nieuws

Gebouw dat ‘meedenkt’ met gebruiker verbruikt minder energie

bouwbreed Premium

Gebouwen kunnen met de huidige informatietechnieken al goed meedenken met de gebruiker, vindt Joseph Kuling van HLV uit Eindhoven, onderdeel van TBI Techniek. Het uit zich in onder meer een lager energieverbruik.

“Een intuïtief gebouw dat uiteenlopende functies koppelt via onder andere het
internet”, noemt Kuling, directievoorzitter van systeemintegrator HLV, het. Bij
zijn weten is zo’n gebouw nog niet gerealiseerd. “Een intuïtief gebouw voegt
zich naar de wensen van de gebruiker”, zegt Kuling. Het gebouw verzamelt
informatie over hoe het wordt benut. Al die gegevens worden gebundeld in een
gegevensbank. Kuling: “Het systeem kan daarin patronen ontdekken en al op
voorhand de verwarming, ventilatie of verlichting aan of uit doen.” Als
voorbeeld van die functie noemt hij zelflerende liften die op bepaalde momenten
uit zichzelf naar een verdieping gaan. Volgens Kuling zijn zelflerende systemen
niet voor elk gebouw een optie. “De aanvangsinvestering verdient zich alleen
binnen een overzichtelijke termijn terug, als het vloeroppervlak groot genoeg
is.” Dan gaat het al snel om enkele miljoenen euro’s. “Die zijn in eerste
instantie niet met een paar honderd vierkante meter terugverdiend.” Bovendien
moet de organisatie zich ervoor lenen. Desondanks rekent hij met een groeiende
markt. Installaties beslaan in zijn ervaring een steeds groter deel van de
bouwinvestering. “En steeds vaker zullen organisaties die installaties aan
elkaar willen koppelen om het totale beheer beter in de hand te kunnen houden.”

Dagbesteding

De koppeling van onder meer gebouwgebonden systemen moet ervoor zorgen dat
een gebouw beter wordt gebruikt, minder energie verbruikt en minder
milieuvervuiling veroorzaakt. Voor het beheer van deze functies wil Kuling een
open platform inrichten. Iedereen die iets met gebouwen van doen heeft kan
daarvoor een al dan niet draadloze applicatie ontwikkelen. Hij vergelijkt deze
opzet met de ontwikkeling van applicaties voor de iPhone. In theorie kan een
gekoppeld systeem betekenen dat de dagbesteding van een medewerker wordt
gekoppeld aan een gebouwbeheersysteem. Bij die informatie worden het weerbericht
en de filemelding gevoegd. Uit samenvoeging van deze informatie kan het systeem
afleiden hoe laat iemand het gebouw binnenkomt. Aan de hand van die gegevens
worden verwarming, ventilatie en verlichting ingeschakeld. Het systeem kan een
medewerker ook adviseren vanwege het weer thuis te werken of vanwege een file
uit te wijken naar een filiaal.

Prestatieladder

Vooral organisaties met flexibele werkplekken profiteren van deze techniek.
Het systeem kan zodanig schuiven en indelen dat vleugels of etages zo efficiënt
mogelijk worden benut. Dat spaart geld, want wellicht hoeft dan niet het hele
gebouw te worden verwarmd, geventileerd of verlicht. Kuling wil onder andere met
zijn ‘IP-koppelingen’ op Niveau 4 komen van de CO2-prestatieladder van ProRail.
“Dat veronderstelt tevens dat je een innovatief initiatief ontplooit om de
uitstoot van CO2te verminderen waarbij andere partijen zich kunnen aansluiten.”
Op die manier moet een olievlekwerking ontstaan. “Het open platform van ons
intuïtieve gebouw is daar een uitstekend voorbeeld van.” Dit jaar nog wil Kuling
een reductie van 5 procent bereiken. Voor 2015 staat 20 procent genoteerd. Voor
zover Kuling weet, zijn in Nederland nog geen gebouwgebonden systemen via
IP-technologie verbonden met een kennissysteem. Als zich op korte termijn geen
goede gelegenheid voordoet om de techniek uit te testen, overweegt hij van zijn
eigen gebouw een voorbeeldproject te maken. De praktijk leert hem dat nieuwe
technieken zonder voorbeelden met moeite een reguliere oplossing worden.
“Leveranciers zijn al wel enthousiast maar de markt van de afnemers reageert nog
uiterst voorzichtig.”

Reageer op dit artikel