nieuws

Over scholing

bouwbreed

Scholing is nuttig. En er is goed uit te leggen waarom: iedereen heeft namelijk een belang bij scholing. Allereerst de bedrijven: geschoolde werknemers zijn productiever. Bedrijven weten dat als je in onvoldoende mate aan geschoold personeel kunt komen, je dat personeel moet opleiden. Voor werknemers is scholing nuttig omdat het toegang biedt tot passende arbeid. […]

Scholing is nuttig. En er is goed uit te leggen waarom: iedereen heeft namelijk een belang bij scholing. Allereerst de bedrijven: geschoolde werknemers zijn productiever. Bedrijven weten dat als je in onvoldoende mate aan geschoold personeel kunt komen, je dat personeel moet opleiden. Voor werknemers is scholing nuttig omdat het toegang biedt tot passende arbeid. Je kunt er bovendien een hoger inkomen mee verwerven dan wanneer je die scholing niet zou hebben gevolgd. Wellicht zijn er nog meer effecten. Je krijgt erkenning en wellicht meer plezier in je werk etc.
Onlangs sloten partijen in de bouw een overeenkomst voor een extra scholingsimpuls van 64 miljoen euro onder het motto ‘Bouw door, leer verder’. Dit geld komt bovenop de al bestaande uitgaven aan scholing die tientallen miljoenen euro’s per jaar bedragen. Kern van de overeenkomst is dat de komende twee jaar de instroom van jongeren een impuls moet krijgen en tegelijkertijd het zittend personeel de mogelijkheid tot om- of bijscholing wordt geboden. Het blijkt namelijk dat in tijden waarin de conjunctuur inzakt, de instroom van jongeren ook terugloopt. Jongeren die je weer nodig hebt op het moment dat de bouw weer aantrekt.
Dit is een opmerkelijk initiatief in een tijd dat de sector in zwaar weer is beland.
Het is een voorbeeld van anti-cyclisch scholingsbeleid dat kan bijdragen aan een betere aansluiting tussen vraag en aanbod en ook voor latere jaren voldoende geschoold personeel beschikbaar te hebben voor de sector.
De eerste reactie is: een prima initiatief. Goed voor werkgevers, goed voor werknemers en goed voor de bedrijfstak. Toch is er ook een risico. Je weet namelijk niet precies wat je voor al die investeringen terugkrijgt. We hebben het dan over de doelmatigheid van de investering.
Wat doen geschoolde werknemers als zij hun opleiding hebben afgerond? Hoe lang blijven zij werken in bedrijven die bijdragen aan het O0x26O fonds? En wat doen werknemers die dat niet doen? Beginnen zij voor zichzelf, stappen ze over naar een andere bedrijfstak en naar welke bedrijfstak dan wel?
Dit roept de vraag op naar de effectiviteit van de scholingsinspanning. Net als overigens in de andere sectoren van de economie bestaat er in de bouw nog weinig zicht op. Systematische analyse van de effectiviteit van de scholingsinspanning lijkt daarom gewenst. Niet alleen om de effecten in beeld te brengen, maar vooral om te leren: hoe een investering in scholing optimaal kan renderen voor werkgever en werknemer.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels