nieuws

Utrecht twittert over stadsplannen

bouwbreed Premium

Digitaal debatteren over binnenstedelijk bouwen is voor de gemeente Utrecht dé manier om zoveel mogelijk stadsbewoners te betrekken bij inbreidingsplannen. De tijd van de “klassieke, doordeweekse discussieavond in een stoffig zaaltje” lijkt voorbij.

Via onder meer twitter en www.stadsdebatutrecht.nl wordt Utrechters sinds kort gevraagd mee te denken over de enorme bouwopgave waar de stad voor staat. De gemeente heeft vooralsnog dertien nog te ontwikkelen inbreidingslocaties aangewezen, zoals het Veemarktterrein, het Jaarbeurskwartier en de rioolwaterzuivering langs de Vecht. Ambtenaren en wethouders reageren door mee te twitteren.

Volgens Erlijn Mulder, woordvoerster van wethouder Harrie Bosch (Ruimtelijke Ordening en Wonen), is het doel van het online stadsdebat “om wensen en ideeën op te doen bij onder meer bewoners, ontwikkelaars en woningcorporaties. Op deze manier kun je vanaf de keukentafel mee debatteren wanneer jij dat wilt. Alles mag: van uploaden van een volledig uitgewerkt ontwerp tot het maken van een collage maken en het sturen van een kort mailtje, als het maar over de invulling van inbreidingslocaties gaat. En als wij een locatie zijn vergeten: laat het vooral weten. We nemen alle ideeën en suggesties serieus.’’

De woningbehoefte in Utrecht is groot: tot 2040 moeten er jaarlijks zo’n 2250 woningen (bij elkaar ruim 65.000 huizen) worden bijgebouwd, aldus Pieter Hooimeijer, hoogleraar demografie bij de Universiteit Utrecht. Hij doet onder meer onderzoek naar woningmarktgedrag in de vierde stad van Nederland. “Als we erbij blijven dat we er ook vijfhonderd per jaar willen slopen, moet het jaarlijkse bouwprogramma dus 2750 zijn. Maar zelfs dan blijft het tekort hoog.’’

De prognosecijfers laten onder meer zien dat het aantal huizen in Leidsche Rijn, ’s lands grootste nieuwbouwlocatie aan de westkant van de stad, bij lange na niet voldoende is. Leidsche Rijn is momenteel halverwege: 15.000 van de 30.000 huizen zijn bewoond. Gemeentewoordvoerster Mulder: “Als we de groene gebieden aan de randen van de stad groen willen houden, dan móet je wel focussen op de binnenstad.”

Volgens Hooimeijer past een digitaal stadsdebat in de trend: de bevolking nauw betrekken bij de planvorming. “Nadeel is dat een niet onbelangrijk deel van de bevolking, mensen met minder opleiding, impliciet van deze deliberatie wordt uitgesloten. Daar is inmiddels rijke literatuur over.’’ Een van de pluspunten van deze manier van debatteren is volgens Hooimeijer dat je geen Utrechter hoeft te zijn om mee te doen. “De lokale democratie kent normaal gesproken een enorm insider/outsider probleem. Het is eigenlijk merkwaardig dat forensen niet mogen meedenken en meestemmen over voor hen cruciale zaken, zoals vermindering van wachtlijsten, inrichting van het stationsgebied en verbetering van de bereikbaarheid. Er komen per dag zo’n 100.000 mensen de stad Utrecht in. Door deze vorm van debat lost je dat ten dele op.”

De resultaten van het digitaal stadsdebat, dat nog tot en met 31 maart duurt, worden volgens Mulder meegenomen in het Dynamisch Stedelijk Masterplan, een ontwikkelingsstrategie voor alle locaties. Dit plan wordt voor de zomer aan de gemeenteraad voorgelegd.

Reageer op dit artikel