nieuws

Boskantoor

bouwbreed

Boskantoor

Architectenbureau Kristinsson is met het nieuwe boskantoor op de Ugchelerberg bij Apeldoorn tegemoetgekomen aan de wens van Staatsbosbeheer om een cradle to cradle-gebouw te ontwerpen dat als duurzaam voorbeeldproject kan dienen.

Het is sober, maar toch met een zekere uitstraling. Transparant, maar ook
energiearm. De houten constructie van het licht gebogen gebouw tekent zich af
tegen het witte jachthuis. Achter de voornamelijk glazen gevels is hier straks
plaats voor 24 medewerkers van Staatsbosbeheer. “Sinds 2008 zijn drie
beheereenheden van Staatsbosbeheer op de Veluwe samengevoegd”, zegt Jan de
Wilde, projectleider namens de opdrachtgever. Het bestaande jachthuis, op de
gemeentelijke lijst van beeldbepalende panden, wordt gelijktijdig met de bouw
van het boskantoor gerenoveerd. Oude werkgebouwen hebben plaatsgemaakt voor de
nieuwbouw. De Wilde: “Maatschappelijk verantwoord ondernemen vormt een rode
draad door het beleid van Staatsbosbeheer. Meestal proberen we er met een
verbouwing uit te komen, maar toen nieuwbouw de enige optie bleek, is het idee
ontstaan om dat dan volgens het cradle to cradle-principe te doen.”
Staasbosbeheer schreef een prijsvraag uit en vroeg zes architectenbureaus een
plan te maken. Vijf daarvan gaven gehoor aan de oproep en architectenbureau
Kristinsson uit Deventer kwam als winnaar uit de bus. “Kristinsson scoorde
vooral goed op het gebruik van de ruimte, materiaal en de innovatieve
technieken”, schetst De Wilde. Kristinsson ontwierp een sober, transparant
gebouw van hout en glas, met een vooruitstrevend energiesysteem. In de sfeer van
cradle to cradle heeft de architect eerst geprobeerd de oude, zwartgeschilderde
houten gebouwen te hergebruiken. Maar de praktijk bleek weerbarstiger. “Ze waren
eigenlijk niet te demonteren en de stenen vloeren waren niet geïsoleerd”,
verklaart architect Jon Kristinsson. De gebouwen voldeden niet meer aan de
huidige eisen, dat bleek ook toen in een uiterste poging werd geprobeerd het
materiaal te verkopen. “De koper die zich aandiende, kreeg geen vergunning om
met de materialen te herbouwen”, weet De Wilde.

Demontabel

Het cradle to cradle-principe komt vooral tot uiting in de mogelijkheden tot
toekomstig hergebruik van het gebouw. Afgezien van de fundering is het hele pand
demontabel. Verder is het FSC-hout dat wordt gebruikt, afkomstig uit het eigen
bos van Staatsbosbeheer en beperken dakoverstekken het onderhoud aan de gevel.
Het dak krijgt over de hele lengte een lichtstraat, waardoor er optimaal gebruik
wordt gemaakt van daglicht. Aanvankelijk had de architect de semitransparante,
dunne pv-cellen van Helianthos in het ontwerp opgenomen, maar daarvoor was in
het bouwbudget te weinig ruimte. “Even terzijde, onbegrijpelijk dat Helianthos,
met alle innovaties waarin door de overheid miljoenen is geïnvesteerd, naar
China dreigt te verdwijnen”, moet Kristinsson nog even van het hart. De geplande
warmteopslag in de bodem kon op de locatie ook niet worden toegepast. “Het
grondwater zit hier op een diepte van 50 meter”, geeft Kristinsson het probleem
aan. Voor de warmtewisselaars die nu in de bodem worden geplaatst, bedacht hij
een manier om meer rendement te genereren. Door het overtollige water uit de
regenwaterzakken voor toiletspoeling in de grond boven de warmtewisselaar te
lozen, ontstaat een betere warmtegeleiding. Geen beproefd systeem, maar
‘natuurkunde van het vrije veld’, aldus Kristinsson, die ook emeritus hoogleraar
milieutechnisch ontwerpen is.

Klimaatsysteem

In het boskantoor wordt een innovatief klimaatsysteem toegepast. Hulst
Techniek uit Elburg installeert een ‘fine wire heatexchanger’ (FiWiHex) van
Hydro Systems Holland uit Oldenzaal. Zeer dunne vertinde koperdraadjes zorgen
voor een groot contactoppervlak met circulerende lucht. Het systeem verwarmt al
met een watertemperatuur van 28 graden. “Een goede warmtepomp heeft een cop van
3 of 4, maar hiermee wordt een cop van 10 gehaald”, vergelijkt Kristinsson de
coëfficiënt of performance; de verhouding nuttige warmte en opgenomen energie.
De fijnedraadwarmtewisselaars past Kristinsson ook in Villa Flora toe, maar het
boskantoor is het eerste kleinschalige project waarvoor kleine op maat gemaakte
convectoren zijn ontworpen. “Straks kan het systeem ook in woningen worden
toegepast”, voorziet de architect. Nu de bouw vordert, krijgt het ontwerp
gestalte. Bouwbedrijf Schippers uit Nuland voert het project uit. “We schrijven
graag in op dit soort innovatieve projecten”, zegt directeur John Schippers.
“Duurzaam bouwen is toch de toekomst.” Dat de opdracht via een prijsvraag tot
stand kwam, heeft volgens de architect een groot nadeel. “Het is jammer dat je
elkaar pas leert kennen als het schetsontwerp er al ligt”, vindt Kristinsson.
“Bij dit soort innovatieve projecten levert overleg in de ontwerpfase, zowel met
de opdrachtgever als met de aannemer, veel voordelen op. Doordat de laagste
aanbieder het project realiseert, blijft er weinig speelruimte over. Eigenlijk
zou je innovaties helemaal niet openbaar moeten aanbesteden.”

Kennis delen

Aannemer Schippers is blij met het project, maar beaamt dat het beter zou
zijn dit soort projecten in bouwteamverband uit te voeren, om kennis te delen.
Dat Staatsbosbeheer zich heeft te houden aan de aanbestedingsregels is
vanzelfsprekend. “Maar of de prijs concurrerend is, kan ook worden aangetoond
door het extern laten toetsen van de begroting”, geeft Schippers als mogelijk
alternatief. Staatsbosbeheer hoopt met het boskantoor een maatschappelijk
verantwoorde, transparante organisatie uit te stralen, die een voorbeeldfunctie
op het gebied van duurzaamheid heeft. “Ook voor ons is dit een leerproject”,
sluit De Wilde zich bij de andere partijen aan. Of het boskantoor die voorname
rol naar het ontwerp van Kristinsson in de praktijk kan waarmaken? Kristinsson:
“De tijd zal het leren.”

Projectgegevens

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels