nieuws

Tweede Maasvlakte blijkt geologische snoepwinkel

bouwbreed Premium

Tweede Maasvlakte blijkt geologische snoepwinkel

Wetenschappers reconstrueren de routes van de sleephopperzuigers uit de logboeken en bestuderen het opgespoten zand bijna korrel voor korrel. Zo proberen ze meer aan de weet te komen over het gebied waar PUMA het zand voor Maasvlakte 2 wint.

Een puzzel die eindeloos geduld vergt. Wolharige neushoorns hebben er
rondgelopen. Samen met bisons, otters, lynxen, sabeltandtijgers en sneeuwhazen.
Allemaal op het stukje Noordzee zo’n 15 kilometer ten noordwesten van Hoek van
Holland, waar PUMA, de combinatie van Boskalis en Van Oord het zand opzuigt voor
Maasvlakte 2. Tot zo’n tienduizend jaar terug lag dat droog en herbergde een
ecosysteem dat niet onderdoet voor de Afrikaanse Serengeti vandaag de dag. PUMA
komt de resten van die beesten allemaal tegen bij het baggerwerk. Grote stukken
blijven soms steken in de zuigmonden van de hoppers en worden aan boord door de
bemanning losgepeuterd. Zo zijn er al mammoetkiezen, slagtanden en dijbenen van
bisons omhoog gehaald. Maar niet alleen botten van de grote zoogdieren zijn
interessant. Ook overblijfselen van kleinere dieren en schelpen vertellen veel
over de over de geschiedenis van het gebied. Die bereiken vaak ongehinderd de
beun van de hoppers en worden na een vaartochtje van een uur met veel kracht
weggespoten of geperst. En daar liggen ze dan. Te wachten tot ze worden bedekt
door een volgende vracht, of totdat een paleontoloog ze vind en aan de
vergetelheid ontrukt. Wetenschappers als Natasja den Ouden van NCB Naturalis
zouden dolgraag dagelijks rondstruinen op het stort om te kijken wat er nu weer
boven is gehaald. Maar dat vertraagt de werkzaamheden te veel. En is ook niet
ongevaarlijk. Maar af en toe mag de Leidse onderzoekster met collega’s toch even
de bouwplaats op. Onder strikte begeleiding van iemand van de aannemer of
Havenbedrijf Rotterdam.

Beachcleaner

Om die schaarse momenten dat ze in de geologische snoepwinkel mogen kijken zo
goed mogelijk te benutten, werd afgelopen zomer een nieuwe verzamelmethode
uitgeprobeerd. Daarbij zetten de onderzoekers een beachcleaner in waarmee na
warme zomerdagen het strand wordt schoongemaakt, zodat badgasten de volgende
morgen weer een schone plek aantreffen. In een dag werken werd een twee meter
brede en 2,5 kilometer lange strook zand omgeploegd, tot zo’n 15 centimeter
diepte. Het leverde 15 kuub materiaal dat niet door de mazen viel van de
roterende zeef van de strandreiniger. Aannemer J. van den Broek leverde ze in
big-bags af bij het museum in Leiden, waar het momenteel wordt onderzocht.
Naturalis heeft daarvoor de hulp van amateurs en zelfs van museumbezoekers
ingeschakeld. Onder leiding van deskundigen bekijken die elk brokje en maken zo
een voorselectie van materiaal dat nog door de echte experts moet worden
bestudeerd. Niet alleen het bekijken van de opbrengst van één dag met de
beachcleaner is monnikenwerk. Ook het achterhalen van de plek op de zeebodem
waar het vandaan komt, blijkt een klus op zich. Daar heeft civieltechnicus Wil
Borst zich namens het Havenbedrijf in vastgebeten. Die analyseert de
zuigpatronen van de hoppers, die door Boskalis en Van Oord nauwkeurig in een
boekhouding worden bijgehouden. Om niet te verdrinken in de data gaat Borst uit
van de positie van de zuigbuis, twintig minuten nadat de pompen zijn gestart.
Aan de hand daarvan reconstrueert hij de locatie en dikte van het zandpakket dat
bij die sessie in de beun terecht is gekomen. Ook de plek waar de vracht twee
uur later wordt gelost, wordt door de baggeraars zo goed mogelijk geregistreerd.
Dat is onderdeel van de kwaliteitsbewaking die Havenbedrijf en Rijkswaterstaat
eisen om er zeker van te zijn dat de juiste kwaliteit zand op de juiste plek
komt. Inmiddels staat de teller op 17.000 vaartuigbewegingen. Uit al die
gegevens moet Borst reconstrueren van welke plek en welke bodemlaag in de
Noordzee het zand afkomstig is waarin eventuele vondsten zijn gedaan.

Kriskras door elkaar

Extra complex wordt dat werk door het gegeven dat PUMA extreem diep het zand
wegzuigt. Wordt bij gebruikelijke zandsuppleties meestal een pakket van 2 meter
van de bodem afgeschraapt; in het wingebied voor Maasvlakte 2 wordt de bodem
maar liefst 20 meter verdiept. Als er langs de rand van zo’n winput wordt
gezogen, is het volgens Borst niet ondenkbaar dat er een keer een flinke schol
van de wand afschuift en op de bodem terechtkomt. De hopper husselt bodemlagen
met een verschil in leeftijd van wel een miljoen jaar onontwarbaar door elkaar.
De resten van dieren die elkaar in werkelijkheid nooit tegen zijn gekomen,
kunnen zomaar in dezelfde beun terechtkomen. En ze belanden dus ook kriskras
door elkaar heen in de big-bags die Den Ouden en consorten momenteel
onderzoeken. Door die gegevens te correleren met eerdere boringen en kennis die
bekend is van bodemlagen passen ze de stukjes van de complexe puzzel zo goed en
zo kwaad als het gaat in elkaar. Ook krijgen de onderzoekers nog de beschikking
over een deel van de monsters die Boskalis en Van Oord van elke hopper nemen.
Van elke beun, ongeacht of die een inhoud heeft van 15.000 kuub of het dubbele,
wordt een monster genomen ter grootte van ongeveer 1 liter. Aan boord al wordt
direct de korrelgrootteverdeling bepaald met behulp van een laser particle
sizer. Een steekproef van 10 procent van die monsters wordt later op de wal
nogmaals geanalyseerd en een tijdlang bewaard. Uiteindelijk, maar dat kan wel
een paar jaar duren, krijgen de onderzoekers die monsters ook tot hun
beschikking. Dan kunnen ze, gesteund door andere technieken als
koolstofdatering, de puzzel verder completeren. De opbrengst van een weekeinde
doorploeteren van de big-bags met de bezoekers van Naturalis bestaat uit een
tand van een witte haai, de kies van een reuzenhert, de ellepijp van een bever
en veel klein spul. Meer dan Den Ouden had durven dromen. De paleontologe hoopt
gauw nog eens met de beachcleaner langs te gaan. Hoewel ze ook uitziet naar een
tochtje met de viskotter, waarmee zij en haar collega’s af en toe tot het
wingebied worden toegelaten om de bodem van het wingebied leeg te schrapen. Als
de hoppers even niet in de buurt zijn.

Reageer op dit artikel