nieuws

Energieprestatie af te lezen in software

bouwbreed

Alleen door een integrale aanpak ontstaan werkelijk duurzame gebouwen, vinden ze bij Autodesk. Hun 3D-ontwerpsoftware maakt steeds grondiger analyses van energieprestaties van bouwwerken mogelijk in een steeds vroegere fase van het ontwerp.

In de Noorse hoofdstad Oslo gaf Autodesk dinsdag het startsein voor een duurzaamheidscampagne. Tegelijkertijd lanceerden de Verenigde Naties daar een tentoonstelling die de komende jaren de wereld rondreist teneinde de problematiek van de broeikas en de smeltende ijskappen nog eens indringend onder de aandacht te brengen.
“De bebouwde omgeving is voor een groot deel verantwoordelijk voor het energiegebruik en de CO 2 uitstoot”, zei vicepresident Amar Hanspal van Autodesk bij die gelegenheid. “En omdat zoveel van die bebouwde omgeving tot stand komt met ontwerpsoftware van Autodesk, vinden wij het belangrijk deze tentoonstelling van het Natural World Museum te sponsoren.
Niet alleen veel gebouwen, bruggen, wegen en industriële installaties komen tot stand met Autodesk-software; ook massaproducten worden ermee ontworpen. Als in die software geen duurzaamheid zit ingebakken, wordt het ook nooit wat met die duurzamere wereld”, aldus Hanspal.

Ontwerpkeuzes

De 3D-software van Autodesk, Revit wordt volgens Hanspal een steeds bruikbaarder instrument om ontwerpen te beoordelen op hun duurzaamheid.
In steeds vroeger stadium is te bekijken wat de gevolgen zijn voor energiegebruik van bepaalde ontwerpkeuzes. Wat gebeurt er met de lichtinval en de energiebehoefte wanneer je een gebouw 10 graden draait? Wat is het effect van grotere ramen? Welke invloed op de warmteweerstand heeft de gevelbekleding of de spouwbreedte? Daarbij worden ook voortdurend de gevolgen in beeld gebracht voor alle andere belangrijke aspecten van een ontwerp, zoals gebruikscomfort en constructieve veiligheid.
De Leed-criteria, de Amerikaanse evenknie van de energieprestatiecoëfficiënt, zijn inmiddels integraal opgenomen in Revit. Dat betekent dat architecten zelfstandig de score op deze duurzaamheidsschaal kunnen bepalen.
Naarmate in andere regio’s ook eenduidiger duurzaamheidscriteria worden ontwikkeld, worden ook die geïncorporeerd in de software. Dat maakt ingenieursbureaus volgens Hanspal geenszins overbodig, maar die kunnen hun aandacht richten op het ontwikkelen van nieuwe concepten. Architecten kunnen met hun software zelf standaardoplossingen doorrekenen.

Voorbeeld

Een mooi voorbeeld van die werkwijze vindt Hanspal de Pearl River Tower die het Amerikaanse architectenbureau SOM ontwierp voor de Chinese stad Guangzhou. De architecten van wolkenkrabbers bij uitstek tekenden een vliesgevel die warmte in de subtropische stad effectief buiten houdt, maar tegelijkertijd zoveel mogelijk benut en omzet in bruikbare energie. Ook de wind die om het gebouw waait, wordt gebruikt om energie mee op te wekken en de luchtstromen voor de klimaatinstallatie aan te jagen. Per saldo zal de 69 verdiepingen tellende kantoortoren meer energie opwekken dan hij verbruikt.
De bevindingen van SOM tijdens dat spraakmakende ontwerp zijn gebruikt om Revit verder te verfijnen en de mogelijkheden van de ontwerpsoftware verder uit te breiden.

Animaties

Een voorbeeld van heel andere orde vindt Hanspal in het werk van de Amerikaanse architect Bill McDonald. Die worstelde met het probleem dat hij zijn opdrachtgevers niet kon overtuigen van het nut van de duurzame voorzieningen die hij voorstelde.
Daarom ging hij aan de slag met 3ds-Max van Autodesk; een programma voor visualisaties en animaties dat is ontwikkeld voor de filmindustrie. Daarmee brengt McDonald nu complete energiestromen in gebouwen in kaart, met dag- en nachtritme en wisselingen van de seizoenen. Ook van de wind- en regenwaterstromen en de lichtval in en rond de gebouwen speelt hij overtuigende filmpjes af op zijn computer. Daarmee sorteert hij veel effect bij zijn opdrachtgevers.
“Natuurlijk staan we nog maar aan het begin”, aldus Hanspal. Op dit moment ontwerpt nog geen 30 procent van de architectenbureaus in 3D, wat hij een voorwaarde vindt voor integraal en dus duurzaam ontwerpen.
Hoe snel de overstap zal gaan durft hij niet te zeggen, want een hele generatie architecten is zo vertrouwd met 2D-software dat ze niet zo snel geneigd zijn de overstap te maken. Maar de jongere generatie wil volgens Hanspal niet anders en werkt met steeds completere gebouwinformatiemodellen, BIM’s. “Binnen die modellen gaan duurzaamheidskenmerken onontkoombaar een steeds prominentere spelen.”

De Pearl River Tower van architectenbureau SOM in het Chinese Guangzhou.

Architectenbureau SOM tekende voor de Pearl River Tower in Guangzhuo een vliesgevel die de warmte buiten houdt. Tevens wordt die warmte optimaal benut en omgezet in energie.
Ook de wind rondom het gebouw wordt gebruikt om energie op te wekken en de luchtstromen voor de klimaatinstallatie aan te jagen.
Illustraties: SOM

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels