nieuws

Woningfonds voor vastgelopen markt

bouwbreed Premium

Dreigende restschuld van woningbezitters is volgens Jim Schuyt een niet bestaand probleem. Wel problematisch is dat er nauwelijks nog woningen worden verkocht. Om de markt vlot te trekken moet er een woningfonds voor huiseigenaren komen, waardoor zij een huis durven kopen voordat het oude is verkocht.

Door de crisis op de markt van koopwoningen halveert in de komende jaren de bouw van het aantal nieuwe woningen. Het geplande aantal van ruim 80.000 per jaar wordt bij lange na niet gehaald.
Het kabinet bereidt maatregelen voor. Woningcorporaties krijgen meer mogelijkheden om geld te lenen teneinde koopwoningen om te zetten in huurwoningen. De koopprijs voor woningen die vallen onder de Nationale Hypotheekgarantie (NHG) gaat omhoog. Er circuleren zelfs voorstellen om de btw en de overdrachtsbelasting te verlagen. Rabo-topman Heemskerk doet een duit in het zakje en stelt voor de problemen te bestrijden met een verplichte woonlastenverzekering. Hierdoor kan worden voorkomen dat een eigenaar-bewoner bij verkoop met een restschuld blijft zitten.
Het is een voorstel voor het oplossen van een niet bestaand probleem. Heemskerk verwacht geen ernstige verstoring van de woningmarkt en de kans dat we in Nederland Amerikaanse toestanden krijgen is ook volgens de Rabo-topman miniem. Onze banken kenmerken zich door risicomijdend gedrag en letten bij het verstrekken van geldleningen voor een eigen huis scherp op het inkomen.
De afgelopen tijd zijn wel voor het eerst sinds tijden de koopprijzen van woningen gedaald. Een daling van de koopprijs hoeft op zich geen rem te zijn op de verkoop van de eigen woning en de aankoop van een nieuwe. Bij een daling van de prijzen, brengt de woning weliswaar minder op, maar de koopprijs van de nieuwe woning is ook lager. Niets aan de hand dus.
En als de opbrengst lager wordt dan de schuld bij de bank, lost de eigenaar dit op door te blijven zitten waar hij zit en zich niet te verroeren. Wachten op betere tijden is dan het devies. Dit zagen we ook tijdens de woningmarktcrisis eind jaren zeventig, begin jaren tachtig.
Het echte probleem is niet een dreigende restschuld, maar het gegeven dat er nauwelijks nog woningen worden verkocht. Als het even kan stellen projectontwikkelaars nieuwbouwprojecten uit. Woningcorporaties temporiseren hun investeringen, omdat de noodzakelijke opbrengsten uit verkoop van huurwoningen onzeker zijn. Bouwbedrijven krijgen minder opdrachten, makelaars draaien met de duimen en de banken zien hun hypothecaire leningen met 30 procent dalen.
Het is van groot maatschappelijk en economisch belang dat de koopwoningmarkt weer in beweging komt. Veel mensen willen een andere, betere woning. Door de huidige onzekerheid stellen mensen de aankoop uit. De grootste onzekerheid is of iemand zijn huidige woning wel kan verkopen. Tot voor kort waren velen bereid een nieuw huis te kopen zonder dat het oude was verkocht. Niemand durft dit avontuur nu nog aan.
Hier ligt de sleutel waarmee de markt weer in beweging is te krijgen. Er moet een woningfonds komen dat de oude, niet verkochte woning inkoopt. De koper van een nieuwe woning krijgt de garantie dat als zijn oude woning na een jaar niet is verkocht, hij zijn woning aan het fonds kan verkopen tegen 90 procent van de getaxeerde waarde. Het fonds kan deze woningen tijdelijk verhuren. Wanneer de woningmarkt op orde is en de prijzen zijn hersteld, worden de woningen weer verkocht. Hiermee heeft een koper de zekerheid dat hij van zijn oude woning af kan en niet met dubbele woonlasten komt te zitten. De belangrijkste hobbel om een nieuwe woning te kopen is dan weggenomen.
De Staat zou de oprichting van dit fonds mogelijk moeten maken door de kapitaalmarktleningen die hiervoor nodig zijn te garanderen. Woningcorporaties kunnen in dit fonds participeren en het tijdelijke beheer van woningen op zich nemen. De banken – de Rabobank voorop – zijn ook uitgedaagd om dit woningfonds mee op te richten.

Reageer op dit artikel