nieuws

Waterschap zuivert rioolwater na met algen

bouwbreed

Schoner water en een vollere portemonnee verwacht Aa en Maas van zijn proefproject met algen. Het Brabantse waterschap wil daarmee rioolwater nazuiveren en de algen na gedane diensten verkopen aan bedrijven die ze vermalen tot bijvoorbeeld biodiesel.

Waterschap Aa en Maas zet vanaf februari algen in om het rioolwater in de zuiveringsinstallatie aan de Treurenburg in Den Bosch extra te schonen. Projectleider Bastiaan Hommel: “Het gaat om een onderzoeksproject dat het schap uitvoert met Maris Projects uit Schijndel die de algen levert.”
Algen halen bijvoorbeeld stikstof en fosfaat uit het afvalwater en nemen CO2op om te groeien. Al die stoffen zijn aan het eind van hun cyclus weer opnieuw te gebruiken.
‘Oogsten’ van de algen is voorlopig nog niet aan de orde bij Aa en Maas. Hommel: “Het waterschap kijkt de komende drie jaar elke negen maanden of de vorderingen van de proef nog steeds voldoen aan de verwachtingen.” Aa en Maas zegt het eerste waterschap te zijn dat daadwerkelijk in de praktijk algen beproeft. Waterschapskoepel Stowa hield zich eerder alleen in theorie bezig met algen.
Aa en Maas legt in een voormalige sliblagune een algenvijver aan van 10.000 vierkante meter. Aan de ene kant van deze ‘meanderende sloot’ stroomt effluent uit de zuivering in en aan de andere vloeit het extra gereinigd in het oppervlaktewater, al dan niet vrij van algen. “De praktijk moet uitwijzen welke invloed de eencelligen buiten de ‘bioreactor’ uitoefenen”, zegt Hommel. Ze mogen in elk geval niet stinken; het is de projectleider er dan ook veel aan gelegen om te voorkomen dat de beruchte blauwalg gaat woekeren.
Het Brabantse waterschap gebruikt geen gespecialiseerde algen die alleen een bepaalde vervuiling uit het water halen. “Dat zou de proef te bewerkelijk maken, omdat de populatie dan zuiver moet blijven”, legt Hommel uit. “En het beperkt het rendement van de nazuivering, omdat in het effluent zoveel verschillende afvalstoffen zitten.” Volgens het plan circuleren de algen door de bioreactor. Waarschijnlijk zullen ze aan het begin wat harder ‘werken’ omdat het water daar vuiler is dan aan het eind.
Vooralsnog gaat de aandacht uit naar het vermogen van de algen om CO2op te nemen. Gaandeweg wil het waterschap ontdekken of en in welke mate de eencelligen bijvoorbeeld stikstofoxide opnemen.
Via leidingen verbindt Aa en Maas ook de uitlaten van zijn gasmotoren met de bioreactor. Op papier halen de algen ook daar het CO2 uit, net als uit de rookgasafvoer van de verwarmingsketel. Hommel: “Het gas mag dan niet te heet zijn, omdat anders de algen verbranden. En in de leidingen mag geen condensaat ontstaan, omdat die het zwavel in het rookgas omzet in zwavelzuur, ook iets waar algen niet tegen kunnen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels