nieuws

Werknemer net zo belangrijk als milieu

bouwbreed

Als grootste marktpartij wil de overheid vooral duurzaam inkopen, daarbij sterk rekening houdend met het milieu. Een prima streven. Maar hoe profileert zij zich als grootste opdrachtgever, vraagt Cees van Vliet zich af. Al in het voortraject staat namelijk de duurzaamheid van de werknemers op het spel.

Onderwerpen als de maakbaarheid en de arbeidsomstandigheden krijgen niet altijd de nodige aandacht bij het verlenen van opdrachten. Bijvoorbeeld in de bestratingsbranche. Vaak kán arbovriendelijk worden gewerkt door een machine in te zetten, maar gebeurt dat niet. Terwijl op Straatgoed vorige maand in Rosmalen te zien was dat ook in deze branche een groot aantal machines voorhanden is.
Vaak willen de bedrijven wel, maar wordt door opdrachtgevers onvoldoende middelen beschikbaar gesteld. Bij deze partij komt eerst de prijs, dan de planning en pas daarna de zorg voor de arbeidsomstandigheden. Dat is een knap staaltje kortetermijndenken. Want beknibbelen op de arbeidsomstandigheden pakt uiteindelijk altijd duurder uit. Vroeg of laat draaien we met zijn allen op voor de kosten van verzuim en arbeidsongeschiktheid. Bovendien neemt de kans toe op een tekort aan personeel.

Mechanisch

Ronduit slecht is het dat ook het Rijk, de provincies en gemeenten zich aan dit kortetermijndenken schuldig maken. Er zijn zelfs gemeenten die eisen dat het straatwerk met de hand gebeurt. Elke steen moet een tik hebben, want dat zou de kwaliteit verbeteren. En dat kan alleen als de straatmaker op de knieën gaat.
Hoewel er mensen zijn die beweren dat door mechanisatie het vak versimpelt en het werktempo hoger is, denk ik dat machines juist veel zwaar werk uit handen nemen. Als het beleid van het bedrijf maar voldoende op mechanisch werken is ingericht. Dat betekent dat bijvoorbeeld aan taakroulatie moet worden gedaan. Als het gaat om de zorg voor de arbeidsomstandigheden heeft de overheid grote verantwoordelijkheid. De vraag is waarom de overheid deze wel neemt bij haar rol als inkoper, maar soms negeert wanneer ze optreedt als opdrachtgever van bouwprojecten.

Consequent

Wanneer de overheid een project aanbesteedt, zou ze juist altijd rekening moeten houden met de maakbaarheid, de snelheid waarmee het werk gemaakt moet worden en de gezondheid en veiligheid van onderhoudsmensen, schilders en glazenwassers. De overheid is er immers om iedereen te beschermen. En omdat ze een grote opdrachtgever is, zijn veel werknemers bij een arbovriendelijke aanpak gebaat. Daar komt bij dat de overheid een voorbeeldfunctie vervult. Ze zou nooit profijt moeten willen halen ten koste van anderen en een dergelijk beleid consequent doorvoeren. Naar de diverse sectoren dient ze uit te stralen dat haar verantwoorde manier van werken de juiste is.
Over de hele linie is vooral de aandacht voor de maakbaarheid en het onderhoud een ondergeschoven kindje. Dit leidt in de praktijk tot onnodig grote risico’s. Voor de veiligheid van de betrokken onderhoudsmensen zijn (permanente) voorzieningen noodzakelijk, zoals dakrandbeveiliging en bevestigingspunten voor veiligheidslijnen. De veiligheid begint dus eigenlijk al in de ontwerpfase. Dit is ook economisch gezien rendabel. Tijdens het onderhoud de voorzieningen tijdelijk aanbrengen is immers veel duurder. Helaas hapert de machine al in het voorbereidende stadium. De opdrachtgever heeft de verplichting tot het aanstellen van een Coördinator Ontwerpfase (CO). Deze dient het opstellen van een risico-inventarisatie en evaluatie van het ontwerp voor zijn rekening te nemen.
In geval van risico’s die niet op voorhand zijn uit te sluiten, kan het ontwerp worden herzien zodat de risico’s tot een acceptabel niveau zijn teruggebracht. De restrisico’s worden opgenomen in het veiligheids- en gezondheids (V&G)-plan. De hoeveelheid restrisico’s is een goede indicator voor de mate waarin de ontwerper maatschappelijk verantwoord onderneemt. Uiteindelijk moet het V&G-plan voor de ontwerpfase aan het uitvoerende bedrijf worden overhandigd. Maar de naleving van deze verplichting voldoet in veel gevallen niet. Daarmee wordt de mogelijkheid onbenut gelaten om vroegtijdig de risico’s te verminderen.
Dat het bouwbedrijf in de praktijk dus regelmatig opnieuw moet beginnen met het opstellen van een V&G-plan is vervelend en jammer tegelijk. De veiligheid en gezondheid mogen voor de opdrachtgever misschien niet zo belangrijk zijn als de esthetische aspecten, voor het bouwbedrijf is dat wel degelijk het geval. Datzelfde zou moeten gelden voor de overheid in de rol van opdrachtgever. Ook is er een belangrijke rol voor de arbeidsinspectie weggelegd. Zij zal bij overtredingen van de regels kritisch moeten kijken naar het door de opdrachtgever aangeleverde V&G-plan. Wanneer vaker ook de opdrachtgever wordt aangesproken op zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid, vergroot dat het bewustzijn en de naleving.

Regeerperiode

De arbeidsomstandigheden maken deel uit van een doorlopend proces. Wanneer dit proces goed verloopt, heeft dit tal van voordelen. Goede arbeidsomstandigheden zorgen ervoor dat de planning wordt gehaald en de kwaliteit gewaarborgd blijft. Goede arbeidsomstandigheden leiden tot minder uitval, waarmee waardevolle arbeidskrachten worden behouden. Dat is in elk geval waar het Arbouw om gaat. De overheid zal in de komende regeerperiode moeten laten zien dat het een opdrachtgever is die verder kijkt dan de prijs en de planning. Zeker zo belangrijk als het milieu is de duurzaamheid van de werknemers in onze sector.
Cees van Vliet
Algemeen directeur Arbouw,
Amsterdam

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels