nieuws

Wij zijn twee vrienden, jij en ik….

bouwbreed Premium

Waar zou Bassie zijn zonder Adriaan? Jip zonder Janneke? Grijpstra zonder de Gier? Willem Alexander zonder Máxima? Ik zie ze al voor me, zielig en alleen. Niemand om iets leuks mee te ondernemen of om mee te praten.

Waar zou Bassie zijn zonder Adriaan? Jip zonder Janneke? Grijpstra zonder de Gier? Willem Alexander zonder Máxima? Ik zie ze al voor me, zielig en alleen. Niemand om iets leuks mee te ondernemen of om mee te praten.
Zonder vrienden loop je veel leuke dingen mis, dat werd wel duidelijk op de lagere en middelbare school. Het verschil tussen de populaire kids en de muurbloempjes werd extra duidelijk vlak voor verjaardagen. Op het moment dat een jarige in spe met een voorverjaardagsglimlach op
zijn gezicht met de uitnodigingen i n de hand de klas rond ging, voelde je de spanning stijgen. Wie werd er wel en wie werd er niet uitverkozen om naar het verjaardagsfeestje te gaan? De beste vriendjes wisten zich verzekerd van een uitnodiging, die maakten zich nergens druk om. Maar dan de rest… Met steeds vochtiger wordende handpalmen wachtte de rest af of ze an toch, mis schien, eindelijk, alsjeblieft, ook een keer
bij het feestgezelschap konden aansluiten.
Ook in het leven na de middelbare school blijkt een bevriend netwerk van mensen en bedrijven erg prettig. Niet alleen om uitnodigingen voor feestjes te ontvangen, alhoewel dat natuurlijk leuk blijft, maar ook om misschien net iets gemakkelijker opdrachten binnen te slepen of bestuursfuncties te bemachtigen. Met wie je verkiest zaken te doen hangt nou eenmaal, uiteraard binnen de wettelijke ruimte die er is, voor een groot deel af van hoe sympathiek je iemand vindt, of om hoe goed je een bepaalde partij al kent.
Dat laatste speelt een grote rol bij het kiezen voor consortiumpartners om gezamenlijk mee te gaan inschrijven op een pps-project. Veel partijen kiezen óf vrijwel automatisch een samenwerkingsverband met de partners waar ze een vorige keer ook, al dan niet bekroond met een gewonnen project, gezamenlijk mee hebben ingeschreven, óf voor een partij die ze op een andere manier al goed hebben leren kennen. Dat is op zich een heel begrijpelijke manier van werken. Immers, elke inschrijving gaat gemoeid met veel tijd en geld en heeft een onzekere kans van slagen. Om dan ook nog eens tijd te ‘verliezen’ door secuur op zoek te gaan naar de meest geschikte partner for the job lijkt daarom weinig aantrekkelijk. Liever snel schakelen met een partij die je al kent en waarvan je een redelijke goede inschatting kan maken wat je aan elkaar hebt. Tijd is geld nietwaar.
Maar jammer is het wel, omdat zo de kansen voor relatief nieuwe spelers om de pps-markt te betreden erg klein worden. Bij vrijwel alle aanbestedingen van pps-projecten kom je weer dezelfde partijen tegen in vaak ook dezelfde consortiumsamenstelling. Daarmee is natuurlijk niet gezegd dat er iets mis is met deze partijen. Integendeel. Zij zijn de partijen die kennis en ervaring opdoen en een gedegen track-record aan het opbouwen zijn. Maar toch, het blijft jammer. In een sector waar juist concurrentie essentieel is om scherp te blijven, te blijven innoveren en tot een optimaal samenspel tussen opdrachtgever en opdrachtgever te komen zou het zo goed zijn als er ruimte blijft voor nieuwe impulsen. Waar partijen steeds weer opnieuw bekijken met welke partner er een optimaal product neergezet kan worden. De pps-markt is immers bedoeld als innovatief ten opzichte van traditionele uitvoeringsvormen. Om die vernieuwende wijze van werken te omringen met een vastgeroeste sector zou een gemiste kans zijn.
Nou ben ik de laatste die wil stoken in een goed huwelijk, maar: kijk eens wat vaker om je heen. Of is de mens zo monogaam dat hij ook in het zakelijk leven probeert het aantal partners tot een minimum te beperken?

Reageer op dit artikel