nieuws

Bezwaren tegen boetes afgewezen

bouwbreed

De bezwaren van wegenbouwers De Leeuw en Reimert tegen de hen opgelegde bouwfraudeboetes zijn afgewezen.

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven ziet geen reden om de sancties
te verlagen of ongedaan te maken, zo blijkt uit recentelijk gepubliceerde
vonnissen. De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) legde Reimert in 2005 een
boete op van ruim 431.000 euro voor deelname aan het grond-, weg- en
waterbouwkartel. De Leeuw werd bestraft met een boete van 242.000 euro. De twee
bedrijven vinden dat hun rechten zijn geschaad door de versnelde procedure die
de NMa destijds optuigde om het grote aantal zaken efficiënt en snel te kunnen
afhandelen. Deelname aan die procedure leverde de bouwers weliswaar 15 procent
boetevermindering op, maar hield tegelijk in dat zij zichzelf niet uitgebreid
mochten verdedigen. De ondernemingen zijn ook van mening dat de kartelwaakhond
bij het opleggen van de boetes is uitgegaan van te hoge aanbestedingsomzetten.
De wegenbouwers beweren bovendien dat hun betrokkenheid bij vooroverleg zeer
beperkt is geweest, hetgeen een lagere straf zou rechtvaardigen. De Rotterdamse
rechtbank legde de bezwaren in 2008 naast zich neer. Ook het College van Beroep
voor het bedrijfsleven komt tot de conclusie dat de NMa geen fouten heeft
gemaakt in haar boetebesluiten. Dat betekent dat de sancties voor De Leeuw
(Oosterhout) en Reimert (Almere) definitief zijn geworden. Het duo behoort tot
een groep van 32 bouwbedrijven die de boetes tot aan de hoogste bestuursrechter
aanvecht. Eerder dit jaar kregen Bruil Ede en Renka, moederbedrijf van
Knipscheer Infrastructuur, al nul op het rekest van het College.

Behandeltermijn

Het Bredase aannemingsbedrijf Schoenmakers zag zijn boete wel verlaagd, met
10.000 euro tot 258.000 euro, vanwege “overschrijding van de redelijke termijn”.
Tussen het uitbrengen van het NMa-rapport en de uitspraak van de rechtbank in
eerste aanleg verstreken drie jaar en acht maanden. Volgens het College van
Beroep acht maanden te veel. “Er zijn geen omstandigheden aan te wijzen die een
langere behandeltermijn dan drie jaar rechtvaardigen”, aldus de rechters.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels