nieuws

‘Iedereen roept krimp, krimp, krimp. Ik zeg: groei, groei, groei’

bouwbreed

– In de directiekamer van de Koninklijke Bibliotheek geeft bouwlobbyist Elco Brinkman zijn ongezouten mening over de toekomst van Nederland. Het is tijd voor keuzes. “We zitten niet meer in de zevende hemel.”

Wat gaat er mis?
“De overheid moet keuzes maken. In de bouw is er een behoefte aan een duidelijke prioriteitstelling. Wat voor soort ondersteunende maatregelen ga je geven? Je kunt je afvragen of het zinvol is het weinige subsidiegeld te versnipperen over de woningbouw. Het is de vraag of je daarmee mensen verleidt. Ik raad aan om het geld te steken in de publieke zaken, in de aantrekkelijkheidsfactor van een gebied.”

Waar ergert u zich nog meer aan?
“We moeten ophouden met die vicieuze cirkel van eindeloze studies. Een aantal ontwikkellocaties zijn met heel veel moeite aangewezen. Je kunt daar niet klakkeloos een streep doorheen zetten en verwachten dat je zonder al te veel investeringen zomaar een ander plan van enige omvang hebt. De overheid moet een aantal grote projecten aanwijzen en die dan ook echt doorvoeren. Wat mij betreft zijn dat in ieder geval de SAAL-verbinding, de regio rond Eindhoven en de waterberging en waterveiligheid in de Drechtsteden. Als je daar goed investeert in de collectieve voorzieningen krijg je de woningbouw weer op gang. Je zult namelijk zien dat ook private investeerders en woningcorporaties weer gaan investeren.”

Begrijpt u dat het kabinet de beslissing over SAAL heeft uitgesteld?
“Nee, dit is een mooi voorbeeld van een project waarbij je moet zeggen: daar gaan we als kabinet voor. Als je de bereikbaarheid robuust neerzet, stimuleer je ook de woningbouw. En dan niet een beetje pielen en een halve rails erbij ‘want dan zijn we weer even gered’, maar de regering moet een duidelijke keuze maken. Als de overheid helderheid wil over waar mensen en bedrijven investeren, neem dan als overheid zelf ‘as soon as possible’ je beslissingen, dan weten anderen ook waar ze aan toe zijn. Ook een commerciële partij vraagt zich af of mensen ergens op afkomen. Stel nou dat de pensioenfondsen zeggen dat ze toch meer in Nederland willen investeren. Daar zal ongetwijfeld druk voor gelobbyd worden, je kunt je voorstellen wie daar allemaal om tafel zitten (Brinkman was tot 1 april 2009 voorzitter van pensioenfonds ABP, red.) Die willen ook weten welke risico’s ze nemen. Ook daar is behoefte aan prioriteitsstelling.”
Wat zou de rijksoverheid daarin kunnen betekenen?
“De overheid zou meer op zoek moeten naar particuliere bijdragen, die maken het mogelijk ontwikkelingen op gang te brengen. Publiek-private samenwerking is een ideologisch debat, het wordt gezien als groot en vuig. Maar zeker nu is de vraag van belang hoe je in woningbouw en openbare ruimte ook een verdienmodel kunt aanbrengen.”
U bent al langer pleitbezorger van pps.Maar bij de Zuidas verloopt dat toch ook niet echt soepel?
“Het kan prima als je het kleiner maakt en in partjes ontwikkeld. Maar dan moet de overheid wel in het eerste begin investeren. Je moet zo’s SAAL-verbinding niet te benepen neerleggen. Dat is een centrale route die heel toekomstbestendig is. Als dat traject eenmaal bestaat, gaat de ontwikkeling wel lopen.”

Wat vindt u ervan dat pas in 2020 extra geld beschikbaar komt voor waterveiligheid vanuit het Deltaplan van de commissie-Veerman?
“Het geld voor waterbeheer zou naar voren gehaald moeten worden. Het stimuleert nieuwe ontwikkelingen, eventueel in samenwerking met private partijen. De Afsluitdijk is daar een mooi voorbeeld van. Bij de Afsluitdijk kun je een paar basaltblokken storten, maar je kunt ook combinaties maken met energievoorziening, bepaalde recreatie waardoor je ook verdiencapaciteit inbrengt. Of bijvoorbeeld het uitbreidingsplan van de Haarlemmermeerpolder. Dat is op zichzelf een kostenpost, maar je kunt het door de recreatiemogelijkheden aantrekkelijk maken om te wonen.”
U pleit al enige tijd voor een ministerie van Ruimte. Waarom?
“De charme van een ministerie van Ruimte is dat alle ruimtelijke afwegingen dichter bij elkaar komen. Dan is er een instantie die alle fysieke beslissingen maakt. Daaronder vallen Natuur en Landschap, VROM, Verkeer en Waterstaat, het fysieke milieu en energiezaken. Prioriteiten in ecologie, wegen, spoor en water kun je over elkaar leggen zodat je misschien combinatiewerken kunt maken. Plus dat je één politiek verantwoordelijke persoon hebt. Het is nu makkelijker om de verantwoordelijkheid af te schuiven en de schuilkelder in te gaan. Ik zou er zeer voor zijn als ik minister was, maar dat ben ik niet, om het op die manier aan te pakken.”
Welke consequenties heeft een rechts kabinet voor de bouw?
“Daar doe ik geen uitspraken over, want de bouw is politiek neutraal. We praten met mensen van de verschillende politieke groeperingen. Ik doe zaken met elk kabinet dat er zit. Een nieuw kabinet had er natuurlijk allang moeten zijn. Maar ik heb makkelijk praten, ik weet ook hoe ingewikkeld het is.”
Wat gaan de komende bezuinigingen voor de bouw betekenen?
“De grootste zorg zit in de heroverweging van plannen die al op de rit stonden. Plannen die teruggehaald worden, betekent dat bedrijven die mannen klaar hebben staan, alsnog mensen moeten ontslaan. Het is onontkoombaar dat de overheid terugkomt op gemaakte afspraken.”

U heeft een nogal afwijkend standpunt over krimp. Licht eens toe?
“Krimp is het nieuwe modewoord. Je hoort overal krimp, krimp, krimp. Maar ik zeg: groei, groei, groei. Ik wil waarschuwen tegen verkeerde prioriteiten. Het is niet zo dat overal krimp is, in grote delen van Nederland is er sprake van groei. Je moet als overheid die groei en de renovatie prioriteit geven. Het gevaar is dat schaarse middelen in eerste instantie in de krimpgebieden worden ingezet. Maar in een tijd waar de overheid weinig geld heeft te vergeven, is het een legitieme vraag: waar rendeert het belastinggeld het beste?”

Wat moet er dan met de krimpgebieden gebeuren?
“Het is op zich niet verkeerd als in krimpgebieden de lege huizen worden opgeruimd en plaatsmaken voor een park of zo. Je hebt wel met een transitievraagstuk te maken. Uiteindelijk is de vraag waar je het eerst de problemen van lege kantoren moet oplossen. Niet op een plek waar voorlopig toch niemand in dat kantoor wil. Dat kun je rustig een tijdje leeg laten staan. Er zijn nu te veel bouwplannen in Nederland, de verwachte toeloop is minder, dus de veronderstelde grondopbrengsten zullen lager zijn. Dat betekent dat je je ambitie moet bijstellen. Je moet bouwen waar mensen willen wonen. Niet waar je zou willen bouwen. Je moet wel de werkelijkheid van de wereld wel een beetje in acht nemen.” n

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels