nieuws

‘Zonwering kan 10 procent schelen in epc gebouw’

bouwbreed Premium

‘Zonwering kan 10 procent schelen in epc gebouw’

“Zonwering is het stiefkindje van de bouwbranche. In de architectenopleiding is er 0,0 aandacht voor. Vandaar dat zij in het ontwerp vaak wordt vergeten of sluitpost is. Maar je legt zo wel de kosten bij de gebruiker neer. Die profiteert niet van de energiebesparing en bovendien is achteraf met allerlei kunstgrepen nog zo’n installatie aanbrengen altijd duurder.”

Martin Straver is nu vier jaar branchemanager bij Romazo (rolluiken, markiezen en zonwering). Hij zag al snel dat het roer in de sector om moet. Mensen denken bij zonwering nog steeds meteen aan oranje markiezen, zegt hij, maar als zonwering meetelt bij de energieprestatie van gebouwen, kan dat wel tot 10 procent uitmaken op de uiteindelijke score. “Dat kan zomaar betekenen dat je niet energielabel B, maar A scoort.”

Voor Straver is het belang van zonwering duidelijk: de gebouweigenaar bespaart substantieel op energiekosten, de dure koelinstallatie kan achterwege blijven en bij toepassing van buitenzonwering volstaat (goedkoper) helder glas. Romazo heeft HR (hoog rendement) zonwering gedefinieerd als “de flexibel inzetbare isolatie van de transparante delen van een gebouw”.

Glas maakt meer en meer onderdeel uit van de gevel. De Europese koepel van brancheverenigingen zonwering geeft het onderwerp topprioriteit. ES-SO (European Solar Shading Organization) stelt dat architecten steeds meer glas in de gevel toepassen. “De grote glasoppervlakken zijn de zwakke plekken van een gebouw doordat het risico van buitensporige oververhitting ’s zomers duidelijk aanwezig is. Het antwoord hierop is vaak de installatie van dure en energieverslindende airconditioningapparatuur.”

Label

Probleem voor de sector was dat zonwering een verzamelnaam is voor een groot aantal producten en niets zegt over de fysische eigenschappen ervan. Een containerbegrip dus. Wat is functionele zonwering, was de vraag. En: wanneer kun je zonwering als installatie beschouwen? De enige manier om de automatische zonwering een aantoonbare rol te laten spelen in het vraagstuk van energiebesparing, bleek er prestatie-eisen aan te stellen. En dat hield automatisch in dat er een label of keurmerk moest komen.

Analoog aan de HR-ketel en het HR-glas koos Romazo voor HR-zonwering en HR+-zonwering. Stichting Kwaliteit Gevelbouw (SKG) heeft de kwaliteitseisen opgesteld op basis van g-waarde, windvastheid en automatische besturing. De g-waarde geeft de prestatie aan van een combinatie van glas en zonwering en is beter bekend onder de oude benaming ZTA, de zontoetredingswaarde.

Een buitenzonwering die in combinatie met een type C glas (4-16-4 glas met een met argon gevulde spouw) tussen 10 en 15 procent warmte doorlaat, krijgt het label HR Zonwering. Voor een label HR+ Zonwering mogen het glas en het doek niet meer dan 10 procent warmte doorlaten. Gaat het om binnenzonwering, dan moet de prestatie worden behaald met beglazingstype D; zonwerend glas. Alle berekeningen worden uitgevoerd volgens EN- en ISO-normen. Straver: “De soort en de kleur van het doek zijn dus bepalend of het een label krijgt en zo ja, welk label. We benoemen dus niet de producten, maar de effecten van de eigenschappen.”

En dan moet het product nog voldoen aan eisen op het gebied van windvastheid en besturing. Een windkracht tot en met 5 Beaufort mag geen problemen opleveren. Een harde eis voor het label is dat de zonwering is voorzien van een automatisch besturingssysteem. “Handmatig te bedienen systemen geven namelijk geen garantie voor juist gebruik”, verklaart Straver. Wel is het volgens hem van belang dat de automatische systemen ‘overruled’ kunnen worden door handbediening. SKG stelt: “De aanvang van seizoenen mag handmatig worden ingesteld.”

Achter de invoering van het HR-label voor automatische zonwering gaat een complexe organisatie schuil. De certificering van de producten en de bedrijven is in gang gezet. Eerst krijgen de systemen die ervoor in aanmerking komen bij de fabrikant het logo HR Ready opgeplakt, dat aangeeft dat de materialen geschikt zijn voor installatie als HR-zonwering. De systemen verwerven dit label pas als ze zijn gemonteerd door een bedrijf dat in bezit is van het HR-certificaat van SKG. Hiervoor zet Romazo onder andere een cursusprogramma op.

Draagvlak

Straver wijst erop dat voor een relatief kleine organisatie als Romazo voldoende draagvlak voor een dergelijke operatie van groot belang is. Het kost de veelal kleine bedrijven geld. “Op Hunter Douglas na zijn er niet veel grote spelers.” Maar de instelling van het HR-label is volgens Straver positief ontvangen. “Als het goed is, profiteren de bedrijven er ook van. En het is tevens een goed wapen tegen beunhazerij.”

Romazo trekt voor de introductie van het HR-label de nodige tijd uit, maar wil tegelijkertijd de druk op de ketel houden. Dit jaar staat vooral in het teken van stapsgewijze introductie en interne communicatie en voor volgend jaar staat een algemene pr-campagne op het programma. Straver: “De introductie van de HR-ketel heeft ongeveer tien jaar geduurd, met de HR-zonwering moet dat sneller kunnen.” Hij hoopt dat de omringende landen het voorbeeld van Nederland snel volgen. “Samen met Zwitserland lopen wij hiermee nu voorop. Het is echt een wereldprimeur.”

info@romazo.nl

Reageer op dit artikel