nieuws

‘Laat markt zelf bouwregels maken’

bouwbreed

-De overheid moet zich bij bouwregels beperken tot doelen en functionele eisen. De uitwerking daarvan moet de markt zelf doen, vinden het Expertisecentrum Regelgeving Bouw, TNO en RIGO.

In het rapport ‘Verder na Dekker’ bouwen de instituten voort op de conclusies van de Commissie Dekker. Die kwam in 2008 tot de uitspraak dat de verantwoordelijkheid moet liggen bij eigenaren, ontwerpers en bouwers. Daarbij past geen preventieve gemeentelijke plantoetsing maar wel handhaving.

De instituten vinden nu dat de regelgeving in haar geheel opnieuw tegen het licht moet worden gehouden. Aan de ene kant omdat de doelen van de bouwregels onvoldoende kenbaar zijn en aan de andere kant omdat de markt onvoldoende uit de voeten kan met de regels.

Zij stellen voor om een instituut op te richten dat de herziening van de regels moet voorbereiden. Daarbij is een deel de verantwoordelijkheid van de overheid, de doelen en functionele eisen, en de rest moet de markt doen. De markt moet de uitwerking dan op drie niveaus laten plaatsvinden, probabilistisch (globaal op basis van risico’s en onzekerheden), prestatie-eisen en oplossingen. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen nieuwbouw, verbouw en bestaande gebouwen.

In deze visie moet een bouwwerk bij oplevering voldoen aan de door de overheid gestelde doelen, het is veilig, gezond en duurzaam. Een onafhankelijke derde moet dit toetsen. De publieke taak ligt dan in het weigeren van een gebruiksvergunning als het gebouw niet aan de gestelde doelen voldoet. Verder beperkt de overheid zich bij de preventieve toetsing tot het omgevingsrecht en de welstand.

Uiteraard is er in dat geval sprake van een enorme kapitaalschade waartegen aansprakelijke partijen zich ongetwijfeld willen verzekeren. Verzekeraars zullen dan invloed willen hebben op de kwaliteit die marktpartijen leveren om hun risico te verkleinen. Daardoor zal er privaatrechtelijk sprake zijn van een zichzelf corrigerende werking en zal de kwaliteit van een bouwwerk tenminste op het niveau van de bouwregels liggen, veronderstellen de instituten.

Op die manier vormgegeven verwachten zij een forse besparing. Zo wordt er aan leges jaarlijks 500 miljoen euro betaald. Door het wegvallen van de preventieve bouwkundige toets – 60 procent van het werk voor de verlening van een omgevingsvergunning – kan daarop minstens 250 miljoen bespaard worden. Gemeenten kunnen met 60 tot 70 procent minder ambtenaren bouw- en woningtoezicht toe, eveneens zo’n 250 miljoen besparing.

De instituten verwachten daarnaast een vermindering van de faalkosten met minimaal 30 procent. Dat levert circa 500 miljoen euro op.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels