nieuws

Faalkosten in onderwijs

bouwbreed Premium

Verkeerde studiekeuzes en een slechte aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt kosten Nederland 16 miljard euro per jaar. De Telegraaf ontleende dit bericht aan een rapport van de Nationale Denktank. De Denktank heeft onder supervisie van managementadviesbureau McKinsey een aantal berekeningen gemaakt met de kosten van 16 miljard euro als resultaat. Ook andere sectoren kunnen dus meepraten over faalkosten, dacht ik bij lezing van dit volgens de krant alarmerende bericht. Het totale bedrag van de faalkosten is opgebouwd uit verschillende posten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen kosten voor lesgeven aan studenten die er uiteindelijk niets mee doen, niet-optimale studiekeuzes, onnodig grote studie-uitval, de onderbenutting van de capaciteiten van leerlingen en de inflexibiliteit van het Nederlandse onderwijssysteem. Dan is ongeveer de helft van de onnodige kosten verklaard. De overige kosten worden gemaakt voor bijscholing en openstaande vacatures. En dat allemaal door verkeerde studiekeuzes.

Verkeerde studiekeuzes en een slechte aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt kosten Nederland 16 miljard euro per jaar. De Telegraaf ontleende dit bericht aan een rapport van de Nationale Denktank. De Denktank heeft onder supervisie van managementadviesbureau McKinsey een aantal berekeningen gemaakt met de kosten van 16 miljard euro als resultaat. Ook andere sectoren kunnen dus meepraten over faalkosten, dacht ik bij lezing van dit volgens de krant alarmerende bericht. Het totale bedrag van de faalkosten is opgebouwd uit verschillende posten. Er wordt onderscheid gemaakt tussen kosten voor lesgeven aan studenten die er uiteindelijk niets mee doen, niet-optimale studiekeuzes, onnodig grote studie-uitval, de onderbenutting van de capaciteiten van leerlingen en de inflexibiliteit van het Nederlandse onderwijssysteem. Dan is ongeveer de helft van de onnodige kosten verklaard. De overige kosten worden gemaakt voor bijscholing en openstaande vacatures. En dat allemaal door verkeerde studiekeuzes.
Het meest opvallende in de bovenstaande opsomming vind ik de verenging van het doel van het onderwijs tot het optimaal functioneren van mensen op de arbeidsmarkt. En daarbij dan de veronderstelling dat het onderwijs personen met een bagage op maat zou kunnen opleveren. Veranderingen van studiekeuze heten onnodige kosten. Algemene vorming en oriëntatie op de toekomst is er niet meer bij. Vacatu-
res, die blijven openstaan, worden gekoppeld aan te weinig mensen die een opleiding in de richting van de niet bezette banen hebben gekozen. Met dit soort redeneringen zijn heel wat rapporten te vullen en kan je tot heel hoge kosten komen. Alleen, je hebt er niet zoveel aan. Het gedrag van jongeren die voor
de keuze van scholing en beroep staan zal niet veranderen door de rekensommen.
Hoe kan een jongere bovendien weten wat de arbeidsmarkt hem over een aantal jaren te bieden heeft. En is het toch al niet zo, dat andere rapporten ons leren, dat we ons moeten instellen op een dynamische toekomst met bijscholing en overstappen naar heel andere beroepen? Wat kost dat dan wel niet.
Maar als je dan wel kiest voor een beroep met grote kans op werk in de toekomst en je bijvoorbeeld aanmeldt voor een bouwopleiding. Dan wordt het volgende oordeel over je uitgesproken door personen in de bouwpraktijk. VMBO-ers missen vooral technische competenties, MBO-ers hebben te weinig technische en procesmatige competenties, HBO-ers schieten tekort op alle competenties die voor de uitoefening van hun beroep denkbaar zijn en WO-ers ten slotte komen tekort in technisch, juridisch en commercieel opzicht. Deze uitspraken ontleen ik aan de publicatie van de Regieraad Bouw ‘Bouwen aan het Vak’ van december vorig jaar.
Geen wonder dat bijna 60 procent van de ondervraagden gewag maakt van een kloof tussen onderwijs en bedrijfsleven als grootste knelpunt in de bouw. Over de afname van technische vaardigheden klaagt de helft.
De vraag is nu wie of wat niet deugt. Zijn het de jongeren die er een potje van maken en maar lukraak aan een opleiding beginnen? Zijn de onderwijsinstellingen niet in staat een fatsoenlijk curriculum op te stellen en dat ook in de praktijk aan hun leerlingen slijten? Of bestaan in het bedrijfsleven weinig realistische opvattingen over wat een schoolverlater meebrengt naar zijn arbeidsplek? Maken we voorts niet steeds een vergelijking met het verleden met een wel zeer romantische kijk op school en beroep in die tijd?
Natuurlijk valt er veel te verbeteren. Altijd. Maar het moet beginnen met een realistische kijk op de gesignaleerde problemen. Dat geldt overigens ook voor de bouw. Wie goed kijkt naar wat allemaal tot de faalkosten, veroorzaakt door het onderwijs, wordt gerekend kan niet anders dan concluderen dat een groot deel onvermijdelijke kosten zijn. Net als bij de faalkosten in de bouw.
Prof.drs. Adri Buur
Buur Consultancy,
Hoorn
a.buur@hccnet.nl

Reageer op dit artikel