nieuws

‘Werklozen kunnen zich heel nuttig maken in de bouw’

bouwbreed

– De nadelen van de verplichte inzet van werklozen zijn zo op te sommen, maar de Rotterdamse projectleider Hans Jansen telt liever de pluspunten. In 2010 heeft de havenstad 522 kansarmen aan een baan geholpen via de 5-procentregeling, nu zijn dat er 700. De helft daarvan belandt in de bouw. “Werkgevers kunnen zo hun dure krachten sparen.”

Het Rijk gaat per 1 juli in zijn aanbestedingsbeleid eisen dat werklozen worden ingezet, maar Rotterdam experimenteert al sinds 1996 met de verplichte inzet van werkzoekenden. Het succes wisselt, geeft Hans Jansen eerlijk toe. “Het is geen makkelijke manier, maar een deel van de mensen met een uitkering stroomt zo door naar een vaste baan.” Jansen is projectleider van de 5-procentregeling en in dienst van de gemeente Rotterdam. Recent zijn daar meer dan 200 werklozen bij de thuiszorg in dienst gekomen, maar juist ook in de bouw zijn grote successen geboekt.

Verkeersregelaars, maaiers, liftboys en koffiedames hebben hun nut bewezen. En een enkele keer weet een lasser, timmerman of ander gekwalificeerd persoon zich in de praktijk te bewijzen, hoewel zij zich tijdens een sollicitatiegesprek niet wisten te profileren. Jansen schetst een voorbeeld. “Het gaat veelal om eenvoudig vakmanschap waarvan de kosten rond de 20 euro per uur schommelen. Zij kunnen veel werk uit handen nemen van duurbetaalde krachten. Als je vijf stukadoors nodig hebt, zorg dan dat zo’n goedkope kracht het stuc aanmaakt. Dan kunnen dure krachten een paar uur langer echte meters maken. Het is niet de bedoeling om extra banen te creëren.”

Liftboys

De 5-procentregeling is ooit binnen de oude schilder-cao ontstaan. Daar werd gewerkt met 5 procent leerlingen. Bouwbedrijven als Van Waning, Besix, Heijmans, BTL, ECT Euromax, MNO Vervat en Jaq. Barendrecht werken inmiddels al een paar jaar mee aan de regeling. Zij hebben praktische voorbeelden van de succesvolle inzet van werklozen, zoals zes verkeersregelaars die het verkeer op het Stationsplein in goede banen leiden. Door de bouw van het nieuwe station zijn de trambanen daar al vijf keer verlegd, maar veiligheid staat wel hoog in het vaandel.

Bij het kantorencomplex Calypso van Boele & Van Eesteren hebben vier liftboys zich bewezen door het gebruik van de vier bouwliften te coördineren, waardoor mensen en materiaal niet onnodig lang stonden te wachten. Bij de bouw van de kades in de Rotterdamse haven en Euromax rijden dames de bouwketen langs voor koffie en schoonmaakwerkzaamheden.

In principe kan alleen de gemeente Rotterdam de eis van 5 procent stellen, maar veel andere opdrachtgevers in de regio blijken ook bereid hun steentje bij te dragen.

Jansen zou ook graag meeliften bij de megaprojecten A15 Maasvlakte-Vaanplein en de A4 Midden-Delfland. Deze wegverbredingen door Rijkswaterstaat in de regio Rotterdam zijn al gegund of bijna gegund en vallen niet onder de 5-procentregeling. “Maar er zouden goede kansen zijn in de vorm van opruimklussen, groenwerk of graafwerk, en in de catering.”

Jansen windt er geen doekjes om: de meeste vooroordelen over mensen met een langdurige uitkering kloppen. “Som het maar op: meestal hebben ze geen rijbewijs, geen goed werkritme en soms geen vaste woonplaats of schulden.” Rotterdam heeft goede ervaringen met een detacheringsbureau waar de werkzoekenden in dienst komen. “Zij bellen mensen letterlijk uit hun bed als ze niet op tijd opdagen en hebben een job-coach in dienst. Die extra last hoeft zo niet helemaal bij de werkgever te liggen. Bovendien kunnen mensen op die manier worden ingezet op kortdurende klussen en zelf uitvinden in welke branche zij zich het beste thuisvoelen.” Niet iedereen zit te wachten op een nieuwe kans op werk, maar regelmatig krijgen mensen na jaren een uitkering te hebben gehad toch een vast contract. “En daar doe je het voor, al gaat het niet vanzelf.”

Het succes is opvallend, want de bouwministeries en Bouwend Nederland hebben bedenkingen bij de uitvoerbaarheid van de 5-procentregeling. Ook al betwist niemand dat werklozen een nieuwe kans verdienen. Jansen snapt de scepsis. “Rijkswaterstaat legt bij de aanbesteding veel nadruk op risico’s en de uitvoering van de 5-procentregeling is een risico dat niet altijd even makkelijk is in te schatten. Bij klassieke bestekken is de regeling makkelijker door te voeren.”

Toch denkt Jansen dat ook bij een economisch meest voordelige inschrijving de inzet van werklozen is te belonen. Hij wijst daarbij op het sloopcontract voor het oude stadskantoor vlak achter de Meent. Bij de sloop van het Rode Zand was de minimumeis om voor 93.000 euro langdurig werklozen aan een baan te helpen en werd een hoger bedrag beloond via een laag uurtarief. “Het werd uiteindelijk 428.730 euro”, wijst Jansen op zijn web-gebaseerde registratiesysteem. Regelmatig houdt hij via BSN-nummers steekproeven op het naleven van de regeling.

In Rotterdam wordt bijna altijd 5 procent van de aanneemsom geëist, evenals een plan van aanpak van de aannemer op basis van het bestek. Maar Jansen werkt pragmatisch: “Soms is een bepaalde bouwfase niet geschikt voor social return. Ook als het werk voor 80 procent uit staalwerk of asfalt bestaat, is 5 procent niet realistisch. Idealiter geeft de bestekschrijver al de mogelijkheden aan in de tekeningen en planning.”

In de praktijk worden bouwers zelden in gebreke gesteld als ze het percentage niet halen. In het contract bestaat wel de mogelijkheid om te korten op betalingen.

De medewerking van de contractmanager, maar ook van de uitvoerder zijn cruciaal voor het slagen van de 5-procentregeling, heeft de projectleider gemerkt: “Je moet er wel bovenop blijven zitten. Als de aandacht verslapt, bestaat de neiging de makkelijkste weg te kiezen, en dat is niet social return.” n

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels