nieuws

Win-win

bouwbreed Premium

.

De Rijksgebouwendienst (RGD) is de laatste van de grote Rijksopdrachtgevers
die een redelijke vergoeding invoert bij complexe projecten. Rijkswaterstaat en
ProRail gingen de RGD al jaren geleden voor. Onder het motto ‘beter laat dan
nooit’ is het positief dat de dienst de vergoedingen voor de verliezende
inschrijvers verhoogt van maximaal 150.000 euro naar een miljoen. Op deze manier
zijn kosten eerlijker aan een project toe te rekenen. Linksom of rechtsom zal er
immers iemand moeten opdraaien voor de kosten van projectteams die maanden
zitten te rekenen. Het oude, illegale systeem van rekenvergoedingen behoort al
jaren tot het verleden en niemand wil dat meer terug. Lang overheerste bij het
ministerie van VROM het standpunt dat rekenen nu eenmaal hoort bij het meedingen
naar projecten. De gedachte was dat partijen vrijwillig kiezen voor inschrijven.
Maar bouwers met een overvolle orderportefeuille begonnen de RGD-opdrachten
daardoor te mijden: geen gewenste ontwikkeling voor een opdrachtgever die van
plan is ook in de toekomst grote projecten in dbfmo op de markt te zetten. Dat
zijn complexe en langjarige contracten waar vele miljoenen omzet mee zijn
gemoeid. Een feest voor de partij die de opdracht binnensleept, maar een fikse
kater voor de – meestal twee – afvallers. Die blijven immers zitten met forse
rekenkosten die ze zullen wegmoffelen onder ‘algemene kosten’. Terecht dus de
meest gehoorde klacht van de inschrijvers tijdens de evaluatie van de vier
recente dbfmo-contracten (twee belastingkantoren, het IB-Groep hoofdkantoor en
een gevangenis). Steeds vaker haakten potentiële inschrijvers daarom al bij
voorbaat af. De RGD laat nu blijken die klacht serieus te nemen en heeft daar
zelf profijt van als meer partijen inschrijven. Een echte win-winsituatie.

Reageer op dit artikel