nieuws

Energie

bouwbreed

De ijscoboer en de energieleverancier komen aan huis. Zo gauw het voorjaar aanbreekt, rijdt de eerste regelmatig vrolijk bellend door de straat. Ik koop zijn ijsjes zelden. Toch ben ik blij dat hij er is. Als ik niets koop, hoef ik ook niets te betalen. Onlangs viel de jaarafrekening van het energiebedrijf in de bus. […]

De ijscoboer en de energieleverancier komen aan huis. Zo gauw het voorjaar aanbreekt, rijdt de eerste regelmatig vrolijk bellend door de straat. Ik koop zijn ijsjes zelden. Toch ben ik blij dat hij er is. Als ik niets koop, hoef ik ook niets te betalen.

Onlangs viel de jaarafrekening van het energiebedrijf in de bus. Daar is geen ontkomen aan, ook niet zonder klandizie. De vergelijking gaat deels mank. Wat de ijscoboer betreft kunnen we niet genoeg van hem kopen. De energiereus roept dagelijks dat “verspilling killing” is en treedt toe tot het visionaire gezelschap dat het kabinet adviseert over te schakelen op duurzame energie. Een slimme zet van de ministers van VROM en Economische Zaken. Met hun verzoek om advies voor het toekomstige energiebeleid hebben ze bij de private sector commitment verkregen voor wat ze zelf al langer willen.

Samen met aan de overheid gelieerde onderzoeksinstituten vormen bedrijven als Essent, Shell, Eneco en de Rabobank nu een eenstemmig gezelschap dat de vergeten boodschap van de Club van Rome uit begin jaren zeventig heeft opgepoetst en van een hedendaagse hoogglanslaag voorzien. Interessant is vast te stellen dat veel van dit soort bedrijven in de praktijk niet voorop lopen met het scheppen van voorwaarden voor energiebesparing en de ontwikkeling van alternatieve bronnen. Banken geven huizenbezitters geen extra financieringsruimte voor de daarvoor vereiste investeringen, ook al zouden daarmee de totale woonlasten flink dalen. En verspilling is zeker �killing� maar voor de rekening van het nutsbedrijf maakt het tamelijk weinig uit; de hoge vaste tarieven overtreffen vlot de variabele verbruikskosten. Wel handig, zo�n vast tarief, om te zorgen voor continuïteit in omzet als consumenten echt gaan besparen. Tijdens de eerste oliecrisis ontstond een schandaal omdat de bevolking massaal gehoor gaf aan de oproep om lampen uit te doen en de gordijnen te sluiten. Prompt verhoogden de nutsbedrijven het tarief om het verlies aan inkomsten te compenseren. Het voorbeeld van de ijscoboer valt te volgen. De kosten van productie (ijsmakerij) en transport (ijscokar) zijn verrekend in de prijs van het eindproduct. Het is voor bedrijven een gangbare manier van werken. De nutssector vormt een aberratie. Verspilling is het gevolg.

Bart Mullink

Redacteur Cobouw

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels