVD’er Ton Elias zijn net verkregen portefeuille infrastructuur niet in. Er was namelijk ook goed nieuws. Schultz mag behoorlijk wat extra geld aanwenden van de toekomst.

Deskundigen van Bouwend Nederland en MKB Infra zijn daar blij mee. Geplande projecten zoals de ring Utrecht, de Blankenburgtunnel en het doortrekken van de A15 komen daardoor niet in gevaar.

Toch blijft het een mistig verhaal. Want hoeveel extra investeringsruimte heeft minister Schultz nu precies? En hoe pakt dat voor weg- en waterbouwers uit? Bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu kunnen ze die vraag vier dagen na het afgetikte regeerakkoord nog niet beantwoorden.

Wie zelf teruggaat in de boeken komt een stukje verder. Zo meldde Schultz in december 2011 vrij vertaald: “De investeringsruimte voor nieuwe projecten tussen 2021 en 2028 bedraagt 19,1 miljard euro. Van dat bedrag geef ik niet meer dan 7,3 miljard euro uit. Mijn opvolgers wil ik ook iets nalaten.”

Zo fatsoenlijk is het nieuwe kabinet niet. In plaats van drie achtste mag Schultz 80 procent van de toekomstige infra-euro’s investeren. Na aftrek van de Kunduz-bezuiniging komt dat neer op circa 11 miljard euro. De berekening is niet volledig. De uitgaven tussen december en nu ontbreken. Het ministerie van Infrastructuur heeft die cijfers niet paraat.

De minister mag dus besluiten blijven nemen. Wat de bouwsector daaraan heeft, hangt af van de vraag wanneer de projecten op de markt komen.

Publiek-private samenwerking, slimme combinaties van aanleg, beheer en onderhoud kunnen uitkomst bieden. Vindt Rijkswaterstaat partners die projecten willen voorfinancieren, dan kan het aanleggen van nieuwe wegen eerder beginnen en plukt de bouwsector de door Elias bejubelde vage vruchten van dit regeerakkoord.

Op korte termijn zal de pijn voor met name de middelgrote en kleine wegenbouwers veel meer voelbaar zijn in gemeente- en provincieland. Die krijgen met ‘Bruggen slaan’ behoorlijk wat voor hun kiezen. De pijn is moeilijk vast te leggen. Dat is vermoedelijk het grootste probleem van de sector. Zonder diagnose ook geen medicijn.

Reageer op dit artikel