nieuws

Schelpkalkmortel bezig aan inhaalslag

bouwbreed

DEN HAAG – Schelpkalkmortel is bezig aan een inhaalslag, nadat het bouwmateriaal een tijdje in onmin is geweest. De laatste Nederlandse schelpkalkoven in Harlingen is sinds 2000 dicht. Tegenwoordig wordt mortel uit Duitsland geïmporteerd. Het wordt voornamelijk gebruikt bij monumentale restauraties en milieuvriendelijk bouwen. Nieuw voor Nederland is dat de schelpkalkmortel nu ook machinaal kan worden gevoegd. De mortel is geschikt gemaakt voor verwerking met een gepatenteerde peristaltische pomp.

Ooit was de Nederlandse schelpkalkindustrie een omvangrijke en belangrijke bedrijfstak. Verspreid over Nederland stonden meer dan 130 branderijen, waar men schelpen brandde ten behoeve van metselmortels. Maar de nadelen van het spul maakten dat cementmortels de slag hebben gewonnen. De laatste Nederlandse branderij in Harlingen sloot in 2000 de deuren. Schelpkalkmortels Nederland uit Rotterdam levert tegenwoordig schelpkalkmortel van Baltus uit Bremen, net als de voor het machinaal voegen benodigde pomp van Inotec.

De kalk wordt gebrand van schelpen die uit de Waddenzee zijn gewonnen. De schelpkalk is vrij van cement en van chemische toevoegingen.

Machinevoegmortel

Nieuw in Nederland is de toepassing van de machinevoegmortel. De daarvoor benodigde pomp wordt als nieuw gereedschap een mooie toekomst voorspeld.

In combinatie met de mechanische voegspijker kan de werkwijze grote voordelen opleveren voor de nieuwe generatie voegers. De uitvoering van het voegwerk is zeer arbovriendelijk, omdat het minder slijtage aan schouders, polsen, rug en dergelijke veroorzaakt. Het gewicht van de pomp ligt net boven de 25 kilogram, waardoor de machine goed te vervoeren is. Er wordt een kuip op de machine gedraaid die geschikt is voor circa 30 liter mortel. De peristaltische pomptechniek drukt de mortel naar het vulpistool, waarmee de mortel in de voeg wordt aangebracht. Nadat de voeg is gevuld met de mortel dient men deze alleen nog maar door te strijken. Dit kan met behulp van een pointer of de mechanische voegspijker.

Deze nieuwe techniek moet worden aangeleerd. Hier is misschien een taak weggelegd voor de opleidingsinstituten voor voegers. Zij kunnen een nieuwe generatie voegers opleiden, die vertrouwd raakt met de techniek.

Doordat schelpkalkmortels trager uitharden dan cementmortels wordt pas later de volledige drukvastheid bereikt. Bijzonder kenmerk van de schelpkalkmortels is een relatief goede elasticiteit waardoor in beperkte mate uitzettingen kunnen worden opgevangen zonder dat de gevel meteen scheurt. Ook verkleint het gebruik van schelpkalkmortels volgens de fabrikant de kans op uitbloei en vorstschade. Schelpkalk is hernieuwbare grondstof, het metselwerk heeft een lange levensduur en kent een lage energiebehoefte voor de productie. Een belangrijk indirect milieueffect is dat schelpkalkmortels afbikbaar zijn, zodat metselbakstenen na sloop opnieuw kunnen worden gebruikt. Op dit moment ontstaat in Nederland een steeds grotere berg metselwerkpuingranulaat afkomstig van met cement gemetselde gebouwen. Dit materiaal wordt relatief laagwaardig toegepast. Door met schelpkalkmortels te metselen zijn bakstenen muren in feite demontabel.

In Nederland bestaat een aanbod van gebruikte metselbakstenen, die opnieuw voor metselwerk kunnen worden gebruikt. Het energie- en kleigebruik dat nodig is voor het bakken van nieuwe stenen wordt zo vermeden.

Voegmortels gewonnen uit de zee

Schelpkalk wordt gemaakt van schelpen die met cokes worden gebrand en daarna met water geblust. Samen met water, zand en eventueel cement kan een metselmortel worden gemaakt.

De grondstof schelpen, schalen van schelpdieren die tijdens hun leven kalk hebben opgenomen en vastgelegd uit zeewater, is hernieuwbaar. De soms 40 meter lange schelpenbanken groeien steeds aan. Allerlei schelpen zijn geschikt als grondstof voor de schelpkalkfabricage. Kleischelpen zijn ongeschikt. Deze worden toegepast voor onder meer fiets- en wandelpaden.

Schelpen worden gezogen met een hopperzuiger. Een pomp werkt de schelpen door een zuigbuis naar boven waar ze in een stortbak terechtkomen. Het zand verdwijnt grotendeels weer door het gaas van deze stortbak. Bonken veen en keien worden via een trilzeef gescheiden van de schelpen.

De kwaliteit van schelpkalkmortels is goed. Duizenden monumentale panden, maar ook recente woningen, zoals bijvoorbeeld de Ecosolar-woningen in Goes, laten zien dat dergelijke mortels duurzaam en voldoende sterk zijn.FOTOBIJSCHRIFT:

Nadat de voeg is gevuld met mortel, hoeft deze alleen nog maar te worden doorgestreken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels