nieuws

‘Een gecertificeerd gebouw is een logische volgende stap’

bouwbreed

“Wat vijftig jaar KOMO de bouw gebracht heeft? Efficiency! Wat dat betreft doet KOMO nog steeds waarvoor het ooit is opgericht. Als je nagaat: vijftig jaar geleden was het bijvoorbeeld nog gewoon dat tijdens de bouw monsters werden genomen van bouwmaterialen op de bouwplaats, die vervolgens onderzocht moesten worden. De bouw lag stil tot er […]

“Wat vijftig jaar KOMO de bouw gebracht heeft? Efficiency! Wat dat betreft doet KOMO nog steeds waarvoor het ooit is opgericht. Als je nagaat: vijftig jaar geleden was het bijvoorbeeld nog gewoon dat tijdens de bouw monsters werden genomen van bouwmaterialen op de bouwplaats, die vervolgens onderzocht moesten worden. De bouw lag stil tot er een positief resultaat kwam. Doordat fabrikanten dankzij certificering konden laten zien dat ze aan hun verplichtingen hadden voldaan, hoefde dat niet meer.”

Volgens Niemöller heeft de certificering daarom grote gevolgen gehad voor de relatie tussen fabrikanten, bouwers en opdrachtgevers, en regelgeving. “Als aannemers volgens een keurmerk bouwen en de juiste gecertificeerde materialen gebruiken, zit je niet bij elke oplevering met advocaten. En voor de overheid geldt dat ze functionele eisen in het Bouwbesluit kunnen opnemen omdat er een keurmerk is. Al wordt KOMO niet meer met naam genoemd in het nieuwste Bouwbesluit, de meeste bouwpartijen weten dat een product met ons keurmerk aan die eisen voldoet.”

Pluriformer

Al vroeg in zijn bestaan was duidelijk dat KOMO zich niet moest beperken tot het certificeren van bouwmaterialen alleen. “Al in de jaren zeventig kwam er een certificaat voor bouwdelen zoals dakelementen. En die vernieuwing is verder doorgegaan. In de jaren negentig werd het KOMO-keur uitgebreid naar bouwprocessen. Die trend zet door. Ik verwacht dat in de toekomst steeds meer procescertificaten worden uitgereikt.”

KOMO volgt met die trend de ontwikkelingen in de markt. “De bouw wordt steeds pluriformer, dus om kwaliteit te waarborgen moeten wij als organisatie daar steeds beter op inspringen. Kijk bijvoorbeeld naar de veranderende contractvormen. Een aannemer neemt steeds vaker werk aan met een onderhoudscontract voor een bepaalde tijdsperiode. Gedurende die tijd wil hij garanties over de kwaliteit van de bouwproducten èn van de onderaannemer, om de kosten van onderhoud zo laag mogelijk te houden. Hij zal dus steeds vaker vragen om onderaannemers van wie de bedrijfsprocessen zelf KOMO-gecertificeerd zijn.”

Niemöller wil zelfs verder gaan. Begin dit jaar werd bekend dat KOMO onderzoekt wat de mogelijkheden zijn tot het certificeren van complete bouwwerken. “In een tijd dat er steeds meer met prefab bouwdelen wordt gewerkt, ligt dat voor de hand. We zijn nog niet zo ver, maar nu kennen we al certificaten voor houtskeletbouw en verschillende bouwsystemen. Een gecertificeerd gebouw is een logische volgende stap.”

Dat biedt niet alleen voordelen voor de bouwsector, maar ook voor de overheid. “Gemeenten maken tegenwoordig verlies op de bouwleges, omdat het werk voor kleine vergunningen niet meer wordt gedekt door de grote projecten. Die zijn er namelijk nauwelijks meer. Maar als een gebouw een gecertificeerd product wordt, kan dat een hoop werk uit handen nemen. Ook als er gecertificeerde bureaus komen voor de toetsing van bouwplannen en toezicht op de bouwplaats. Dan hoeft de ambtenaar van bouw- en woningtoezicht alleen een handtekening te zetten.”

CE-markering

Toch lijkt er concurrentie te komen: per 1 juli 2013 wordt de bestaande Europese Richtlijn Bouwproducten omgezet in een Bouwproductverordening. Dat betekent dat alle bouwproducten onder CE geleverd moeten worden. Maar Niemöller verwacht niet dat de twee elkaar in de weg zitten. “Er is veel miscommunicatie over geweest. De CE-markering is niet opgezet als keurmerk op zich, maar is vooral een maatregel om handelsbarrières weg te nemen. Er zijn grote verschillen: de CE-markering is een fabrikant-eigen verklaring waarbij de producent zelf mag bepalen welke productkarakteristieken hij op zijn product van toepassing vindt. KOMO biedt meer zekerheid en toegevoegde waarde: bij ons worden de karakteristieken, grenswaarden en toleranties eenduidig vastgelegd en het product door externe partijen gecontroleerd door geaccrediteerde instellingen. Bovendien is de CE-markering nog een old-school productgericht keurmerk. KOMO gaat veel verder. Wij kijken niet alleen naar de waterdichtheid van een dakpan. Het hele dak moet waterdicht zijn. Er zit een gat tussen het bouwproduct en de bouwpraktijk. Dat vullen wij op.”

Niemöller verwacht dat de CE-markering in Nederland niet veel verschil zal maken. “De richtlijn bestaat al sinds eind jaren tachtig, en Nederland – als braafste jongetje van de klas – heeft die CE-markering voor veel producten allang doorgevoerd. Dat is in andere landen wel anders.”

Toch weet Niemöller dat KOMO ook in de toekomst het eigen product moet blijven promoten. “In sommige sectoren wemelt het van de keurmerken, waardoor afnemers en consumenten geen flauw benul hebben van de waarde van zo’n keurmerk. Voor bouwproducten is er maar één. We hebben een enorme naamsbekendheid, en het is voor ons een taak om te blijven tonen dat we een toegevoegde waarde hebben. KOMO staat voor kwaliteit, maar dat betekent dat we in ons certificeringsproces gedegen moeten blijven. En soms nemen die checks and balances in het proces veel tijd in beslag. Maar we gaan niet toegeven op de accreditatie-eisen of de kwaliteit.”

Voor de kleine organisatie betekent de toekomst ook een verdere profilering en een betere toegankelijkheid van de informatie over de producten. “ Op termijn denken we na over een app, waarmee via de informatie nog makkelijker kan worden opgevraagd. Maar de echte communicatie over KOMO komt toch van onze certificaathouders zelf. Die zijn trots op het product wat ze leveren.” n

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels