nieuws

Railport Utrecht trotse blik vanger in duurzaamheid

bouwbreed Premium

Zonnecellen kunnen station Utrecht Centraal maken tot een flonkerend waarmerk van duurzaamheid. ProRail gaat op 24 september en 2 oktober met aannemers en toeleveranciers om tafel om tot in detail zijn plannen uit de doeken te doen.

Centraal Station en omgeving in vijftien deelcontracten aangepakt

“Nee, dit keer geen design 0x26 construct”, lacht projectleider Marc Unger. “Het is voor de aannemers onmogelijk alle risico’s op zich te nemen. Je moet partijen laten doen waar ze goed in zijn. Wees gerust: voor de aannemers blijft een hele kluif over”.
De spoorse vernieuwingen in het stationsgebied van Utrecht staan in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport op de begroting voor 272 miljoen euro. Een vracht werk ligt te wachten. ProRail splitst de te leveren inspanningen op in een stuk of vijftien deelcontracten. Sloop en de bouw van het door Benthem Crouwel ontworpen golvende stationsgebouw is zo’n brokstuk. De reizigers zullen zich straks op luchthaven Schiphol wanen, een terminal van de hand van hetzelfde bureau. Andere grote uitdagingen betreffen de fietsflat van 120 bij 50 meter voor pak hem beet achtduizend tweewielers, de perrons en een grote kabeltunnel. Om maar een greep te doen.
“De werkzaamheden zullen in 2010 – 2011 op hun hoogtepunt zijn. Dan kun je dagelijks duizend bouwvakkers aantreffen. Niemand van de werklieden mag met de auto naar het station komen, een voorwaarde van de gemeente. Parkeerplaatsen buiten het centrum en pendeldiensten moeten de oplossing brengen”.

Mainport

De Utrechtse wethouder Harm Janssen ziet Utrecht Centraal als een van Nederlands belangrijke mainports. Schiphol, haven Rotterdam en railport Utrecht. Kies zelf maar een volgorde. Op Utrecht Centraal komen en gaan jaarlijks meer reizigers dan op de nationale luchthaven. Waar Schiphol trots is op 45 miljoen uitstappers krijgt station Utrecht al 114 miljoen voeten over de vloer. Prognoses wijzen uit dat het aantal bezoekers van perrons en terminal tot 2020 oploopt tot 100 miljoen.
Unger: “Europees gezien staat Utrecht Centraal in de top tien. Is in het gezelschap van Hauptbahnhof Berlijn, Frankfurt en het Gare du Nord in Parijs. Waarbij je niet moet vergeten dat de meeste andere in de top tien kopstations zijn, waar iedereen uitstapt. We tellen bij onze bezoekers de passagiers die doorreizen niet mee.”
Het stationsgebied van Utrecht ondergaat komende jaren een ingrijpende gedaanteverwisseling. De investeringen worden geraamd op 3,2 miljard euro. Van de zijde van de opdrachtgevers bestaat een nauwe samenwerking tussen gemeente, NS, Corio, Jaarbeurs, Rabo en ProRail. Heel wat overleg zal nog nodig zijn om alle activiteiten op elkaar af te stemmen. Van de werkzaamheden mag de reiziger zo min mogelijk last hebben. Rabo is al bezig met zijn nieuwe hoofdkantoor, bij het nieuwe muziekpaleis neemt de drukte toe.
“We hebben alles gedaan om de risico’s beheersbaar te maken”, zegt Unger. “Tot op lantaarnpaalniveau is het faseringsplan uitgewerkt. Natuurlijk, we zijn niet doof als de aannemers met goede argumenten komen. We leggen ons niet vast maar geven aan hoe het kan. Aan de kant van de opdrachtgevers werkt ProRail in een alliantie met de gemeente Utrecht. We denken na hoe de aannemers tot een betere samenwerking te stimuleren. Incentives werken beter dan penaltys.”
Het werk dat ProRail op Utrecht Centraal te bieden heeft, is volgens Unger slechts 10 tot 15 procent echt spoorgerelateerd. Zo wordt de oppervlakte voor horecavoorzieningen en winkels verdubbeld tot 8000 vierkante meter. Naast de (stalen) fietsflat zijn ondergrondse stallingen nodig. De busstations worden aangepakt, de bewegwijzering vernieuwd. “Voor utiliteitsbouwers is voldoende te vinden. Utrecht Centraal is een project met een lage instap. De noodzaak van grote referentieprojecten bestaat niet. Ook dat is een reden af te zien van de contractvorm design 0x26 construct.”
Marc Unger hoopt het nieuwe Utrecht Centraal te maken tot een internationaal blinkend voorbeeld van het toepassen van zonnecellen. Niet bovenop het grote dak van het terminalgebouw, dat ziet niemand. De overkappingen van de perrons daarentegen hebben alles in zich - mede door de introductie van hooggelegen terrassen - om te fungeren als uithangbord van duurzame energie. Blikvanger van jaarlijks tientallen miljoenen reizigers.

Zonnecellen

“Iedereen is razend enthousiast over het idee van zesduizend vierkante meter zonnecellen. Heel inspirerend. Maar bij de vraag wat heb je er voor over, gedraagt iedereen zich als Pietje Puk. Het is heel lastig het geld uit de diverse fondsen bijeen te brengen. Waarom wijzen we niet een aantal publieke gebouwen aan voor indrukwekkende voorbeeldprojecten? Dat kan ons land een stuk duurzamer maken.”

Reageer op dit artikel