nieuws

Nicheproduct geschikt voor emplacementen

bouwbreed Premium

Een nicheproduct, noemt Wouter Lampe van voestalpine Railpro de kunststof dwarsligger die de leverancier van spoorwegmaterialen vandaag in Utrecht presenteert op een bijeenkomst van voorlichtingsbureau Rail Cargo. Het Hilversumse bedrijf adviseert de kunststof dwarsligger voor onder meer emplacementen.

De dwarsligger is bedoeld als alternatief voor onbehandelde houten
dwarsliggers. Die vormen momenteel ongeveer de helft van de dwarsliggers die in
Nederland worden gebruikt. De andere helft bestaat uit betonnen dwarsliggers.
“Daarvoor is de kunststof dwarsligger geen alternatief”, zegt Lampe. Niet in de
laatste plaats omdat beton goedkoper is dan het herverwerkte polyethyleen,
waaruit fabrikant Lankhorst Mouldings uit Sneek de dwarsligger maakt voor
voestalpine Railpro. Onder hoofdbanen blijft beton naar Lampes mening het meest
gebruikt. Op emplacementen kan de kunststof dwarsligger wel tot zijn recht
komen. “Dat hangt dan vooral af van de lifecyclekosten.”

Lankhorst maakt de dwarsligger in vier varianten. De eerste is identiek aan
het houten model. De tweede is een uitgeholde uitvoering met ribbels aan de
onderkant voor meer zijwaartse weerstand in het ballastbed. De derde dwarsligger
bestaat uit segmenten die aan elkaar worden gekoppeld tot een grotere lengte. De
vierde is speciaal ontwikkeld voor montage op bruggen. “Het bijzondere van de
brugdwarsligger zit in de variabele hoogte waarmee de spoorstaven van de baan
goed aansluiten op die van de brug”, zegt Lampe. Het materiaal dempt tegelijk
het spoorweglawaai met 3 tot 5 decibel. In Lampes uitleg komt de gekoppelde
dwarsligger vooral van pas bij de renovatie van wissels. “Daar zitten soms
dwarsliggers onder van 5 of 8 meter lang en die zijn moeilijk te plaatsen in het
werk.” Met de gekoppelde dwarsligger kan de gewenste lengte stapsgewijs worden
samengesteld. De uitgeholde dwarsligger wordt met ballast gevuld, zodat het
gewicht overeenkomt met dat van de houten variant. “Kunststofdwarsliggers zijn
ook makkelijker te verwerken dan betonnen”, vindt Lampe. Dat voordeel blijkt
volgens hem vooral bij de constructie van wissels. “Bevestigingen voor
spoorstaven moeten in beton vooraf in de dwarsligger worden gemaakt omdat beton
moeilijk op locatie te bewerken is.” Kunststof is net als hout in het werk te
monteren. “Met uitzondering nog van het brandgedrag lijkt het materiaal verder
niet op hout, legt Stefan Hofman van Lankhorst Mouldings uit.

Houten dwarsliggers hebben volgens hem bij de inbouw de beste eigenschappen.”
Die verdwijnen naar zijn mening snel onder invloed van weer en wind.
Polyethyleen houdt wat hem betreft tot in lengte van jaren zijn gunstige
eigenschappen. “Mede door de dikte van de dwarsligger en de zwarte kleurstof die
door het materiaal is gemengd, krijgt ultraviolet licht nauwelijks vat op het
kunststof.” Stalen wapeningsstaven voorkomen dat de dwarsligger te veel uitzet
of krimpt. De tolerantie is krap, zegt Hofman. “Bij nieuwbouw niet meer dan 2
millimeter.” Lankhorst Mouldings ontwikkelde de kunststof dwarsligger met
voestalpine Railpro. De laatste treedt in Nederland voor de eerste op als
dealer. De Friese fabrikant liet zijn kunststof dwarsligger inmiddels ook in
Duitsland beproeven in de praktijk. Spoorwegadviseur DeltaRail uit Utrecht
testte een aantal vroege uitvoeringen van de kunststof dwarsligger. “Het product
is sindsdien verder ontwikkeld”, zegt onderzoeker Jaap Horst. Hij noemt het een
volwaardig alternatief voor hout. In bepaalde toepassingen zou het ook betonnen
dwarsliggers kunnen vervangen. Het belangrijkste nadeel is de prijs. “Die is
hoger dan die van beton omdat het basismateriaal duurder is.”

Reageer op dit artikel