nieuws

BAM-dochters met marge van 5,4 procent aan kop in Britse bouw

bouwbreed

De drie Britse BAM-dochters BAM Construct, BAM Nuttall en BAM PPP hebben vorig jaar op een omzet van bijna twee miljard euro een winst voor belastingen gedraaid van ruim 105 miljoen euro. Dat leidt tot een marge van 5,4 procent waarmee de BAM-bedrijven ‘een leidende positie innemen in de Britse bouw’.

Het gezamenlijke opdrachtenboek stond begin dit jaar op 3,6 miljard euro. De BAM-dochters wijzen daarbij bovendien op de sterke positie van hun moederbedrijf. ”In onzekere economische tijden geeft de financiële kracht van de Koninklijke BAM Groep klanten het vertrouwen dat de Britse activiteiten zich in een sterke positie bevinden om lopende en toekomstige projecten af te leveren.”
BAM heeft de banden met de dochterbedrijven in Groot-Brittannië, voorheen HBG Construction en Edmund Nuttall, eind vorig jaar versterkt door ze onder het BAM-merk te brengen.
Directeur Richard Gregory van BAM Construct spreekt van ‘opnieuw een jaar met sterke prestaties en een recordomzet’. ”We hebben laten zien dat we in staat zijn en ook flexibel zijn om succes te boeken ondanks de economische neergang.” De Britse BAM-tak bracht 56 nieuwe projecten in gang en werkte gedurende het jaar met gemiddeld 9.200 mensen op 163 bouwplaatsen in heel Groot-Brittannië. Volgens Gregory waren projecten in de gezondheidszorg en vooral het onderwijs de hoogtepunten van het jaar. Wel moest BAM Construct een voorziening van zo’n 7,7 miljoen euro maken wegens afschrijvingen op de waarde van de onroerendgoedportefeuille.
Het civieltechnische BAM Nuttall spreekt van een ‘buitengewoon goed jaar’ met een omzet van 730 miljoen euro. In 2008 werden onder meer de bouwplaats voor het Olympisch Stadion in Londen, een spoorlijn bij Stirling in Schotland en een autoweg in Wales opgeleverd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels